Hoe Dali's droom een filmscène werd

Deze zomer is doordesemd van Alfred Hitchcock. Wat maakte hem zo meesterlijk? Filmvakmensen verklaren. Vandaag: production designer Ben Zuydwijk over Spellbound (1945).

Spellbound door hitchcockBeeld Hilde Harshagen

'Samen met de regisseur en de cameraman is de production designer verantwoordelijk voor alles wat er in beeld komt. Of het nu de voorbijrijdende auto's zijn, de interieurs, de kostuums of de kleurstellingen van de film; de production designer bemoeit zich overal mee.

Wat dat betreft is de door Salvador Dali ontworpen droomscène uit Spellbound mijn favoriet, ook al heeft die scène een moeizame geschiedenis. Ik was 17 toen ik de film zag en kende Dali eigenlijk beter dan Hitchcock. Als kind had ik in museum Boijmans van Beuningen Dali's slappe klokken bewonderd, en de bank die hij had vormgegeven als de lippen van Mae West. Maar het was toch andere koek om diezelfde wereld opeens in een speelfilm te zien.

Droom
De film is tot op dat moment niet altijd even interessant. Het draait om psychoanaliste Ingrid Bergman, die de van moord verdachte Gregory Peck wil genezen van diens geheugenverlies. Allemaal vrij zoetsappig en traag. Alles verandert als Peck zijn droom navertelt en je die droom ook krijgt te zien.

De scène begint in een ruimte met een wand vol ogen. Iemand met een gigantische schaar knipt de wand aan stukken; het blijkt een gordijn te zijn, met daarachter nog meer starende ogen. Dat beeld vond ik zo sterk, er ging echt een nieuwe dimensie voor me open.

Wat me nu zo aan de scène fascineert, is de wetenschap dat Dali allerlei wilde plannen had die dan weer naar bewegend beeld moesten worden vertaald. Dat lukt niet altijd even goed. De man zonder gezicht blijft een acteur met een panty over zijn hoofd.

Beeld BART KOETSENRUIJTER

Het uitgestrekte, kale landschap in een van de laatste shots van de scène, vind ik dan weer erg indrukwekkend. Echt een tot leven gewekte Dali. Mooi ook, dat gesmolten wiel dat daar over het dak van een huis glijdt. Als het wiel in close-up wordt getoond, kun je zien dat het van piepschuim is, en handgemaakt: dat laatste blijkt uit het feit dat de insneden bij de spaken steeds anders zijn - duidelijk het werk van een handzaag, en niet een machine. En dan maar vijlen en schuren totdat het glad genoeg is.

Sommige ideeën gingen zelfs Hitchcock te ver. Zo wilde Dali dat Bergman werd bedolven onder krioelende mieren, een tafereel dat Hitchcock onuitvoerbaar achtte. Maar het is fantastisch natuurlijk, hoe een geniale gek als Dali naar Hollywood werd gesleept en daar volledig buiten de filmhokjes bleef denken.

Conservatieve controlfreak
Geen wonder dat het niet boterde tussen Dali en de producent, David O. Selznick. Dat was een conservatieve controlfreak die niets kon aanvangen met Dali's ontwerpen. Hij huurde William Cameron Menzies, de production designer van Selznicks grote succes Gone with the Wind (1939), in als supervisor om de droomscènes te verwezenlijken, vrijwel volledig buiten Dali en Hitchcock om. Van de door hen gedraaide twintig minuten haalden er maar twee de film. Dan krijg ik toch medelijden met Dali. Als production designer denk je op zo'n moment dat je de plank volledig hebt misgeslagen. Je spart een hele tijd met de regisseur, ontwikkelt fantastische visioenen en wat zie je ervan terug? Slechts een fractie.

Niettemin vind ik de droomscène, met al zijn beperkingen, een uniek filmmoment. Net zo iconisch als het afgesneden oor in Tarantino's Reservoir Dogs (1992) en de scène met de hakselaar uit Fargo (1996) van de Coen-broers. Het maakt ook hongerig naar méér. Hopelijk ligt de rest van die scène ergens op zolder op ontdekking te wachten. Die ontbrekende minuten zijn toch de heilige graal van het production design.'

The Hitchcock Touch (georganiseerd door filmmuseum EYE). Tot en met 15/11 in het hele land.
eyefilm.nl/hitchcock

CV BEN ZUYDWIJK

Ben Zuydwijk (Rotterdam, 1962) begon meer dan twintig jaar geleden als decorschilder bij het Ro Theater in Rotterdam. Later werd hij zelfstandig production designer voor film, tv en theater. Hij deed onder meer Wilde mossels (2000), Diep (2005), De eetclub (2010) en De poel (2014). Nu werkt hij aan de tv-serie Moeder, ik wil bij de revue en Erik de Bruyns nieuwe film Kessels, naar P.F. Thoméses roman J. Kessels: the Novel.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden