Hoe nu verder bij de Bezige Bij?

Vertrekkende schrijvers, een rel over een pamflet, een zieke directeur: wat is er nog over van het mythische imago van uitgeverij De Bezige Bij?

Beeld -

'O, als ik hier, híer zou kunnen publiceren!' verzuchtte Tommy Wieringa toen hij met het manuscript van zijn eerste roman voor de deur van de Van Miereveldstraat nummer 1 stond, het pand waar uitgeverij De Bezige Bij sinds jaar en dag huist. 'Ik liep naar binnen en voelde me onderdeel van de literatuurgeschiedenis.'

De anekdote is afkomstig uit Hoger honing, het 'uitgeversprentenboek' dat in 2004, ter gelegenheid van het zestigjarige bestaan van De Bezige Bij, werd gepubliceerd. In het openingsessay, 'De wenteltrap van de geschiedenis - Hoe De Bezige Bij aan haar auteurs geraakte', beschrijft Onno Blom de speciale en vaak verrassende manier waarop de schrijvers bij hun uitgeverij terechtkwamen.

Opvallend is dat alle geïnterviewden hun verering voor De Bezige Bij uitspreken. 'Al mijn helden werden daar uitgegeven', zei Kees van Kooten. 'Het idee dat ik daar zou kunnen worden uitgegeven, [...] dat was onbestaanbaar.' Bijna dezelfde bewoordingen gebruikte Jessica Durlacher: 'Dat ik daar mocht publiceren vond ik aanvankelijk onvoorstelbaar. Een fonds met zulke auteurs!' Ook Hagar Peeters zei zich vereerd te voelen toen Remco Campert haar vroeg of ze niet ook bij de uitgeverij kwam waar ze al sinds haar kindertijd door was gefascineerd: 'De Bezige Bij! Daar gaven ze al decennialang echte poëzie uit.' Iedereen was onder indruk van de literaire status, de geschiedenis, de grote voorgangers die er worden uitgegeven - iedereen wilde erbij horen.

Twaalf jaar later is dat anders. Schrijvers die destijds nog vol lof waren, voelen zich niet meer thuis bij De Bezige Bij. Na wat inmiddels de Abou Jahjah-kwestie is gaan heten, kondigde Wieringa aan zijn volgende boek ergens anders uit te geven. Hij miste 'levenslust en enthousiasme' bij De Bij, zo verklaarde hij enkele weken geleden in de Volkskrant. Durlacher volgde zijn voorbeeld. Ook voor haar was Abou Jahjah de aanleiding, maar speelde er meer. Het zijn vooralsnog tijdelijke uitstapjes; volgens Durlacher nemen zij en De Bezige Bij 'even vakantie van elkaar'.

Er zijn ook auteurs die wél definitief zijn vertrokken, zoals Maartje Wortel, Erik Lindner, Ivo Victoria en Elke Geurts. Lize Spit was aanvankelijk in gesprek met De Bezige Bij, maar besloot haar debuut Het smelt toch bij de nieuwe uitgeverij Das Mag te publiceren - al was het toen nog niet eens zeker dat die uitgeverij genoeg sponsors zou hebben om überhaupt te worden opgericht.

In de serie interviews met uitgevers vorig jaar en dit jaar in deze krant, werd steeds de vraag gesteld: 'Welke uitgeverij is voor jou een voorbeeld?' Niemand noemde meer De Bezige Bij. De uitgeverij lijkt haar onaantastbare nummer 1-positie te hebben verloren. Haar onbereikbare, mythische imago is aan het afkalven.

'Toen ik debuteerde, had ik de keuze uit zes uitgeverijen', zegt Walter van den Berg, die vorig jaar net als Maartje Wortel de overstap maakte naar Das Mag. 'Ik ging naar De Bezige Bij. Dat was de enige naam die mijn moeder kende, en dat wil wat zeggen voor iemand die nooit een boek leest. Ik was ontzettend trots dat De Bij mij wilde hebben.'

Maar toen hij drie matig verkopende boeken had geschreven, was de glans er voor hem wel af. 'De uitgeverij is topzwaar geworden. Niet alleen door nieuwe aanwas, maar ook door het binnenhalen van zwaargewichten als A.F.Th. van der Heijden en Jan Siebelink. Als onbekende en matig verkopende auteur raak je dan ondergesneeuwd. En wanneer je, zoals ik, al wat verder bent in je schrijfcarrière en gelezen wilt worden, ga je er ook zakelijker naar kijken.'

'Geen schoonheidsprijs'

Ook Elke Geurts besloot dat het beter voor haar en haar boeken was om De Bezige Bij te verlaten. 'Er waren bij De weg naar zee al dingen gebeurd die de schoonheidsprijs niet verdienden, maar pas toen er ook het een en ander mis ging bij het uitbrengen van mijn verzamelbundel Lastmens en andere verhalen werd het voor mij duidelijk dat ik echt voor m'n werk moest kiezen - en na moest denken waar dat het beste tot z'n recht komt.' Dat bleek Lebowski te zijn. 'Een kleinere uitgeverij met een hecht team waar je meteen iedereen kent. Dat past bij me. De eerste keer dat ik ernaartoe fietste werd ik al blij, puur omdat ze in een fabriekspand zitten aan de rand van de stad en niet in de dichtgetimmerde grachtengordel. Het is er bovendien minder hiërarchisch dan bij De Bij. De sfeer is levendig, creatief, persoonlijk - ze zijn steeds in beweging, en dat merk je. Ze hebben er lol in al hun boeken zo goed mogelijk aan de man te brengen.'

Dat vernieuwende miste Van den Berg ook - en vond hij bij Das Mag, die allerhande (social media) campagnes voert om haar boeken onder de aandacht te brengen. De Bezige Bij vertrouwt volgens hem te veel op haar goede naam. 'De Bezige Bij gelooft dat ze bijzonder is, gewoon omdat ze De Bezige Bij is. Dat is niet genoeg.'

De mythe is aan herbezinning toe, denkt Sanneke van Hassel, die bij De Bezige Bij enkele verhalenbundels en een roman publiceerde en vast van plan is er te blijven. 'Men heeft te lang vastgehouden aan het idee van het grote, statige huis. Nu is er een nieuwe generatie die daar minder waarde aan hecht. Het moet binnen de uitgeverij niet meer alleen om de grote namen gaan; het past bij deze tijd om te luisteren naar een keur aan stemmen.'

'Voor jonge auteurs is het vaak minder belangrijk', zegt ook Onno Blom, 'het mythische dat om De Bezige Bij heen hangt, te worden bijgezet in 'het pantheon van de wereldliteratuur'.' Volgens Blom hebben alle klassieke literaire uitgevers het lastig, omdat het economisch tij nu eenmaal niet meezit en ze bovendien mee moeten in de maalstroom van digitalisering en social media. Maar De Bij heeft er extra last van omdat ze toch een beetje 'het Real Madrid van de literatuur' is: een fonds waarin niet alleen jonge talenten, maar ook de allergrootsten vertegenwoordigd zijn. Om in voetbaltermen te blijven spreken: 'Schrijvers willen allemaal aandacht en staan te trappelen om het veld op te mogen, maar velen hebben het gevoel dat ze op de bank zitten en niet mogen spelen. Dat komt omdat al die anderen ook ruimte innemen. Dat is een wankel evenwicht, en het in stand houden daarvan is afhankelijk van de coach.'

En om die coach is nu juist een hoop te doen. De huidige directeur, Henk Pröpper, zit thuis met hartproblemen - de veranderingen die hij in gang had gezet kan hij op dit moment niet doorzetten. Ad-interim Johan de Koning heeft het niet makkelijk met een lopende reorganisatie, een rel en vertrekkende auteurs. En ook ex-coach Robbert Ammerlaan, nu uitgever bij Hollands Diep, speelt nog een rol: niet alleen gaat hij de volgende boeken van Wieringa en Durlacher uitgeven, ook was hij niet te beroerd om in NRC Handelsblad de keuze van zijn opvolger voor Abou Jahjah te bekritiseren.

Wolkersbiograaf Onno Blom met Gerrit Komrij op het boekenbal in 2009 Beeld Guus Dubbelman

Robbert Ammerlaan

Onder Ammerlaan, die De Bezige Bij leidde van 1999 tot 2012, bloeide de uitgeverij als nooit tevoren. Dat kwam deels door externe factoren (hij had het economisch tij bijvoorbeeld helemaal mee), maar ook door zijn beslissingen en persoonlijkheid: hij wist auteurs aan zich te binden en zorgde financieel goed voor hen. Een charmante man, zeggen betrokkenen; iemand die warmte voelde en dat liet zien - hij omhelsde iedereen - en schrijvers het gevoel gaf dat onder zijn hoede het succes voor de deur stond. Is dat de reden dat ook gevestigde auteurs, die in principe niets te klagen hebben over verkoopaantallen en aandacht van de uitgeverij, nu terugkeren naar vadertje Ammerlaan?

'Het zou wel eens nostalgie kunnen zijn, heimwee naar gouden tijden', zegt Blom, die een van Ammerlaans beoogde opvolgers was, maar dat uiteindelijk niet werd. 'Wieringa boekte zijn grootste succes samen met Ammerlaan, dat ontsprong toen NRC Handelsblad een goede recensie over Joe Speedboot publiceerde. Dat was zijn geboorte als sterauteur. Het gevoel dat daarbij hoorde is sterk verbonden aan Ammerlaan.'

Bestsellerauteur Peter Buwalda relativeert Ammerlaans warmte. 'Hij kan heerlijk godfatherig knuffelen, maar tijdens mijn schrijfjaren beantwoordde hij niet een van mijn mails. Henk Pröpper léést je werk, reflecteert erop als een intellectueel, en omhelst je ook, hoor.' Buwalda is allerminst van plan te vertrekken. 'Die Ammerlaan moet eens normaal doen', schreef hij twee weken geleden in zijn column in de Volkskrant. 'Die had gewoon tegen die twee [Wieringa en Durlacher] moeten zeggen dat hij zijn opvolger niet gaat lopen dwarsbomen.'

Vertrokken

In 2015 stapten Maartje Wortel, Walter van den Berg en Charlotte Mutsaers over van De Bezige Bij naar Das Mag.

Onvrede over de keuze van De Bezige Bij het werk van de controversiële Belgische publicist Abou Jajah te gaan uitgeven, leidde in 2016 tot het vertrek van een tweede rijtje schrijvers, onder wie Tommy Wieringa en Jessica Durlacher, die hun nieuwe werk zullen publiceren bij Hollands Diep.

Deze week viel de najaarsaanbieding van de geplaagde uitgeverij in de bus. En hoewel de naam van Durlachers echtgenoot Leon de Winter daaruit is verdwenen, is die aanbieding met nieuwe titels van A.F.Th. van der Heijden, Stefan Hertmans en Kees van Beijnum toch weer veelbelovend.

Opportunisme

Buwalda vindt het opportunistisch dat auteurs vertrekken als het even tegenzit. 'En dat om een nog niet verschenen pamflet. Extra verwerpelijk vind ik het om naar de oud-uitgever van De Bezige Bij te gaan. Er zit een onprettig shakespeareaans kantje aan dat me totaal niet bevalt: Pröpper, die Ammerlaans boedel naar mijn idee uitstekend heeft overgenomen en zelfs opgeschoond, wordt vernederd door zijn voorganger én zijn sterauteurs.

'Dat is een navrante disloyaliteit die totaal niet past bij De Bezige Bij - coryfeeën als Mulisch, Campert en Van Kooten zijn De Bij in de matige jaren negentig trouw gebleven. Zo hoort dat. Liefde werkt twee kanten op. Als ik in het ziekenhuis beland met een hart dat even bij moet komen, verwacht ik een fruitmand van mijn uitgever, en geen verscheurd contract.'

Wat moet je als schrijver dan doen? 'Gewoon, thuisblijven, de plantjes water geven en een goed boek schrijven. Dan is de uitgeverij er zo weer bovenop.'

'Het is lastig om je hoofd koel te houden in een tijd vol reorganisaties en een directeur die met ziekteverlof is', zegt Van Hassel. 'Maar dat moet wel gebeuren. Ik hoop dat de bodem is bereikt en dat we kunnen beginnen met opbouwen. We moeten weer geloof krijgen in wat we maken. Er moet één overzichtelijk huis komen en er moet nagedacht worden over de vraag welke verhalen we met elkaar vertellen.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden