Hiphop tv-ster Remy Tilburg in klassiek ballet

Hij is een rijzende ster sinds zijn optreden in So you think you can dance. Nu beweegt hij zich voort tussen klassieke dansers.

Van onze medewerkster Mirjam van der Linden

Aan een ketting bungelen twee ‘dogtags’. Op deze identiteitsplaatjes staat zijn naam – Remy Tilburg – en zijn motto: Live your legend and the legend lives your life. ‘Elke investering die je doet, zal je later ten goede komen’, verklaart de twintigjarige koksleerling en hiphop-ster uit de tv-competitie So you think you can dance. ‘Iedereen heeft zijn eigen kwaliteiten en geloof in zichzelf. Houd daaraan vast, en het komt goed.’

Remy’s rotsvaste geloof laat je walsen tussen scepsis en bewondering. Naïef? Natuurlijk. Maar: deze jongen heeft tenminste dromen. En hoe je het ook wendt of keert: zijn ster is rijzende. Nog maar enkele jaren geleden deed Remy, die het dansen leerde op straat in Amsterdam Zuidoost, mee aan het scholierenproject Zwanenmeer Bijlmermeer van Het Nationale Ballet. Toen kwam SYTYCD, en in het kielzog daarvan een optreden op de trappen van Tuschinski bij de première van Michael Jacksons This is it (‘ik voelde zijn spirit, heftig!’). Vanaf morgen danst Remy in Coppelia, een reguliere productie van het Amsterdamse balletgezelschap.

Het door Ted Brandsen gechoreografeerde en Sieb Posthuma vormgegeven Coppelia gaat over de arts Coppelius die van poppen echte mensen met een echt hart wil maken. Coppelia is zo’n pop, Remy ook. Een hiphopexemplaar welteverstaan. Remy danst dus in de stijl die hij goed kent. Toch voelt hij zich uitgedaagd: ‘Ik kon echt mijn eigen ding doen. Ted Brandsen weet niks van hiphop. Maar hij heeft me wel geleerd hoe ik bewegingen groter, sprekender, kan maken. Bijvoorbeeld door dieper door je knieën te zakken of je armen verder te strekken. Door ballet ben ik ook meer gaan letten op de lijnen die je met beweging kunt maken.’

Remy werkt op school aan zijn grote droom: een eigen patisseriezaak in Amsterdam. Het zal nog wel even duren voor dit ‘omvangrijke plan’ werkelijkheid wordt. En dan is er ook nog de dans, die steeds vaker zijn bezigheden doorkruist. ‘Later’ (wanneer blijft onduidelijk) zou Remy zelfs balletdanser willen zijn: ‘Klassieke dansers zeggen iets over wat ik ben en wil. Ze zijn heel sierlijk en charmant. Ze trainen jaren, keihard. Voor deze mensen moet je gewoon respect hebben.’

Doet hij hiermee zijn geliefde hiphop de deur uit? Remy: ‘Hiphop is meer een wapen. Iets wat ik altijd bij me draag, uit mijn zak kan trekken. Je hoort muziek – hiphop, jazz, klassiek, maakt niet uit – en je begint te bewegen. Hiphoppers dansen heel diep in de beat, dat is fijn. In hiphop kan ik dansen hoe ik me voel. Maar als klassiek balletdanser ben je gewoon de beste. Ook ik wil het uiterste bereiken met mijn lichaam Van binnen voel ik me net zo explosief, net zo gepassioneerd als die balletdansers. Het kan er alleen nog niet uitkomen.’

Dat een gemiddelde balletdanser al voor zijn puberteit met zijn opleiding begint, schrikt Remy niet af. ‘Ik krijg al een beetje balletles van een van de jongens hier. Iedereen zegt dat ik mooie armen heb, als een echte balletdanser. Ik ben een dromer. Maar als ik keihard werk, kan ik alles bereiken. En weet je: het geluk liep altijd al achter mijn kont aan. Wie wordt er nou gebeld door Het Nationale Ballet?’

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden