ReconstructieDe School

Hoe werd de progressiefste club van Nederland het mikpunt in het antiracismedebat?

De School in AmsterdamBeeld Matthijs Immink

De Amsterdamse nachtclub De School ligt onder vuur. Bezoekers en medewerkers vinden de organisatie te wit. Hoe kon het oordeel over de vooruitstrevende en inclusieve club in zo korte tijd 180 graden draaien?

De tafels in het Amsterdamse restaurant DS, onderdeel van De School, zijn dinsdagavond 14 juli gevuld. Een groep hotelschoolstudenten viert een verjaardag met twee flessen wijn op tafel, de sfeer is uitgelaten. Wat ze niet weten, is dat aan de andere kant van het complex de spanning om te snijden is. Daar hebben zich zo’n zestig trouwe bezoekers en medewerkers verzameld. Wekenlang verweten ze de club ‘te wit’ te zijn, vanavond hopen ze dat de organisatie met maatregelen zal komen. In plaats daarvan kondigen de directeuren hun vertrek aan. De emotionele bijeenkomst is het voorlopige hoogtepunt in een zes weken durende lawine aan kritiek op De School. Hoe werd deze progressieve club het mikpunt van anti-racismeactivisten? 

In 2016 strijken ondernemers Ernst Mertens (32) en Jochem Wertheimer (toen, voor zijn huwelijk, nog Doornbusch) (36) neer in Amsterdam-West. De twee hebben het plan opgevat om een voormalig lts-gebouw om te toveren in een technoclub. Mertens heeft daar ervaring mee: tussen 2009 en 2015 werkte hij als clubmanager bij Trouw Amsterdam. In het pand aan de Amsterdamse Wibautstraat, waar voorheen de drukpers van het krantenconcern PCM stond, runde Mertens een combinatie van nachtclub, restaurant en expositieruimte. Met succes: in korte tijd groeide Trouw uit tot een instituut in de elektronische-muziekwereld. De club werd in één adem genoemd met het Berlijnse Berghain en de Londense Fabric. Aan dat succes kwam in 2015 een einde, toen de eigenaar van het gebouw het pand verkocht en de club haar deuren moest sluiten.

Nieuwe club

De verwachtingen van een nieuwe club van Mertens waren hooggespannen. Onder de naam De School, een verwijzing naar de vorige functie van het complex, neemt hij succesvolle ingrediënten van Trouw over. Zo bestaat het complex niet alleen uit een nachtclub, maar heeft het ook een café, restaurant, expositieruimte en sportschool. Vanaf de start beschikt men over een 24-uursvergunning waardoor de club marathonfeesten kan organiseren: 62 uur lang dansen zonder dat je naar huis hoeft. Het pand heeft geen aparte mannen- of vrouwen-wc’s, iedereen gebruikt dezelfde genderneutrale ruimte. De club voert een exclusief deurbeleid. Te grote groepen bezoekers worden geweigerd; wie niet weet welke dj er die avond draait, maakt kans weer rechtsomkeert te moeten maken. Eenmaal binnen wordt de telefooncamera afgeplakt, zodat bezoekers vrijuit en soms met weinig kleren aan de dansvloer op kunnen, zonder het gevaar een dag later met foto op internet te staan.

Dit draagt allemaal bij aan het progressieve en inclusieve imago van de club. Vooral in de queer-gemeenschap wordt De School geroemd als ‘safe space’: een plek waar niemand wordt gediscrimineerd. Het duurt niet lang of De School overtreft het succes van Trouw. In 2019 en 2020 is De School de snelste stijger in de ranglijst voor beste clubs ter wereld, opgesteld door het Britse tijdschrift DJ Magazine. Op dit moment neemt de Amsterdamse technotempel de 39ste plaats in, de hoogste Nederlandse notering in de lijst.

De post op Instagram

Net als de rest van het land wordt de club in maart overrompeld door het coronavirus. Door de gedwongen horecasluiting draait De School vanaf dat moment geen omzet meer. De directie probeert bij de gemeente Amsterdam, verhuurder van het pand, zonder succes een huurkorting te bedingen. Reikhalzend wordt daarom uitgekeken naar 1 juni: de dag dat het café en het restaurant weer open kunnen. Voor het pinksterweekend zet een communicatiemedewerker een bericht klaar, dat op zondag 31 mei automatisch op Instagram wordt geplaatst. De post moet 67 duizend Instagram-volgers eraan herinneren dat het café maandag 1 juni weer open gaat.

Een stortvloed aan reacties is het gevolg. Volgens bezoekers had de nachtclub zich juist op 31 mei, de dag voor de Black Lives Matter-demonstratie op de Dam, moeten uitspreken tegen racisme. Ondanks excuses zwelt de kritiek in de weken die volgen alleen maar aan. Activistische bezoekers roepen De School ter verantwoording: de nachtclub laat zich voorstaan op een inclusief imago, maar in de programmering zijn te weinig gekleurde dj’s te zien. Ook wordt de organisatie ‘te wit’ bevonden.

Bij De School komt die kritiek hard aan. Er is veel steun voor de anti-racismeprotesten, veel medewerkers stonden op 1 juni bij de manifestatie op de Dam. Enkel sympathie hebben is volgens de activisten echter onvoldoende: je niet publiekelijk uitspreken tegen racisme is net zo kwalijk. Dat hadden de medewerkers op tijd door moeten hebben. Dat de club zich op 31 mei niet uitsprak voor de Black Lives Matter-beweging maar wel postte over het café, wordt daarom intern als een flater beschouwd.

Tegelijkertijd wordt binnen de organisatie steeds minder duidelijk wie op de kritiek moet reageren. Creatief directeur Mertens kampt al een poos met burn-outklachten. De commotie blijkt de druppel, begin juni legt hij zijn werk neer. Financieel directeur Wertheimer vormt vanaf dat moment in zijn eentje de directie, maar op dit dossier houdt de zakelijk leider zich afzijdig. Het komt neer op jonge en onervaren medewerkers: twee programmeurs, de personeelsmanager, de clubmanager en de pas in dienst getreden communicatiemedewerker. Twee barmedewerkers – beiden vrouwen van kleur – voegen zich begin juni bij het gezelschap. Ze voelen zich als medewerkers niet gehoord en eisen een plek op in het management. Samen proberen de twintigers in het debat het hoofd boven water te houden.

In de dagen na 31 mei bieden medewerkers online meerdere malen excuses aan. De club noemt de ‘getoonde ongevoeligheid’ onvergeeflijk. Medewerkers pogen zich daarmee kwetsbaar op te stellen, maar de excuses worden op sociale media niet gewaardeerd. In plaats van spijtbetuigingen verwachten critici concrete maatregelen die de organisatie hervormen.

‘Problematische organisatie

Ondertussen trekken ook andere organisaties de handen van De School af. 31 mei benadert dj-collectief X3 de club, om vanuit Amsterdam-West een inzamelingsactie te houden voor zwarte organisaties en actiegroepen. Maar sommige van die organisaties, waaronder The Black Archives, willen niet langer worden geassocieerd met de nachtclub. De School zou niet adequaat genoeg hebben gereageerd op de Black Lives Matter-beweging. The Black Archives wil geen geld van een inzamelingsactie die wordt gebruikt om ‘het imago van een problematische organisatie wit te wassen’. Op 3 juni belt het dj-collectief de club op: ze gaan de inzamelingsactie verplaatsen naar een andere locatie. De opbrengst van de actie: meer dan 25 duizend euro.

Bezoekers erkennen dat De School niet alleen staat, ook andere culturele instellingen zijn volgens hen te wit. Waarom nu juist deze club het mikpunt wordt van kritiek? Een betrokken activist: ‘Bij De School voelt het als een vertrouwensbreuk. Juist omdat de club zich zo lang liet voorstaan op de inclusiviteit, waren de verwachtingen hooggespannen en was de teleurstelling groot. Veel van ons zagen De School als vrijhaven en plotseling dondert dat beeld in elkaar. Het wordt duidelijk: die inclusieve organisatie is ook maar een illusie.’

De club besluit een gespreksavond te organiseren om rekenschap af te leggen, die integraal wordt uitgezonden via een livestream. De bijeenkomst draagt de veelbelovende titel ‘Taking Responsibility’. De bedoeling: de deuren wagenwijd openzetten en kritiek incasseren. Doelbewust worden activistische bezoekers uitgenodigd. Een medewerker betrokken bij de organisatie: ‘We dachten: we zetten de taperecorder aan, gaan op het podium zitten en luisteren. Zo wilden we de meest rauwe, breekbare setting creëren waar kritiek geuit kon worden.’

Beeld Matthijs Immink

Aan kritiek dinsdagavond 14 juli geen gebrek. Voormalig door host Souhayla Ou-Oumar (27), een medewerker die namens de club het deurbeleid heeft gehandhaafd, modereert het gesprek. De voertaal tijdens de bijeenkomst is Engels. In plaats van het gesprek te faciliteren, kiest Ou-Oumar ervoor als aanklager de organisatie het vuur na aan de schenen te leggen. Op het podium in het beklaagdenbankje: directeur Wertheimer, programmeur Luc Mastenbroek (29) en personeelsmanager Lon van den Berg (28). Voornaamste kritiek: het personeel van de nachtclub zou te ‘wit’ zijn. De directie bestaat uit twee witte mannen, en ook op andere kantoorfuncties zaten tot voor kort geen mensen van kleur. Van de honderd personeelsleden zijn er volgens de organisatie zo'n vijftien medewerkers van kleur.

Verder klinkt het verwijt dat in de programmering te weinig dj’s van kleur voorkomen. Een analyse van de programmering van december, januari en februari – de drie maanden voor het coronavirus – wijst uit dat van de honderd geboekte dj’s eenderde van kleur is. Shelter, een vergelijkbare Amsterdamse club qua capaciteit en budget, heeft over diezelfde periode 25 procent artiesten van kleur geboekt. Ook De School houdt intern een overzicht bij van de geprogrammeerde artiesten en hun geslacht en kleur.

Het beveiligingsbedrijf

Een van de aanwezigen kaart aan dat gekleurde bezoekers minder makkelijk de club binnenkomen. Ook wordt er een forse beschuldiging van seksuele intimidatie geuit aan het adres van het beveiligingsbedrijf. Een bezoeker met drugs op zak zou in ruil voor seks met de portier niet worden gerapporteerd bij de politie. Wertheimer noemt die beschuldiging ‘beschamend om te horen’. Hij erkent dat de nachtclub vaker klachten over de firma heeft ontvangen, maar die destijds heeft weggewuifd. Onder druk van de aanwezigen besluit hij niet meer samen te werken met het bedrijf.

Frank de Best (56), eigenaar van beveiligingsbedrijf ’t Kollektief, reageert twee dagen later ontsteld. Het bedrijf werkt vier jaar samen met De School en heeft via de media vernomen dat de samenwerking wordt opgezegd. Volgens de eigenaar van de firma gaat het om een incident uit 2016 waarbij een bezoeker werd aangetroffen met een grote hoeveelheid ghb. Terwijl de hoofdportier overlegde met de clubmanager, zou een andere beveiliger nog geen 30 seconden alleen zijn geweest met de bezoeker.

De club besluit niet meer met de betreffende portier samen te werken. Volgens De Best is het een welles-nieteskwestie.  Dat de bezoeker nadien geen aangifte heeft gedaan, spreekt voor hem boekdelen. ‘Ik heb de inspraakavond op De School teruggeluisterd en het leek op een volkstribunaal. Nu de nachtclub klem is gezet door activisten, worden wij voor de bus gegooid.’ Hij heeft De School gevraagd om een rectificatie, maar die weigert, en dus kwam het beveiligingsbedrijf donderdagavond met een eigen verklaring op Facebook.

Deurbeleid

De Best benadrukt tegen de Volkskrant dat zijn medewerkers niets te maken hebben met het deurbeleid: de doorhosts die bezoekers toelaten, zijn in dienst van club. Wel kan hij bevestigen dat er aan de deur aan etnisch profileren is gedaan. ‘Mijn medewerkers en ik hebben op meerdere momenten geconstateerd dat Marokkaanse jongens uit de buurt werden geweigerd. Die stonden dan met z’n tweeën keurig in de rij, maar werden te gewoontjes bevonden voor de club. Ze passen niet bij de elitaire cultuur die de De School wil behouden.’

De School betreurt dat zijn beveiligers die indruk hebben gekregen. ‘Wij hebben een toetsbaar deurbeleid dat ook op onze website staat’, zegt Wertheimer. ‘Dit bespreken we altijd kritisch met ons team. Ook worden we net als alle andere clubs door de gemeente gecheckt door middel van mysteryguests, die anoniem aan de deur staan om te zien of we ons aan dat beleid houden.’

Gedurende de avond heeft het trio op het podium geen weerwoord op de vaak felle beschuldigingen vanuit de zaal. In plaats daarvan lijkt ervoor gekozen om de kritiek lijdzaam te ondergaan. Het trio erkent dat de organisatie in het verleden is gewezen op vermeend racisme. Zo zouden bezoekers van kleur hebben geklaagd dat ze aan de deur werden geweigerd. ‘We hebben de klachten gezien als incidenten in plaats van een structureel probleem’, stelt personeelsmanager Van den Berg. De oorzaak zou volgens haar zijn dat de club een ‘witte organisatie is en blinde vlekken heeft’.

Het levert een tamelijk absurdistisch schouwspel op. Door de emotionele kritiek van de aanwezigen en het gebrek aan repliek vanuit de organisatie, ontstaat het beeld dat de drie zich schuldig hebben gemaakt aan ernstig wanbestuur.

Directeur Wertheimer kondigt aan de komende maanden op te stappen als bestuurder. Hij maakt nu openbaar dat ook zijn compagnon Mertens het werk heeft neergelegd. Zij zullen de komende maanden ‘ruimte maken voor nieuw leiderschap’. Of de ondernemers – beiden ook eigenaar van de club – in de toekomst eigenaar zullen blijven, hebben ze een week na de gespreksavond nog niet besloten.

Tijdens de gespreksavond kondigt het trio aan een ondernemingsraad in te stellen, zodat medewerkers betrokken worden bij het management. De organisatie gaat broeden op een plan om de interne organisatie inclusiever te maken. De twee gekleurde barmedewerkers zijn op contract aangenomen om daaraan mee te schrijven.

Beeld Matthijs Immink

Lauw applaus

Gespreksleider Ou-Oumar maant de directeur om ook na deze avond in gesprek blijven met de kritische medewerkers. ‘Ben je bereid naar hen te luisteren, en niet in twijfel te trekken wat ze zeggen?’, vraagt ze Wertheimer. ‘En accepteer je dat het niet meer aan jou is, maar aan hen en hun gevoelens?’ Na een aarzeling stemt Wertheimer in. Een lauw applaus stijgt op uit de zaal. Ter afsluiting roept Ou-Oumar de aanwezigen op ook andere organisaties ter verantwoording te roepen. ‘De School is één plek, maar zo zijn er nog veel meer.’

Journalisten waren vanwege beperkte capaciteit niet welkom in de zaal. Aan het einde van de bijeenkomst verzoekt een medewerker de verslaggever niet met aanwezigen te spreken, de emoties zijn bij velen hoog opgelopen. Telefonisch reageren later enkelen alsnog: voor de meesten was de avond een teleurstelling. Na zes weken wachten hadden de aanwezigen concrete plannen verwacht. Anderen vinden het aftreden van de twee directeuren niet voldoende en eisen dat ook de programmeur wordt vervangen door een gekleurde medewerker.

Twee dagen na de gespreksavond laat de Amsterdamse kunstenaar Emma Levie (30), van wie sinds 1 juni werk tentoon wordt gesteld in De School, weten dat ze haar expositie voortijdig beëindigt. Op Instagram schrijft ze in het Engels dat de club lange tijd haar favoriet was, maar dat ze van gedachten is veranderd. Ze realiseert zich dat dit kwam door haar geprivilegieerde positie als ‘witte niet-transgender vrouw. Ik had kritischer moeten zijn op De School: ze hebben twee witte heteromannen als eigenaar en nul gekleurde medewerkers op kantoor.’ Volgens Levie heeft de club de afgelopen periode onvoldoende steun gegeven aan zwarte mensen. De kunstenaar hoopte dat de gespreksavond antwoorden en concrete plannen op zou leveren, maar dat was niet het geval.

Concrete plannen

De Amsterdamse nachtclub die in binnen- en buitenland op handen werd gedragen, is in een hevige storm beland. Uit de gesprekken met betrokkenen wordt duidelijk hoezeer de organisatie is verkrampt. Medewerkers en activistische bezoekers wensen alleen op basis van anonimiteit te spreken. Voor vragen aan de organisatie worden journalisten doorverwezen naar een gezamenlijk mailadres, waar de vragen voortaan door een groep medewerkers worden beantwoord. Pas wanneer er concrete plannen zijn geformuleerd, komt de club naar buiten met een verklaring.

Ondertussen draait de nachtclub vanwege het coronavirus al maanden geen omzet en holt de financiële gezondheid van de organisatie achteruit. Het is de wankele basis van waaruit de leiding verder moet bouwen aan de toekomst van De School. Nu de directie aankondigt op te stappen, is het aan de overgebleven medewerkers op kantoor om het vertrouwen van het publiek terug te winnen en de gelederen te sluiten. Voor de technoliefhebber is te hopen dat de organisatie daarin slaagt.

Weer naar de club?

Sinds de opening van de horeca op 1 juni is er in Nederland nog geen duidelijk teken van een tweede coronagolf geconstateerd. Gloort er voor dansliefhebbers hoop aan de horizon? Wetenschapsredacteur Maarten Keulemans, corona-expert bij de Volkskrant, betwijfelt het. ‘Op de dansvloer komen veel risicofactoren van het virus samen: men ademt er wild, beweegt door elkaar, houdt geen afstand, schreeuwt, zingt en doet dat ook nog eens in een binnenruimte. Daardoor kan er een ‘mist’ ontstaan van aerosolen, zwevende druppeltjes met virusdeeltjes erin. Er zijn dan ook veel voorbeelden van feesten waar het mis ging. Het beruchtste voorbeeld is Seoel, waar een geïnfecteerde clubganger na een weekend stappen 133 mensen in 9 clubs besmette.’ Voorlopig moeten nachtclubs en danscafé’s daarom tot 1 september dichtblijven.   

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden