AchtergrondDe reizen van Ólafur Egilsson

Hoe een buschauffeur zorgde dat een IJslandse sage nu in het Nederlands verschijnt

Het is aan buschauffeur Petra Albrecht én aan een enorm toeval te danken dat we het meeslepende verslag kunnen lezen van een IJslandse dominee die in de 17de eeuw door piraten werd ontvoerd. Met Nederland in de hoofdrol.

Beeld Petra Albrecht

Petra Albrecht staat met haar tourbus aan de zuidkust van IJsland. Brokken ijs schitteren op het zwarte strand onderaan de Vatnajökull-gletsjer. De dagjesmensen die ze bij zich heeft, vergapen zich aan Diamond Beach. Ze heeft nog één minuut voor vertrek – haar passagiers zijn aan het instappen – als een onbekende dame haar hoofd door de deur steekt: ‘Are you Dutch?’

‘Ja’, zegt Petra.

‘Heet je moeder Martine?’, vraagt de dame.

‘Ja’, stamelt Petra.

‘Je krijgt de groetjes.’

In die ene minuut maken de dame en een verbouwereerde Petra een selfie om naar haar moeder te sturen.

Ruim een jaar later zal deze ontmoeting leiden tot de Nederlandse uitgave van een bekende IJslandse sage: De reizen van Ólafur Egilsson – Een 17de-eeuwse IJslander ontvoerd door moslimpiraten. Waarin een lutherse dominee met bijna vierhonderd lotgenoten op deze zuidkust wordt gevangengenomen door Algerijnse piraten onder aanvoering van Nederlandse kapiteins, meegevoerd naar Algiers en op een onmogelijke queeste door Europa wordt gestuurd op zoek naar losgeld om zijn kinderen vrij te kopen. Door Egilsson zelf opgetekend in een getergd en meeslepend verslag.

Queeste

Petra zal later zeggen dat ‘het zo heeft moeten zijn’. Zelf is ze hier, op dat zwarte strand, ook na een queeste terechtgekomen. Een stuk vrijwilliger, dat wel. Liftend door Europa als vroege twintiger is ze onder de indruk geraakt van mensen die met verbouwde vrachtwagens rond de wereld reizen. Dat wilde ze ook en ze haalde haar groot rijbewijs. ‘Maar zoals dat kan gaan’, zegt ze, ‘je vergeet je dromen.’ In plaats van een enorme reis te maken, ging ze geld verdienen als vrachtwagenchauffeur. Ze vervoerde de geluidsinstallaties van Neil Young, U2 en Coldplay tijdens hun Europese tours. En van Nijntje.

Ze moest 40 worden, fysiek lijden onder het rijden en sjouwen, voordat de droom haar weer daagde. Toen volgde alsnog haar wereldreis. In een verbouwde Mercedes L 613 D uit 1982, die ze Boris doopte. Houten vloertje en een bed erin en daar ging ze: naar het oosten, Mongolië, Siberië, Korea (Boris per container), Latijns-Amerika, de Verenigde Staten, Canada. Vaak met lifters bij zich. ‘Voor een uur, een week of een maand.’

Beeld Petra Albrecht
Beeld Petra Albrecht

En dan weer naar huis, was het idee, maar: ‘In mijn ooghoek zag ik IJsland op de kaart en ik dacht, dat doe ik ook nog even.’ Ze was op slag verliefd. In IJsland, zegt ze, ‘is alles mooi’. Nu moest ze wel de taal leren en dus bezocht Petra het klasje van Karl Smari Hreinsson, leraar IJslands én vertaler van IJslandse literatuur in het Engels.

Hij geeft Petra weleens boekjes mee, in de hoop dat ze er wat van aan toeristen kan verpatsen. En hij vraagt haar een keer: ken jij geen Nederlandse uitgever? Omdat het zo’n leuk idee zou zijn als De reizen van Ólafur Egilsson in het Nederlands zou worden vertaald. Vanwege die Nederlandse kapiteins en omdat de dominee uitgebreide beschrijvingen geeft van Hoorn, Enkhuizen en Vlieland. En omdat het losgeld in het boek via Amsterdam moet. En omdat de kapitein die de gekwelde hoofdpersoon helpt ook een Nederlander is.

Ja, antwoordt Petra Albrecht, ze kent inderdaad een Nederlandse uitgever. Of nou ja, kennen: ze heeft er één minuut mee doorgebracht in haar bus en een selfie mee gemaakt voor haar moeder.

Beeld Petra Albrecht

Onwaarschijnlijk

Henriette Faas, in het dagelijks leven roerganger van uitgeverij De Brouwerij in Maassluis, is voor het eerst in IJsland en zit achter in de auto bij haar zoon en schoondochter als ze iets op Facebook post over haar reis. ‘Mijn dochter is daar buschauffeur’, reageert iemand, ‘je zult haar wel tegenkomen.’ ‘Dat lijkt me onwaarschijnlijk’, antwoordt Faas nog. Een paar minuten later rent ze op de bonnefooi op een vertrekkende touringcar af en doet ze Petra Albrecht de groeten van haar moeder. In juni krijgt ze een appje van Petra Albrecht over een boek dat misschien interessant is om uit te geven.

‘Wat de mensen in Nederland betreft’, schrijft Ólafur Egilsson, ‘die zijn in alle opzichten anders dan alle andere. Ze zijn humaan en welwillend, met name de zeelieden. De vrouwen zijn nergens zo mooi als daar.’ Hij is dan over de helft op zijn tocht van Livorno, waar de piraten hem hebben afgezet, naar Kopenhagen, waar hij bij de Deense koning genoeg geld hoopt op te halen om zijn vrouw, zijn kinderen en de andere slaven vrij te kopen.

Hij heeft dan al gezien hoe de bevolking in zijn eigen streek is opgejaagd, gedood of tot slaaf gemaakt. Hij is in elkaar geslagen, heeft een zoon moeten afstaan en zijn vrouw en kinderen moeten achterlaten. In zijn verslag moet zijn lijdensweg hem tot een dieper geloof brengen. ‘We moeten het lijden standvastig ondergaan, zodat we de genade deelachtig kunnen worden.’ Maar volgens Petra is het verhaal onder IJslanders niet daarom zo bekend, maar om Egilssons beschrijvingen van zijn reis (‘Dwergen zijn heel normaal in deze stad.’)

Petra: ‘De IJslandse geschiedenis is jong en pas in de 9de eeuw begonnen, omdat hier eerder niemand woonde. Het is een land van plaggenhutten, niet van kathedralen. Sagen zijn de trots van het land.’

De reizen van Ólafur Egilsson – een 17de-eeuwse IJslander ontvoerd door moslimpiraten.

De Brouwerij; 176 pagina’s; € 20.

Gijs Groenteman gaat in onze illustere archiefkast in gesprek met mensen die hem hebben verwonderd. Rapper Pepijn Lanen, schrijver Paulien Cornelisse en kunsthandelaar Jan Six kwamen al langs.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden