Hoe wist het Van Gogh zo snel dat ze imitaties te pakken hadden?

Strijd tussen het museum en makers schetsboek

Het was wereldnieuws, half november: de vondst van een tot nu toe onbekend schetsboek van Vincent van Gogh. Het naar hem genoemde museum gaf het meteen het predicaat 'niet echt'. Hoe kon dat zo snel? En wat krijgen ze daar nog meer aangeboden?

Bogomila Welsh met het schetsboek uit Arles. Foto AP

Ze kunnen zich nog goed hun enthousiasme herinneren toen in 2011 de foto van de aquarel binnenkwam. Die leek sprekend op het werk met nummer 1.534 uit de allereerste catalogus die van het oeuvre van Vincent van Gogh is gemaakt, een kleine dertig jaar na diens zelfmoord in 1890. Sindsdien was 'F1534' - de F staat voor catalogussamensteller Jacob Baart de la Faille - niet meer in de openbaarheid gezien.

Per kerende post werd de eigenaar van het werk verzocht om na de foto ook de aquarel zelf naar het Van Gogh Museum in Amsterdam te sturen, zodat het nader kon worden onderzocht. Toen dat arriveerde, groeide de geestdrift. Het toonde qua afbeelding, stijl en kleuren sterke verwantschap met een werk uit de museumcollectie: F1533, één Faillenummer lager.

'Je verheugt je erop dat je een echte Van Gogh te pakken hebt', zegt Marije Vellekoop, hoofd Collectie en Onderzoek van het museum. Seniorresearcher Teio Meedendorp: 'Er is niets leukers dan iets te ontdekken en aan het oeuvre toe te kunnen voegen.'

Als zij zes jaar later de twee aquarellen naast elkaar tonen in een depot van het museum, is hun geestdrift goed voor te stellen. Beide werken zien er, ondanks verkleuringen, spectaculair uit. Alleen: het opgestuurde exemplaar bleek niet echt.

Het behoort tot de vervalsingen die de Berlijnse galeriehouder Otto Wacker zo'n tachtig jaar geleden als echte Van Goghs verkocht. De werken kwamen volgens Wacker uit een Russische collectie, maar al snel brak strijd uit over de vraag of ze wel echt waren. 'Toen stonden de experts tegenover elkaar', zegt seniorresearcher Meedendorp. 'Dat heb je nu weer.'

Wacker werd in 1932 veroordeeld voor fraude. De nieuwe controverse waarop Meedendorp doelt, kent nog geen duidelijke afloop.

Het was wereldnieuws op 15 november vorig jaar: de publicatie van niet minder dan 65 nieuwe tekeningen van Van Gogh, uit zijn hoogtijdagen in Arles. Ze waren aangetroffen in een brouillard, een ongelinieerd grootboek, dat gewoonlijk als kasboek werd gebruikt. In 1944 was het gered uit een gebombardeerd pand in de Zuid-Franse stad, was het verhaal. De vinder had het schetsboek doorgegeven aan haar dochter, die er pas een halve eeuw later mee naar deskundigen was gestapt.

Even opzienbarend was het oordeel van het Van Gogh Museum, terstond na de presentatie van Vincent van Gogh. Het verloren schetsboek uit Arles. In een lang persbericht serveerde het museum de schetsen af als 'imitaties': inkt, stijl en ontwikkeling kloppen niet, er zitten voor Van Gogh niet karakteristieke fouten in en de herkomstgeschiedenis roept ook veel vragen op.

Als ze volgens het museum wel echt waren geweest, zouden de originele schetsen een fortuin waard zijn geweest. Maar door het vonnis van het museum zal geen veilinghuis zijn handen eraan willen branden. Financiële tegenslag dreigt ook voor de uitgevers van het boek, dat voor 69 euro in heel wat boekhandels ligt; het verscheen in vier talen tegelijk in een totale oplage van 70 duizend exemplaren.

Pijnlijk

De afwijzing is om nog een reden pijnlijk: het Van Gogh Museum kent de schrijfster van Het verloren schetsboek uit Arles goed. De 77-jarige Bogomila Welsh-Ovcharov is een kunsthistorica en emeritus hoogleraar met meerdere boeken over Van Gogh op haar naam. In 1981 maakte ze een tentoonstelling voor het Van Gogh Museum. 'Ze hoort bij de vroege groep echt serieuze Van Gogh-onderzoekers', stelt Meedendorp. 'Ze bracht als eerste een chronologie aan in het Parijse oeuvre. Dat is het moeilijkste oeuvre van Van Gogh, omdat het niet met brieven is gedocumenteerd.'

Ook de gerenommeerde Britse kunsthistoricus Ronald Pickvance, eveneens veelschrijver over Van Gogh, meent dat het schetsboek echt is. Het is 'de meest revolutionaire ontdekking in de hele geschiedenis van Van Goghs oeuvre', schrijft Pickvance in het voorwoord van Welsh' boek. De twee deden bij elkaar opgeteld ruim 90 jaar onderzoek naar de schilder.

Meningsverschillen tussen kunsthistorici over toeschrijvingen komen veel voor; part of their trade. Maar de frontale botsing na de presentatie van het schetsboek is in hun bedachtzame wereld nogal ongewoon.

Welsh en haar Franse uitgever Le Seuil brachten sinds 15 november niet minder dan vier communiqués uit, waarin ze stellen dat het Van Gogh Museum bezig is met een 'lastercampagne' en een 'uitzonderlijk gewelddadig offensief', dat als enig doel heeft hun boek in diskrediet te brengen. Een claim tot schadevergoeding ligt dan ook in het verschiet, klonk het dreigend.

Het Van Gogh Museum liet zich ook niet onbetuigd. Het stuurde twee lange persberichten de wereld in. Een unicum; voorheen weigerde de kunstinstelling altijd bekend te maken of een in de publiciteit gekomen werk een echte Van Gogh is of niet. Nu werd zelfs in tv-programma Pauw uitgelegd waarom de tekeningen onmogelijk door de schilder kunnen zijn gemaakt.

Waarom ging het museum er zo met gestrekt been in? Vellekoop en Meedendorp herkennen zich niet in dat beeld, maar zijn wel graag bereid nadere uitleg te verschaffen.

Oordeel: niet authentiek. 'Dit is een werk dat in de allereerste oeuvrecatalogus van Van Gogh staat, maar daarna nooit meer is gezien. Het lijkt ook sterk op een werk in onze collectie, gemaakt met een combinatie van verdunde olieverf, inkt en een beetje aquarel. Het ingestuurde werk is helemaal aquarel. Dat is raar. Als dit soort werken van Van Gogh ouder worden, krijg je in sommige strepen een verschil van verkleuring.' Foto Van Gogh Museum

Monopoliepositie

Iedere eigenaar van een vermeende Van Gogh kan het museum vragen die te onderzoeken. Jaarlijks krijgt het Van Gogh Museum ongeveer tweehonderd van zulke verzoeken. De eigenaar moet een foto van het werk sturen, en twee experts van het museum bekijken die - gratis. Als het enigszins aan een echte Van Gogh doet denken, wordt het werk naar Amsterdam gehaald. Dan wordt het door alles zes experts bestudeerd en zonodig technisch onderzocht.

'Wij geven geen echtheidscertificaten', zegt Meedendorp. 'Wij geven onze opinie. Een subtiel verschil, maar wel een belangrijk verschil. Wij zeggen ook altijd: het staat jullie vrij andere experts te raadplegen.' Vellekoop: 'We hebben zelf een kwart van het geschilderde en de helft van het getekende oeuvre van Van Gogh. Die collectie is goed onderzocht, waardoor we veel referentiemateriaal hebben. Dat maakt dat we voor particulieren en de kunsthandel de aangewezen plek zijn om naar toe te gaan. We krijgen wel eens het verwijt dat we een monopoliepositie hebben, maar daar kunnen we zelf niet veel aan doen.'

Van Vincent van Gogh (1853 - 1890) zijn nu ongeveer 850 schilderijen bekend en 1.150 werken op papier. Nieuwe ontdekkingen komen niet vaak voor: sinds 1988 werden twaalf werken aan het oeuvre toegevoegd, in meerderheid tekeningen.

De meeste inzendingen die het museum ontvangt, vallen snel af. Zo kostte de beoordeling van een typische Van Gogh-tekening van een boer weinig tijd: het betrof een kleine poster uit het Kröller-Müller, de naam van het museum stond er onder. 'Er wordt gezegd: het museum kan niet op basis van foto's oordelen. Nou, in een heleboel gevallen kun je dat goed', stelt Meedendorp. Maar er zitten ook casussen bij die anderhalf jaar onderzoek vergen.

Tot voor kort kon het museum nooit iets zeggen over de uitkomst van een authenticiteitonderzoek als de aanvrager daarvoor geen toestemming had verleend. Die contractuele voorwaarde is aangepast toen in 2015 de mogelijkheid werd geschapen om dit soort verzoeken online te doen.

Sindsdien moet de aanvrager er vooraf mee instemmen dat het museum de foto van zijn werk en het oordeel daarover in de openbaarheid kan brengen. De naam van de aanvrager blijft op diens verzoek nog steeds geheim.

'We stonden vaak met de handen op de rug gebonden als zaken in de pers kwamen', verklaart Vellekoop. Dat gebeurde geregeld; het museum heeft heel wat 'Van Goghs' afgewezen. Teleurgestelde eigenaren spanden al viermaal een rechtszaak aan - die ze alle vier verloren.

In de 21 jaar die Vellekoop voor het museum werkt, is volgens haar meermaals de vraag opgeworpen of niet met de authenticiteitsonderzoeken moet worden gestopt. 'Er gaat veel tijd in de behandeling van al die aanvragen zitten', zegt ze. 'En daar komen de laatste jaren de rechtszaken bij. Maar wij vinden dat het bij onze kerntaak hoort. Wij zijn niet alleen een museum , maar ook een wetenschappelijk instituut. Die onderzoeken geven ons ook de kans nieuwe ontdekkingen te doen. Stel dat we ermee stoppen. Dan gaan Sotheby's en Christie's ons niet meer benaderen. Dan ontnemen we onszelf ook de mogelijkheid om zelden geziene werken te bestuderen.'

Ook bij de 65 tekeningen uit Arles werd een oordeel van het museum gevraagd, in 2007 al, negen jaar vóór de publicatie van Het verloren schetsboek. De eigenaar stuurde toen foto's van een groot deel van de schetsen op en het omslag van de brouillard. Na bestudering was volgens het Van Gogh Museum geen nader onderzoek nodig: ze zijn niet echt.

In 2012 meldde de eigenaar zich opnieuw, ditmaal met vier originele pagina's uit een notitieboekje dat volgens hem tegelijk met het schetsboek was gevonden. Daarin zouden afrekeningen, leveringen en andere zakelijke aantekeningen staan van een werknemer van Café de la Gare in Arles. In deze kroeg annex pension, door Van Gogh vereeuwigd in het schilderij Het Nachtcafé, huurde de schilder enige tijd een kamer. De uitbater is door hem meermaals geportretteerd als L'Arlésienne.

Oordeel: niet authentiek. 'Hierop staat de naam van Vincent en is de Sacré-Coeur in Parijs te zien. Die had echter pas in 1910 deze vorm, twintig jaar na de dood van Van Gogh.' Foto Van Gogh Museum

Toevallig

Op een van die pagina's staat dat dokter Rey in mei 1890 een 'groot tekeningenboek' in het café heeft afgegeven 'namens de schilder Van goghe' (die toen in een inrichting verbleef). Rey is de arts die Van Gogh behandelde nadat die zijn oor had afgesneden. Op een andere pagina staat een notitie over Van Goghs meubilair.

Het museum vindt het vreemd dat de eigenaar pas vier jaar na het schetsboek de pagina's uit het notitieboekje opstuurde, die ook nog eens extra bewijs zouden leveren voor het bestaan van dat schetsboek. Meedendorp: 'Dat is destijds geïnterpreteerd als wel heel toevallig. Waarom is dat niet al in eerste instantie meegestuurd? Het gaf geen reden ons standpunt te herzien.' Vellekoop: 'Ons was gevraagd: wat vinden jullie van de tekeningen? Daarover hebben we uitspraak gedaan. We hebben geen expertise op het terrein van handschriften.'

Bogomila Welsh, auteur van Het verloren schetsboek uit Arles, stelt dat het museum nooit serieus onderzoek naar de tekeningen heeft gedaan. Volgens haar werd de eigenaar van het schetsboek door het museum afgescheept met slechts één zin: 'We hebben het materiaal bestudeerd en op stilistische gronden is het onze mening dat deze werken niet kunnen worden toegeschreven aan Vincent van Gogh.' Het enige wat de eigenaar toen nog kon doen, was een andere 'erkende geleerde en deskundige op het gebied van Van Gogh' in de arm nemen - Welsh dus.

Oordeel: niet authentiek. 'Dit werk is afkomstig van een Roemeense rommelmarkt. Van Gogh is nooit in zo'n landschap geweest. Het klopt stilistisch ook niet en is met een andere naam gesigneerd.' Foto Van Gogh Museum

De Canadese kunsthistorica ging in 2013 zelf bij het Van Gogh Museum langs met originele bladen uit het schetsboek, maar trof 'desinteresse' aan. Volgens Vellekoop is daar een simpele verklaring voor. 'We hebben niet aan haar laten doorschemeren dat we daar al eerder uitspraak over hadden gedaan, want dat mocht niet volgens de toenmalige procedure. We hebben gezegd: Goh, interessant, vraag de eigenaar of onze mening gewenst is. We hebben nooit meer wat gehoord.'

Groot was de verrassing dan ook toen uitgever Le Seuil op 21 juni 2016 aankondigde dat er een bijzondere vondst was gedaan die snel zal worden gepubliceerd: een brouillard met schetsen van Van Gogh. 'Door dat woord hadden we de link snel gelegd', zegt Vellekoop. Daarop heeft het museum bij zowel de eigenaar als Welsh geïnformeerd of in het aanstaande boek ook te lezen is dat het Van Gogh Museum de schetsen als imitaties beschouwt. Die vraag werd niet beantwoord.

Een week voor de presentatie in Parijs kreeg het museum Het verloren schetsboek uit Arles opgestuurd. Er bleek niets over het oordeel van het museum in te staan, wat tamelijk ongebruikelijk is bij dit soort kunsthistorische publicaties. Volgens Welsh heeft het museum geen wetenschappelijk onderzoek ingesteld, dus hoeft dat ook niet te worden vermeld. Het Van Gogh voelde zich genoodzaakt zijn eerdere afwijzing zelf naar buiten te brengen. Meedendorp: 'Iedereen dacht dat wij die werken niet kenden.'

Roodgloeiend

Had het museum niet gewoon het boek moeten negeren? Het ontbreken van een oordeel van het Van Gogh zegt kenners toch genoeg? Vellekoop: 'We hadden veel verzoeken van de pers om een reactie. Al vanaf juni, toen naar buiten was gekomen dat er iets ontdekt was, stond de telefoon bij ons roodgloeiend.' Meedendorp: 'Het is nooit eerder voorgekomen dat met veel bombarie een ontdekking naar buiten wordt gebracht en wij daar niet van op de hoogte of bij betrokken zijn. Dit is een heel dikke publicatie, iets anders dan een tekening die op de markt komt waarnaar geen onderzoek is gedaan.'

In Het verloren schetsboek uit Arles zijn niet alleen alle schetsen gereproduceerd, maar ook de 26 pagina's uit het notitieboekje die bewaard zijn gebleven. Twee pagina's die het Van Gogh in 2012 had toegestuurd gekregen, zijn echter niet afgedrukt, ontdekte het museum. Daarop staat onder meer de aantekening over het meubilair van de schilder. Toch is die notitie te vinden in het boek van Welsh: het staat in vrijwel dezelfde bewoordingen onder een andere datum in het notitieboekje. Hoe kan dat?

Deze herhaling is 'intrigerend', erkennen Welsh en Le Seuil, maar zegt volgens hen niets over de authenticiteit van het notitieboekje. Wel geven ze toe dat er een 'spijtige' fout is gemaakt: een familielid van de eigenaar heeft kort voor het ter perse gaan van het boek 'uit sentimentele overwegingen' een blaadje achtergehouden zonder dat iemand te vertellen.

Dat het notitieboekje echt is, blijkt volgens auteur en uitgever ook uit de research die Bernadette Murphy voor hen heeft verricht. Murphy schreef het in juli 2016 verschenen Van Goghs oor. Het ware verhaal. Ze is Brits, maar woont al 30 jaar in Zuid-Frankrijk. In haar veelgeprezen boek toont de amateur-onderzoekster aan dat Van Gogh zijn hele oor afsneed (en niet een oorlel zoals vaak wordt beweerd) en dat oor daarna aan een schoonmaakster in een bordeel gaf (en niet aan een prostituee).

Om de naam van die schoonmaakster te ontdekken, bracht Murphy honderden toenmalige bewoners van Arles in kaart. Die gegevens waren volgens haar zo lastig op te sporen, dat zij het 'hoogst onwaarschijnlijk' acht dat het notitieboekje is vervalst.

Frappant is dat de schoonmaakster vaak in het notitieboekje wordt genoemd: zij zou ook in Café de la Gare hebben gewerkt. Volgens Welsh heeft de vondst van het notitieboekje Murphy in staat gesteld de naam van de schoonmaakster te achterhalen. Maar in Van Goghs oor. Het ware verhaal is geen enkele verwijzing naar de café-aantekeningen te vinden.

Desgevraagd stelt Murphy dat zij de naam van de schoonmaakster al lang kende toen haar werd gevraagd research te doen naar het notitieboekje. De samenwerking eindigde voortijdig. 'Ik kreeg twijfel en heb me teruggetrokken. De auteurs hebben mijn naam voor publiciteitsdoeleinden gebruikt en om geloofwaardigheid te verkrijgen, maar deden dat inaccuraat en zonder toestemming.'

Oordeel: niet authentiek. 'Dit lijkt qua stijl of wat dan ook helemaal niet op een Van Gogh.' Foto Van Gogh Museum

Juridisch geadviseerd

Welsh beweert dat ze een rapport van 38 pagina's kan laten zien dat Murphy tegen betaling heeft gemaakt. Nimmer heeft die iets van twijfel over de echtheid van het notitieboekje laten merken, bezweert ze. De uitlating van Murphy is volgens haar betreurenswaardig, 'vooral omdat we een zeer collegiale en goede werkrelatie hadden'.

Niettemin lijken de twee te hebben gewedijverd wie het eerst zou publiceren. In Murphy's boek wordt de schoonmaakster niet met haar echte naam aangeduid omdat haar nakomelingen dat niet wilden. Welsh suggereert een andere reden: Murphy is 'juridisch geadviseerd' niet de naam te vermelden, noch het bestaan van het notitieboekje waarin ze die had ontdekt. De primeur over de ontdekking van het schetsboek en notitieboekje moest bekend worden door het boek van Welsh, niet door dat van Bernadette Murphy.

Het Van Gogh Museum denkt dat het verstandig is het notitieboekje door onafhankelijke experts te laten onderzoeken. Maar zelfs als dat authentiek blijkt te zijn, is er nog steeds een probleem, stelt Vellekoop: 'Daarmee zijn die tekeningen nog niet echt.' Anders gezegd: als het notitieboekje authentiek is, moet er een 'groot tekeningenboek' van Van Gogh hebben bestaan. Maar het door Welsh gepubliceerde schetsboek kan dat toch echt niet zijn, aldus het museum.

Oordeel: authentiek. 'Deze was uit de literatuur volstrekt onbekend. Qua voorstelling lijkt het wel op tekeningen die Van Gogh in Den Haag heeft gemaakt. Deze is echter nogal houterig en schetsmatig. Toch is het een echte Van Gogh, zo is ook door technisch onderzoek komen vast te staan.' Foto RV - Van Gogh Museum

De Canadese roept het museum op net zo'n 'onpartijdige en wetenschappelijke houding' aan te nemen als in 2013, toen het Zonsondergang bij Montmajour als echte Van Gogh erkende. Dat voorbeeld noemt zij niet voor niks: 22 jaar eerder had het museum dit schilderij nog afgewezen als een authentiek werk.

Bogomila Welsh is er 'duizend procent' zeker van dat het schetsboek echt is. Vooralsnog krijgt ze weinig bijval. Zie een recensie over Het verloren schetsboek van Arles op Amazon.com. 'Zelfs op zijn minste dag kon Van Gogh niet zo slecht tekenen', schrijft 'art cat' na een dag lang in een bibliotheek het schetsboek te hebben vergeleken met erkend werk van de schilder. Diens conclusie: Welsh en Pickvance wilden zo graag dat het schetsboek echt was, dat ze zich erdoor hebben laten verblinden.

Oordeel: niet authentiek. 'Dit was een makkelijke. Het is een kleine poster uit het Kröller-Müller. De naam van het museum staat erop.' Foto Van Gogh Museum
Oordeel: niet authentiek. 'Dit is een bekend plaatje, een litho die Van Gogh heeft gemaakt. Volgens de eigenaar was het een ets. Die kennen we niet van dit werk. We hebben het wel laten komen. Het bleek een vroege fotomechanische reproductie van de litho te zijn.' Foto Van Gogh Museum