Hier fietst ne mens

BIJ DE BEFAAMDE Antwerpse drukker Christoffel Plantijn verscheen in 1569 het wonderlijke boek Origines Antvverpianae van Joannes Goropius Becanus. Onder veel meer ongehoords stelde die medicus en taalgeleerde dat de oudste taal ter wereld niet het Hebreeuws was, maar het Diets, de taal die eeuwen terug in de Nederlanden en...

Daar kan Benno Barnard, die sedert tien jaar in Antwerpen woont en zichzelf hartstochtelijk tot Belg uitroept, wel mee uit de voeten. In zijn nieuwe dichtbundel De schipbreukeling zingt hij onder andere in het gedicht 'Hier' de lof van zijn huidige woonplaats, 'de stad van de gevallen Aardman en Eeuwvat'. En in het begin van zijn eveneens zojuist verschenen bundel reisreportages Door God bij Europa verwekt drukt hij opnieuw de hand van Becanus door diens vindingrijke etymologieën aan te halen, en eraan toe te voegen dat ze 'tot dusverre door niemand behoorlijk zijn weerlegd, zodat we mogen aannemen dat Becanus gelijk had'.

In zijn liefde voor België en Antwerpen in het bijzonder is Barnard zelfs tot doorzichtig drogredeneren bereid. Wat hem telkens enthousiast maakt voor zijn nieuwe vaderland, is de smeltkroes van talen en culturen, de tegenstrijdigheden in gedrag en mentaliteit die moeiteloos naast elkaar kunnen bestaan, het ontbreken van rechtlijnigheid. Tekenen wellicht van een overlevingsstrategie die de zuiderburen in de loop der eeuwen hebben moeten ontwikkelen.

Voor de Roosendaalse domineeszoon is die luchthartige vergaarbak een weldaad vergeleken bij Holland, 'die luidruchtigste en naïefste van alle democratieën'. Al zit hij met zijn moedertaal levenslang aan ons vastgeklonken, we mogen er niet op rekenen hem ooit nog eens te huisvesten, starre betweters dat wij daar zijn.

Die afkeer van Nederland onthult, hij weet het zelf, veel van Barnards karakter. De reizen door België die hij in de afgelopen jaren maakte, worden in de nabetrachting met recht 'evenzeer een fragmentarisch zelfportret' genoemd. Zich verplaatsend per auto door een land dat vol staat met gedenktekens, kerken, musea en grafzerken, is hij tegelijkertijd bezig zichzelf in kaart te brengen. 'Ik was hier', zeggen de stukken die in Door God bij Europa verwekt zijn verzameld, en die samen het antwoord hopen te geven op de vraag: 'Maar wie ben ik?'

In zijn oogverblindende stijl, die we reeds kenden uit zijn vorige prachtboek Het gat in de wereld (1993), pleit hij voor de verdraagzame janboel die zijn nieuwe thuis kenmerkt. Patrick de Spieghelaere maakte de 48 foto's die in het boek zijn afgedrukt. In het zwart-wit, liever gezegd: het grijs, van de verstilde foto's (een gekruisigde Jezus aan een muur in nachtelijk Eupen; een kapperszaak te Malmédy met, daarnet geholpen, de man die zijn haar kort liet knippen), kan de lezer de kleurnuances projecteren die door Barnards pen worden opgeroepen.

Hij betrapt volk en geschiedenis door in de buurt van de bezochte monumenten in een café of hotel een praatje te maken. Uit die ontmoetingen blijkt dat Barnard met zijn gevraag en Hollandse tongval vooralsnog niet zo onopvallend opgaat in zijn omgeving als hij had gewild. De eerlijkheid die hem gebiedt deze voelbare wrijving te vermelden, is een van de charmes van de verslagen. Je ziet dat Barnard het land stukje bij beetje moet inlijven voordat hij zich tot inwoner mag verklaren.

Ze zijn meesterlijk getypeerd, de obers, hoteleigenaars, receptionistes, kroegbazen en museumbeambten; de poortwachters die hem moeten helpen door te dringen tot de kern van het land. De cafébaas bij het enige resterende stuk Ieperse loopgraven van '14-'18, Hill 62, verkoopt de kaartjes: 'De toegang kost honderd frank. Voor tweehonderd frank krijgt u er een kogel bij.' Met het kruitloze koper in zijn broekzak daalt Barnard af in de loopgraven.

Ook Monsieur Albert, de bejaarde dronkaard in een café te Welkenraedt die wartaal bralt en dat zelf Rwandees noemt, mag er zijn. Door dat ene woord caramboleert hij Barnard, die in de streek heeft gezocht naar sporen van Guillaume Apollinaire (die voor de Eerste Wereldoorlog in Stavelot was), terug naar het hier en nu: in Rwanda zijn dan net tien Belgische blauwhelmen doodgeschoten.

In de mooiste stukken lukt het: dat de romanticus, wiens virtuositeit hem vaak dreigt te verleiden tot ronkend trommels-en-trompettenproza in de trant van Jeroen Brouwers, door zijn omgeving uit de droom wordt geholpen, en hij met beide benen weer op Vlaamse bodem komt te staan.

Spreekt hij over het Vlaams Blok, de in Antwerpen populaire extreem-rechtse partij van Filip Dewinter, dan is de actualiteit kennelijk te vers om er een zinnige analyse aan op te hangen. De poging die Barnard doet om die smet op het blazoen van zijn stad te verdoezelen, door te wijzen op Dewinters beperkte intellectuele vermogens, overtuigt niet. Waarom kan een gesjeesde student die 'alleen maar machtsgeil' is, niet juist veel gevaarlijker zijn dan een ideoloog?

Aan politiek kan ook déze schrijver zich beter niet wagen. Laat hem afreizen naar het Drielandenpunt en uitpakken over het Vierde Landje waar de uitkijktoren vroeger zicht op bood: Neutraal-Moresnet, dat van begin negentiende tot begin twintigste eeuw heeft bestaan, en waar dr. Wilhelm Molly de Wereldcentrale der esperantisten wilde vestigen voordat het Duits en toen weer Belgisch grondgebied werd.

Ook surrealistisch, maar daarom niet minder waar, is het verhaal dat Hitler in de Eerste Wereldoorlog als koerier tussen de Duitse troepen in België heeft gebrommerd. Nonkel Louis, 99 jaar, weet het nog goed. Hij had hem toen 'pertang' kunnen neerschieten maar deed het niet, omdat Hitler een blik in de ogen had die uitdrukte: 'Niet schieten, alstublieft! Hier fietst ne mens'

Als je dat leest, zou je Barnard gezwind achterna reizen. 'Ik ben ontworteld en soms te gelukkig voor woorden', schrijft hij in het eerder genoemde gedicht 'Hier'. In de onnavolgbaar Belgische mengeling van provincialisme en kosmopolitisme heeft hij nieuwe wortels gevonden.

Arjan Peters

Benno Barnard: Door God bij Europa verwekt.

Atlas; 206 pagina's; ¿ 39,90.

ISBN 90 254 0984 9.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden