Hier heersen de stilte en de muziek dEUS werkt in schoonheid van Ronda aan nieuwe cd

Op het terras van '7 de Copas' in Ronda zit 's avonds altijd wel iemand van dEUS. Daar komen de bekentenissen, na wat bier, wodka en tinto de verano: het volgende album moet toch echt substantieel beter verkopen....

NEURIEND TREKT Tom Barman de deur van de opnamestudio achter zich dicht en snelt 'met het lijf vol adrenaline' langs de oude stadsmuren, omhoog naar de hoge, stenen brug over el tajo, de kloof. Het loopt tegen negenen, het uur waarop toeristen in bermuda's en masse op de brug samenkomen om zich in het oranje licht van de ondergaande zon te laten overweldigen door het imposante uitzicht op de Río Guadalevín, die honderdvijftig meter lager een glinsterende waterweg door de goudgele heuvels van Andalusië trekt. Iedereen kijkt, maar Tom Barman kijkt niet. Hij haast zich door Ronda, Barman is geen toerist.

Vaak genoeg heeft de zanger-gitarist van de Belgische popgroep dEUS de afgelopen maanden over de rand van de brug gehangen om in de vallei te turen, of in de verte naar de bergen van de Serranía de Ronda. Mooi hoor, die vergezichten, prachtig zelfs. Maar vanavond zit de schoonheid in zijn kop. Ze barst er bijna uit, in de vorm van Het Lied, het níeuwe lied dat Barman maar blijft neuriën.

'Ik kreeg het idee vannacht', zegt hij. 'Op mijn kamer heb ik wat zitten uitproberen en ineens had ik het. Je moet natuurlijk maar afwachten wat de rest van de band ervan vindt, want vaak heeft een van ons een idee waar de anderen niets in zien. Maar bij dit nummer vond iedereen direct zijn plaats. Iedereen vond het oké.'

Als een koorddanser balanceert hij op de rand van de stoep die hem vanaf de brug naar de Plaza de Toros leidt. Links achter die arena ligt het terras van 7 de Copas, waar elke avond wel iemand van dEUS neerstrijkt om de nacht door te komen. Vooral Barman wil vanavond feesten op dat pleintje waar jongeren hun scooters parkeren om er vervolgens urenlang stoer, aantrekkelijk of liefst onweerstaanbaar omheen te dartelen. Maar eerst gaat hij naar de anderen, naar huis, waar Maria-José wacht met het eten.

Voor de derde keer dit jaar heeft dEUS in Antwerpen het vliegtuig naar de Costa del Sol gepakt. Vanuit Malaga of Sevilla zijn de vijf muzikanten in het bergtreintje gestapt dat een paar keer per dag kruipend zijn weg zoekt door een vakantiefolderlandschap van glooiende hellingen en steile afgronden, zwerfkeien, verroeste bruggetjes over drooggevallen beekjes, spierwitte huisjes, duizenden olijfbomen en stationnetjes met namen die je luid en met veel theater door het treinstel zou willen declameren: Almargen carñete la Real!

Ter voorbereiding op de opnamen volgende maand voor de nieuwe cd is de band naar Ronda gekomen, een stadje waar zo veel belangrijks is gebouwd dat de Spaanse overheid het maar in zijn geheel tot monument heeft uitgeroepen. In Ronda kun je de geschiedenis aanraken. Afgezien van de eeuwenoude bruggen over de kloof tussen Oud- en Nieuw-Ronda, zijn er vijftiende-eeuwse kerken gebouwd op de fundamenten van nog oudere moskeeën uit de Moorse tijd, staat Spanjes oudste stierenvechtersarena (uit 1785) hier en doen gebouwen die zes, zeven eeuwen geleden nog onderdak boden aan Moorse overheidsinstanties thans dienst als hotel.

In zo'n hotel zit dEUS. Al ruim drie maanden baadt de band in de luxe van comfortabele kamers, vrije en onbeperkte toegang tot de bar, ontbijttijden tot ver in de middag, zwembad, sauna, tropische volière, pooltafel, muziekruimte met twee draaitafels, video, talloze patio's en een opnamestudio. In de achtertuin graast een ezel.

'Ik werk hier veel harder dan thuis', zegt violist Klaas Janzoons 's avonds op het bescheiden terras bij het zwembad. Er heerst een stilte die zelfs geluidloze bewegingen - een glas heffen, om maar iets te noemen - nog enig volume geven. 'Vaak neem ik een DAT-cassette met demo-opnamen mee naar mijn kamer, hierboven. Kan ik alvast eigen orkestraties maken. In België heb je een huis vol rommel, je moet boodschappen doen, koken, er is altijd wel ergens een feestje, dus ben je misschien geneigd het werk rap af te maken. Hier is niets, of nou ja, je kunt wel naar het terras.'

Binnen aan de bar prikt Tom Barman zijn vork in een groentesalade. Aan de andere kant tapt bassist Danny Mommens een biertje. 'Het is hier veel rustiger', zegt Barman. 'Er komen hier geen rekeningen, geen faxen, je krijgt nooit telefoon.' Wat heerst is de muziek. In de bar en op de kamers. Barman toont de wand met apparatuur waaruit hij afgelopen nacht de nieuwe melodie peuterde. Twee groovemixers moeten hier tegenover het hemelbed en een stapel vuil ondergoed de drums vervangen. Daarnaast staan een klein mengpaneel, een DAT-recorder en een gettoblaster.

'Het werkt prima zo', zegt Barman. 'Als we met z'n vijven in de studio staan en we moeten op dat moment iets verzinnen, kan dat soms zó lang duren dat er niets meer uitkomt. Nu kan ieder van ons zelf wat dingetjes op zijn kamer uitproberen en die in de studio aan de anderen voorleggen. Dat gaat sneller en beter.'

Anderhalf jaar geleden kocht Filip Eyckmans van het Belgische management Musickness het hotel en doopte het tot En Frente Arte, Het Kunstfront: een soort artiestengasthuis waar muzikanten, theatergroepen, beeldend kunstenaars of 'andere mensen uit de kunstbranche' tegen betaling van een vast bedrag onderdak krijgen. Ter inspiratie, ter ontspanning, of liefst allebei. Eyckmans wil 'een bepaalde sfeer' bieden. 'Een sfeer waarin mensen ook eens in een minder gestresseerde situatie met elkaar kunnen omgaan dan backstage of aan de onderhandelingstafel van de platenmaatschappij.'

Van de dEUS-leden lijkt vooral bassist Danny Mommens zich goed in die ontspannen opzet te kunnen vinden. Als Barman, drummer Jules de Borgher en producer Dave Bottrill 's middags tegen een uur of vier klaarstaan in de opnamestudio, aan het eind van de oude stadsmuur, ligt Mommens nog op bed. Gitarist Craig Ward komt binnensjokken. Alleen. Barman is verbaasd. 'En Danny? Craig, heb jij Danny gezien?' Ja, Craig heeft Danny gezien, of hoewel nee, eigenlijk alleen geroken. Hij heeft zijn kamerdeur geopend, maar de onbestemde walm die hem tegemoet kwam, weerhield Craig ervan verder te lopen. 'Maar hij zei dat hij eraan kwam.'

Eyckmans heeft het hotel gekocht, zegt hij, 'om met muziek en de kunsten in het algemeen te kunnen bezig zijn zoals het zou moeten'. Ja, Eyckmans is 'erg gefascineerd' door de ideeën van de jaren zestig en zeventig, hoewel hij pas 27 is. Mensen uit de buurt denken al dat hij een volle neef is van John Lennon, met dat lange sluikhaar, die baard en dat ronde brilletje. Het zij zo. 'Als ik op tv die oude discoparty's zie waar iedereen met die grote broeken en enorme haardossen gezellig staat te dansen, dan denk ik gewoon: fuck, ik heb mijn tijd gemist. Daarmee vergeleken is de house van nu volkomen opgefokte extravaganza waar ik niets van begrijp.'

En Frente Arte zou zijn droom kunnen verwerkelijken, zelfs 'een poort naar nieuwe dingen' kunnen zijn. Weliswaar heeft hij daarvoor hard bij zijn ouders moeten aankloppen, maar die investering zal zich kunnen terugbetalen. Eyckmans weet: 'Dit is een idee dat kan werken.' Al heeft het wel even tijd nodig. De opnamestudio bij de Iglesia de Espíritu Santo wordt al gebruikt. Maar in de polyvalente ruimte daarboven, waar een bar-annex-galerie-annex-filmhuis-annex-conferentiezaal moet komen, wordt nog volop getimmerd en geboord.

Evengoed zijn er al mooie dingen gebeurd. Zo kwam het jonge Belgische kwartet Die Anarchistische Abendunterhaltung, kortweg De Anarchisten (of nog korter: DAAU), vorig jaar als eerste gezelschap naar Ronda om hun nieuwe cd op te nemen. 'Eerst kwam alle stront van de voorbije maanden bij hen naar boven', zegt Eyckmans. 'Dat gebeurt als je zo dicht op elkaar leeft. Maar daarna konden ze als herboren verder.' En verdraaid als het niet waar is: direct ontstonden er spontane jamsessies met twee lokale flamencogitaristen én enkele leden van de Engelse popgroep Lamb, die voor een fotosessie in Ronda was.

Prachtig was dat. Maar dEUS staat voor een zwaardere klus. Het vijftal dat vier jaar geleden de alternatieve popwereld compleet verraste met een album dat de beste herinneringen opriep aan de gekte van Captain Beefheart, de melancholie van Tom Waits, de rock van de Smashing Pumpkins en hier en daar ook nog wat met jazz flirtte, staat voor een cruciale fase in zijn bestaan. Volgende maand worden immers de nummers voor het derde album opgenomen, en kenners van de platenindustrie weten dat de derde plaat voor een band tegenwoordig al lotsbepalend is.

Vrijdagnacht op het terras van 7 de Copas en later op de stoep van drinklokaal Nevada bekennen de muzikanten na wat bier, gin-tonic, rum-cola, wodka met mintbladeren, tinto de verano, een minder zoete variant van sangria, enfin, na wat drank dus, maar niet speciaal daarom, dat het volgende album 'echt substantieel' meer cd's zal moeten gaan verkopen. 'Anders zal er moeten worden gepraat', zegt Barman. 'Ook met de platenmaatschappij. Van de groepen die in 1994 bij Island zijn gekomen, zijn we een van de weinigen uit ons genre die er nog bij zijn.'

Van de eerste twee albums werden zo'n 150 duizend exemplaren verkocht. 'Maar we willen nu echt een flinke stap naar boven doen', verklaart Barman, '300- of 400 duizend misschien.' Hij zegt het met enige schroom maar toch: 'Wij verdienen het. Als dEUS 400 duizend platen verkoopt, is dat geen mirakel.'

Barman is competitief, geeft hij toe. Met alles. Tijdens een potje poolbiljart in discotheek Zaidin blijft hij zijn Spaanse tegenstanders tot vervelens toe met handen en voeten uitleggen dat de laatste, zwarte bal écht toch in het gat moet tegenover het gat waar de voorlaatste bal in ging. Van waar hij staat, kan drummer Jules de Borgher het gesprek nooit horen, maar één blik en hij weet waarover het gaat. Teamgenoot Mommens is er van lieverlee maar bij gaan zitten, op de rand van het biljart. Een kwartier later heeft België van Spanje gewonnen.

'Als ik ergens aan begin, wil ik winnen', zegt Barman later. 'Allez, als je me vijf jaar geleden had verteld: je zult 150 duizend platen verkopen, dan had ik dat veel gevonden. Maar op een gegeven moment speel je mee in een andere liga, waar bands meer platen verkopen, óók bands die veel eentonige, oninteressante, zelfs slappe muziek maken. Dan begin je jezelf vragen te stellen. Hoe kan dat in godsnaam? Zo'n kakband als de Fun Lovin' Criminals. De nummers die zij maken, schrijf ik in een middag.'

Dat frustreert ook Filip Eyckmans van Musickness-management. Ook al omdat het financieel gezien zo langzamerhand wel tijd wordt dat er met een van zijn bands iets spectaculairs gebeurt. Al een jaar of zes leeft Eyckmans van vijftienhonderd gulden per maand, zegt hij. Dat bedrag zou hij eerlijk gezegd graag een keer zien stijgen.

Misschien lukt het met de nieuwe dEUS-cd. Tom Barman denkt dat zijn pasbedachte themaatje een goede eerste single zou kunnen worden. Op zijn kamer laat hij een ruwe versie uit de gettoblaster knallen of nee, hier, met een koptelefoon klinkt het beter. Vooral de groovemixers blijken hem goed van pas gekomen. Een rap, stuwend ritme dendert van begin tot eind voort. Dance is het niet, dansbaar zeker, nu al. 'Het is lekker up-tempo', zegt Barman. 'Dat hebben we ook nodig. Het zou goed zijn voor de balans van de plaat. Als ie de komende dagen maar overeind blijft.'

Gitarist Craig Ward moet er nog wat aan wennen. 'Het is erg anders dan de rest', aarzelt hij. 'Maar het nummer heeft wel een soort organische flow. Dat is wel lekker.' Hij zou het niet zo erg vinden als het nieuwe album deze keer minder positieve recensies zou opleveren, maar wel goed zou verkopen. 'Ik wil ervan kunnen leven', zegt hij. Niet dat dEUS de drang naar andere, 'eigen' popsongs opzij zal schuiven ten behoeve van het geld. Ward zou niet eens weten hoe je dat doet. Maar makkelijker is de band wel geworden.

'We zijn nu meer bereid in te spelen op de wensen van de platenmaatschappij', zegt drummer Jules de Borgher. 'We schrijven geen nummers in dienst van hun ideeën. Maar als zij vinden dat de intro van een nummer korter moet omdat de plaat dan als single beter verkoopt, doen we dat. Als het dan niet lukt, kan het in elk geval niet aan ons liggen.'

In de studio lijkt Barmans nummer de eindstreep te halen. 'It rocks', juicht producer Dave Bottrill. Barman wil nog wel weten of de band hier, in dit stukje, niet iets langer in f zou moeten blijven hangen. Ja, dat is mooier. De band kan het lied op een demo opnemen: het is Mommens gelukt zijn bed te verlaten.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden