Het weer zit ook niet mee

De jonge schrijvers Mustafa Stitou en Rashid Novaire houden een literaire lezing in Amsterdam. Dat is althans de bedoeling. 'Bij het voorlezen zie je je publiek in de praktijk.'..

Die avond gaven Mustafa Stitou en Rashid Novaire een literaire lezing in het gebouw van Platform De Levante aan het Amsterdamse Museumplein. Er was muntthee en er lagen kussens op de grond voor het publiek, dat er nog niet was. Achter een bureau maakten twee mensen van de organisatie zich druk over het weer.

Er was regen voorspeld en het zag er naar uit dat het ging onweren.

Schrijver Rashid Novaire (27) droeg een soort van hoofddoek, liep langs de kunstwerken aan de muur en vertelde over zijn leven en werk.

Rashid Novaires talent werd op jonge leeftijd ontdekt tijdens de El Hizjra-Literatuurprijs. Hij debuteerde op 19-jarige leeftijd met de verhalenbundel Reigers in Caïro. Ook recensenten zagen hem direct als een belofte voor de toekomst. Dat werd nog eens bevestigd toen hij doordrong tot de fi nale van de NPS Cultuurprijs 2000.

In 2003 verscheen zijn goed ontvangen roman Maïsroest, die op de shortlist kwam van de Libris Literatuur Prijs. Voor zijn nieuwe roman, Het lied van de rog, verbleef Rashid Novaire meer dan een half jaar in China. Hij had er zin in. 'Veel schrijvers spreken over de eenzaamheid van het vak. Niet schrijven is pas eenzaam.

Bij het voorlezen zie je je publiek in de praktijk.

Dat is niet vaak het geval.'

We keken naar de lege ruimte. Het grapje - 'Worden je boeken wel gelezen?' - viel niet helemaal goed.

Het weer zat tegen en ook het aanvangstijdstip - 19.00 uur - was raar voor een literaire avond.

Hij begon over zijn culturele achtergrond. 'Mijn heel gedifferentieerde culturele achtergrond gebruik ik als een palet voor mijn verhalen. Ik zie schrijven als een brok steen waaruit ik een kop moet hakken.'

Het korte interview werd afgesloten met: 'Je bent schrijver als je weet dat je door moet schrijven.'

Daarna ging hij verder met zijn voorbereiding.

Druk De Levante-medewerkster Wieke Rombach schonk muntthee uit een enorme zilverkleurige theepot en haalde herinneringen op aan de opening van de groepsexpositie van Marokkaanse kunst een avond eerder.

Toen was het wel druk. 'Je zit hier sowieso snel met ruimtegebrek. We kunnen veertig, misschien vijftig man herbergen. Dan is het echt vol.'

Ze keek in haar boek. Er waren tien kaarten gereserveerd.

Daarvan was er één daadwerkelijk opgehaald.

Buiten betrok de lucht. Wieke: 'Het weer zit ook niet mee... Zal ik dan maar wat vertellen over de stichting?' Ze begon meteen. Stichting De Levante was in korte tijd uitgegroeid tot het eerste en enige instituut voor oriëntaalse kunst en cultuur in Nederland. De stichting was opgericht door een Frans-Algerijnse dame. En, o ja, oriëntaalse kunst en cultuur betekende kunst uit Tunesië, Algerije en Marokko.

'We zijn met niets begonnen en kijk waar we nu zijn...'

, zei Wieke. 'Nog een pot muntthee?' Het gesprek ging nu over de Algerijnse kunst in het algemeen.

Vlak voor het onweer losbarstte arriveerde dichter Mustafa Stitou. Hij begon aan een rondje langs de kunst en concludeerde dat hij die avond niet ging voorlezen.

Wieke: 'Zullen we dat dan maar aan het publiek voorleggen?' Het inmiddels gearriveerde publiek - ene Jan, een man met een blauwe stropdas - wilde niet dat de schrijvers speciaal voor hem iets zouden doen waardoor ze zich ongemakkelijk zouden voelen.

Wieke: 'We pakken de agenda's erbij; 30 juni. Kun jij dan, Jan?' Jan kon, maar op verzoek van de schrijvers werd de voorleesavond doorgeschoven naar juli.

In de deuropening deelde Jan sigaretten uit.

'C'est la vie', zei Wieke.

En ze zei ook dat ik de volgende dag naar bioscoop Rialto moest komen. Daar werd in het kader van 'De kleur van de Maghreb' de documentaire Ghetto girls vertoond. Na afl oop zou er een debat met de Marokkaanse maaksters zijn.

Rashid Novaire vond dat ook het beste. 'Dat wordt een spannende discussie. Want als je alleen hierover schrijft, vind ik het fl auw.'

Met de woorden 'c'est la vie' namen we afscheid.

Jan: 'Ik ben er morgen niet, hoor. Ik ben helaas verhinderd.'

Thuis De volgende middag in fi lmtheater Rialto aan de Amsterdamse Ceintuurbaan zat het weer gelukkig wel mee. Naast de fi lmmaaksters en wat vriendinnen waren er dertien aanwezigen. In optocht ging het naar de grote zaal.

De vier jonge maaksters waren na de grote rellen in Parijs naar de banlieus vertrokken om te onderzoeken waar de meisjes en vrouwen waren geweest tijdens de rellen, want die hadden ze niet op televisie gezien. Het antwoord kwam al snel: de vrouwen zaten thuis. Nadat ze een aantal meiden hadden geïnterviewd, gingen de maaksters elkaar interviewen over hun leven. Vijftig minuten later was het voorbij. Het publiek had de fi lm als taboedoorbrekend ervaren.

De maaksters - Mina, Samira en Lamia, de vierde maakster wilde niets meer met de documentaire te maken hebben - kwamen naar het podium, waar ze kritisch werden ondervraagd door de columnist Asis Aynan.

Hij deed zijn best, maar kreeg bij zijn eerste vraag al direct een sneer van een dame uit het publiek. Of hij zich, gezien zijn man-zijn en in het licht van twee miljoen jaar vrouwenbesnijdenis, misschien wat bescheidener wilde opstellen?

Poedertje Tussen het publiek zat ook IKON-documentairemaakster Ingeborg Beugel. Ze had ook een fi lm gemaakt over liefde en seksualiteit in multicultureel Nederland - Geloof, seks en wanhoop - en greep de gelegenheid aan om ontzettend veel vragen en opmerkingen te maken.

Ze vond het een leuke documentaire. Ze had ook wel wat kritische punten, maar die wilde ze de maaksters liever in een wat intiemere sfeer vertellen. 'Dat ene meisje dat jullie interviewden, glom zo. Zorg gewoon dat je altijd een poedertje bij je hebt. Dat soort dingen. En ook nog wat montagedingen.'

Een van de maaksters begon over de media. Ze verzuchtte: 'In de kranten wordt altijd positief over Marokkaanse meiden geschreven. Maar met ons gaat het ook helemaal niet goed.'

De vrouw die vond dat alle mannen moesten zwijgen, riep op tot lotsverbondenheid. 'Organiseer je dan, lieverd! Dat hebben wij ook gedaan in de jaren zeventig en tachtig. En denk erom: met veel Hollandse meiden gaat het ook niet goed.'

En documentairemaakster Ingeborg zei: 'Jullie raken het taboe aan, maar jullie vragen niet door. Dat is een van de opmerkingen die ik straks wil maken. Dat doe ik liever niet in een halfvolle zaal.'

Tijd voor thee.

De documentairemaaksters poseerden voor een foto en kregen even later gratis documentaireles van Ingeborg Beugel. En twee dames uit het publiek spraken nog wat na over taboes en scheefl iggende manvrouw- verhoudingen.

Hassan, schrijver en vrijwilliger van stichting De Levante kwam nog even evalueren. Gisteren was afgelast, vandaag was de belangstelling wat groter. 'Zoiets moet groeien.'

Of ik al wist dat er komende donderdag wederom een literaire lezing was? Dan traden Said El Haji en Malika Chaara op.

Onder voorbehoud, dat wel.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden