Hoe goed is literair erfgoed

Maandag verschijnt een nieuw verhaal over Poirot, bijna veertig jaar na de dood van diens geestelijk moeder Agatha Christie. Ook worden nieuwe Sherlock Holmes-verhalen gepubliceerd. Wroeten in een literaire erfenis: hoe pakt dat doorgaans uit?

Agatha Christie (1890-1976)Beeld HH

Isaac Asimov, zoon Adrian Conan Doyle, Michael Chabon, Colin 'Inspector Morse' Dexter, Michael Dibdin, Neil Gaiman, Stephen King, Ellery Queen en zelfs Mark Twain: allemaal figureren ze op de 193 auteursnamen tellende Wikipedia-List of authors of new Sherlock Holmes stories. De een (Twain) maakte een parodie van de eeuwig aan zijn pijp zuigende detective, de ander een pastiche en een derde gebruikte Holmes om ideeën over occultisme en geestuitdrijving over te brengen.

Holmes' erfenis
Geen van die verhalen heeft het trouwens ooit tot 'officieel Sherlock Holmes-verhaal' geschopt: de Conan Doyle Estate, die de erfenis van de schrijver streng bewaakt, heeft in de afgelopen tachtig jaar slechts twee schrijvers als officiële Holmes-schrijvers erkend. De een is Andrew Lane, die er al vijf young adult-boeken over de jonge Sherlock op heeft zitten. De tweede is Anthony Horowitz, auteur van spannende boeken voor kinderen en volwassenen en verantwoordelijk voor afleveringen in langlopende tv-series als Midsomer Murders, Foyle's War en, jawel, Poirot. In 2011 publiceerde hij voor het eerst officieel en geheel legaal een boek over Sherlock Holmes, Het huis van zijde. Hij laat daarin dr. Watson, de vaste verteller van de Holmes-verhalen, handig uitleggen waarom dit verhaal zo lang op zich liet wachten: de bevindingen waren te schokkend om destijds openbaar te maken en daarom legde hij het verslag van het onderzoek in een kluis.

Horowitz' tweede officiële Holmes-roman verschijnt op 23 oktober. In dat boek, zo heeft de schrijver aangekondigd, zal de chique speurder zelf maar een klein rolletje spelen. Moriarty zal vooral gaan over professor Moriarty, een van Holmes' grootste tegenstanders.

Dinsdag verschijnt van de hand van thrillerschrijfster Sophie Hannah bij uitgeverij Dutch Media De monogram moorden. Een nieuw verhaal over Poirot, terwijl diens schepper - Agatha Christie - al bijna veertig jaar dood is: het lijkt merkwaardig, maar het komt vaker voor. Vooral in de misdaadliteratuur.

'I'm Bond too'
Neem, naast Sherlock Holmes, die andere held uit de misdaadliteratuur: James Bond. Zijn personage en avonturen worden nauwgezet beschermd door Ian Fleming Publications. Na de dood van geestelijk vader Ian Fleming (in 1964) en het verschijnen van Flemings twaalfde en laatste Bond-boek (The Man with the Golden Gun, 1965) ging het bedrijf dat Flemings erfenis beheerde - toen nog: Glidrose Productions - onmiddellijk op zoek naar een nieuwe schrijver. Drie jaar later al verscheen een nieuwe Bond, Colonel Sun, geschreven door ene Robert Markham, een pseudoniem van Kingsley Amis - destijds al een veelgeprezen literair auteur. Colonel Sun zou Amis' enige Bond-roman blijken; na hem werden onder anderen John Gardner, Sebastian Faulks en Jeffrey Deaver belast met het verzinnen van uitzinnige spionageverhalen vol actie en ('shaken, not stirred') martini's. De huidige Bond-auteur is roman- en scenarioschrijver William Boyd, van wie eind vorig jaar Solo verscheen.

-Beeld -

Een lijk in de kast
Nederlandse voorbeelden zijn er ook. Een van Nederlands bekendste speurders is Jurriaan de Cock, met-cee-oo-cee-kaa. Hij werd beroemd dankzij de zeventig boeken die oud-rechercheur Appie Baantjer over hem schreef. Na het stoppen van de Baantjer-serie in 2008, begon Baantjer met Simon de Waal, die al de nodige faam als thrillerschrijver (Cop vs. Killer, Pentito) en scenarist (Gouden Kalf voor Lek) had verworven, met een nieuwe detectiveserie, inclusief een nieuwe protagonist: rechercheur Peter van Opperdoes. Het eerste boek van Baantjer & De Waal, Een Rus in de Jordaan, verscheen in het voorjaar van 2009. Samen schreven de oud-politiemannen ook Een lijk in de kast en Een dief in de nacht, dat twee maanden na Baantjers overlijden uitkwam. De serie werd voortgezet onder de naam 'De Waal & Baantjer', waarvan tot nu toe zeven delen verschenen.

Appie's stokje
De Waal wil niet spreken van een voortzetting van de De Cock-serie: 'We introduceerden een compleet nieuwe speurder, wat nogal een verschil is. Ik heb ook niet het gevoel dat ik het stokje van Appie heb overgenomen: we zijn echt samen iets volkomen nieuws begonnen.' Wel verschenen er sinds de dood van Appie Baantjer nog drie 'De Cocks', alle drie bewerkingen (door Peter Römer) van scripts van de populaire tv-serie, en publiceerde misdaadauteur Ed van Eeden - met toestemming en medewerking van Baantjer - enkele detectiveverhalen onder de nom de plume 'Baantjer Inc.'. Hoofdrolspeler in die boeken is De Cocks neefje, Hendrick (inderdaad, met cee-kaa) Zijlstra.

Ongeveer zeven jaar voor Baantjer, midden in de jaren vijftig, begon dr. Robert van Gulik aan zijn eigen, wonderlijke detectiveserie. De sinoloog, illustrator en Nederlands ambassadeur in Japan schreef in de jaren vijftig en zestig zeventien zeer populaire detectiveromans over rechter Tie, een Chinese ambtenaar ten tijde van de Tang-dynastie. Zijn personage werd de laatste jaren overgenomen door de Franse romancier Frederic Lenormand. Zijn vijftien deeltjes uit de Nouvelles Enquêtes du juge Ti zijn niet in het Nederlands vertaald.

Nederlandse misdaadgeschiedenis
Ook de populaire Havank-reeks over de Poirot-achtige speurder Charles Carlier (alias De Schaduw) kende na geestelijk vader Hans van der Kallen nog twee stiefvaders: Pieter Terpstra (24 delen als Havank + Terpstra) en, vanaf 2008, Tomas Ross, die als Havank Ross oude tijden liet herleven, inclusief vooroorlogs taalgebruik en een schitterend Zwarte Beertjes-omslag, maar tegelijk vol verwijzingen naar recente hoogtepunten uit de Nederlandse misdaadgeschiedenis. Caribisch complot werd uitgegeven ter ere van het 140-jarig bestaan van uitgeverij A.W. Bruna.

'Het belang van de Havank-serie voor Bruna is nauwelijks te onderschatten', zegt uitgever Steven Maat van Bruna. 'Het is een van de belangrijkste series die wij ooit hebben uitgegeven. Iedereen associeert de Zwarte Beertjes-uitgaven met onze uitgeverij. Het idee om een vervolg te schrijven, kwam destijds van Tomas Ross, die de serie goed kende en in staat was Havank recht te doen. De reacties - zowel van de oude fans als van de pers - waren zeer enthousiast.' Na vier delen hield Havank Ross ermee op. Er zijn voorlopig geen plannen voor een vervolg. Maat: 'Maar wie weet.'

De truc van het peusodiem
Het was diezelfde Steven Maat die in 2005 met zijn auteur Paul Goeken overlegde over diens idee voor een nieuwe thriller. Goeken had al enkele thrillers over een elite-eenheid van de Spaanse geheime dienst geschreven, zonder bijster veel commercieel succes. Hij grapte tegen zijn uitgever dat 'je als man alleen nog kans had als je onder een vrouwennaam schreef'. Toen Goekens plan voor een nieuw boek flink afweek van zijn vorige werk, besloten Maat en hij het boek onder pseudoniem uit te brengen. Maat verzon de naam Suzanne Vermeer.

Agatha Christie.Beeld HH

STRIPSERIES

In oktober 2013 verscheen het 35ste Asterix-album, Asterix bij de Picten. Het was het eerste album waaraan geen van de twee bedenkers meewerkte - René Goscinny stierf na voltooiing van album 24, terwijl Albert Uderzo in de zomer van 2011 met pensioen ging, al bleef hij op de achtergrond wel betrokken bij de totstandkoming.

De machtsoverdracht was groot nieuws in het land van Asterixianen; in NRC Handelsblad concludeerde recensent Ron Rijghard zuinig dat de nieuwe schrijvers Ferri en Conrad met Asterix en de Picten 'nog geen nieuwe harten hadden gewonnen'.

Andere klassieke strips gingen veel geruislozer over: zo gaf Suske & Wiske-bedenker Willy Vandersteen al in 1972 de leiding over de strip uit handen aan Paul Geerts. Volgens fan Erik Strijbos ging dit moeiteloos: 'Veel mensen hadden in het begin niet eens door dat Vandersteen niet langer de eindverantwoordelijke was; Geerts bleef zijn scenario's tot Vandersteens dood - in 1990 - aan zijn voorganger voorleggen.'

Groter was de schok toen Geerts in 2000 vertrok en de albums onder leiding van Marc Verhaegen een nieuwe weg insloegen: Wiske droeg plots een sexy naveltruitje en Suske ging tekeer als een bootwerker. Nadat Verhaegen in 2005 na een reeks conflicten was vertrokken, werd de koers van Vandersteen en Geerts hervat.

Niet veel later verscheen All-inclusive. Vanaf dat moment tot aan zijn dood in 2011 schreef Goeken jaarlijks (later zelfs twee keer per jaar) een Suzanne Vermeer-boek. De detectives, door de literaire kritiek niet au serieux genomen, werden bestsellers, met name dankzij de grote verkoopaantallen op Schiphol. In een exclusief interview met thrillerwebsite Ezzulia proclameerde Vermeer/Goeken destijds de totale democratisering van de literaire kritiek: 'In principe is er geen verschil tussen iemand van de VN-thrillergids en een willekeurige lezer die een mening op bijvoorbeeld een weblog plaatst.'

Suzanne ontmaskerd
Een week na Goekens overlijden maakte A.W. Bruna, na overleg met Goekens weduwe Annemiek, de ware identiteit van Suzanne Vermeer bekend. De boekenstroom stopte niet: er zijn inmiddels vijf Vermeers van de hand van een andere, wederom geheime auteur verschenen. Maat: 'Paul had veel ideeën voor nieuwe boeken, daarop konden we sowieso voortborduren.' De overdracht is verder vrij geruisloos verlopen, aldus Maat: 'Het grote publiek leek zich sowieso nauwelijks iets aan te trekken van wie er achter dat pseudoniem zat. We horen nu weleens dat lezers de nieuwe Vermeers anders vinden dan zijn eerdere werk, maar dat is natuurlijk iets dat voor iedere schrijver opgaat: je maakt een ontwikkeling door als je schrijft.'

Of het instituut Suzanne Vermeer heeft aangetoond dat een sterk format soms krachtiger is dan een individuele auteur, betwijfelt Maat: 'Dat is al lang aangetoond, zie de Bouquetreeks. Die serie bewijst bovendien dat het niet alleen spannende boeken zijn die niet afhankelijk zijn van een individuele schrijver.'

En nu is dus ook Hercule Poirot niet veilig voor vreemde vingers, al kun je het als Agatha Christie-personage slechter treffen dan op het bureau van Sophie Hannah te belanden. Hannah zou je gerust een Christie-exegeet kunnen noemen, dat doet ze namelijk zelf ook. 'Ik beschouw elk woord dat Agatha Christie heeft geschreven als heilig', zei ze eerder dit jaar in een interview met Vrij Nederland. 'Al mijn boeken hebben iets Christie-achtigs, ze zit onmiskenbaar in mijn schrijvers-dna.'

Ervenbelasting
Hannah noemt Christie de grootste misdaadfictieschrijver aller tijden, maar dat is niet de reden waarom zij door de erven werd aangezocht om een nieuwe Poirot te schrijven. 'Agatha's familie wil haar boeken levend houden voor nieuwe generaties en de publicatie van een nieuw boek leek hun de uitgelezen manier om jongere generaties aan de oude boeken te herinneren.' Hannah had al een paar jaar een ingenieus plot op de plank liggen, ongeschikt voor haar eigen, eigentijdse thrillers, maar ideaal voor de setting in het Engeland van voor de oorlog. 'Toen ik dat liet zien, mocht ik het doen.'

Hannah weet nog niet of haar aanstelling ad interim of vast wordt: 'Niemand keek verder vooruit dan het eerste boek; dit was al zo'n big deal voor alle betrokkenen dat niemand verder vooruit durfde te kijken.'

Poirots stiefmoeder? Zo beschouwt ze zichzelf absoluut niet. 'Je moet mij zien als de vervangend secretaresse, die niets anders doet dan zijn belevenissen zo goed mogelijk uitwerken.'

De schrijver als secretaresse; het is weer eens wat anders.

Agatha Christie.Beeld HH

JEUGDBOEKEN

Op de basisschool had Fred Diks een hekel aan lezen. Hij las alleen Kameleons. Jaren later, toen Diks als auteur van de serie over Koen Kampioen een bekend jeugdboekenschrijver was, belde uitgeverij Kluitman: of hij de serie van Hotze de Roos nieuw leven wilde inblazen en geschikt wilde maken voor 'het kind van nu'. Na drie delen door P. de Roos (pseudoniem van Kluitman-directeur Piero Stanco) waarin Hielke en Sietse Klinkhamer plots met mobiele telefoons door het leven gingen, wilde men terug naar de jaren zeventig.

Diks schreef drie Kameleons en ontwikkelde de reeks Kameleon Junior, waarin acht delen verschenen. Diks, hartstochtelijk voetbalfan, heeft nooit overwogen om die andere Kluitman-jongensboekenserie, Snelle Jelle, te vervolgen. 'Die serie hoort echt bij Ad van Gils' (schrijver van Snelle Jelle).

Klassieke jeugdseries als Bob Evers (van Willy van der Heide naar Peter de Zwaan) en De Vijf (van Enid Blyton naar Claude Voilier, wier boeken de echte Famous Five-fans maar matig konden bekoren) werden met wisselend succes voortgezet.

Van andere Hollandse jeugdhelden, zoals Dik Trom, Pietje Bell en Pinkeltje, werd na de dood geen 'officieel' vervolg gepubliceerd, al doken ze wel geregeld op in films, tv-series en hervertellingen voor andere leeftijdscategorieën.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden