Het versleutelen van klassieke stukken kan een verrijking zijn

Klassiek volgens Westerlaken

Wekelijks nemen de cultuurspecialisten van de Volkskrant stelling in de wereld van film, muziek, theater of beeldende kunst. Deze week: Nell Westerlaken.

Belangstellenden wonen de uitvoering van de Matthäus-Passion bij in de Grote Kerk in Naarden. Foto anp

Waarschuwing vooraf: dit is geen stuk voor zuiveren in de leer onder liefhebbers van klassieke muziek. Ze hebben het zwaar in deze met Matthäus Passions gevulde dagen. Waarschijnlijk is er geen klassiek werk dat zo vaak wordt versleuteld als de Matthäus. Elk jaar zijn er nieuwe varianten, dit jaar bijvoorbeeld die van het Residentieorkest: een ingekorte, Nederlandstalige, voor blazers en slagwerkers bewerkte versie die wordt uitgevoerd in de Haagse poptempel het Paard van Troje. Tel even mee: dat zijn vier schoppen tegen het zere been.

Genrevervuiling, hoor je tegenstanders roepen, verpopping van de klassieke muziek. Al dat gehussel zou ten koste gaan van het kernrepertoire, de 'echte' klassieke muziek. Een avond pop- of filmmuziek gespeeld door een symfonieorkest is een avond verloren voor de ware klassiekemuziekfan. Ook het Residentieorkest is zich bewust van de criticasters. 'Als een muziekstuk zo fenomenaal, zo krachtig en meeslepend is, moet je er dan niet gewoon met je tengels van afblijven?', vraagt het orkest retorisch op zijn website.

Het orkest wil een Matthäus neerzetten die tot de verbeelding spreekt van een nieuwe generatie muziekliefhebbers. Publieksverbreding heet dat in marketingtaal. Alle orkesten zijn ermee bezig, elk op zijn eigen manier. Het Noord Nederlands Orkest kreeg twee jaar geleden de zalen vol 'nieuw' publiek met muziek van Abba en The Rolling Stones. Of dat publiek terugkomt voor de Matthäus is de vraag.

Zolang orkesten zelf kunnen bepalen wat ze op het repertoire zetten en niet de subsidieverstrekkers, is er weinig aan de hand. De hele muziekgeschiedenis staat bol van mixen, mengen en mêleren. 'Serieuze' componisten als Stravinsky, Ravel en Sjostakovitsj lieten zich graag beïnvloeden door de toen nieuwe jazzmuziek, en niemand die dat nog beschouwt als een bedreiging voor wat voor muziek dan ook. Iemand die met succes genres husselde, is dirigent en componist Leonard Bernstein, wiens werk dit jaar vaak te horen is vanwege zijn honderdste geboortedag. Jazz, pop, latin - hij stopte van alles in zijn musicals, opera's en liederen. Ook in nieuw gecomponeerde 'klassieke' muziek klinken geregeld invloeden door uit andere genres en muziekwerelden.

Een bezwaar dat wordt aangevoerd tegen popmuziek in de concertzaal is de vluchtigheid ervan. Popmuziek moet meteen lekker in het gehoor liggen. Maar ook dat is geen nieuw fenomeen. Schubert was in zijn tijd een moderne songwriter. Hij componeerde honderden liederen voor instant-gebruik: ze moesten meteen pakken en niet pas binnenkomen na een keer of vijf luisteren.

De preciezen in de leer kunnen we geruststellen. Behalve de nieuwe Matthäus in het Paard van Troje voert het Residentieorkest het origineel van Bachs meesterwerk uit in de Leidse Pieterskerk, drie keer maar liefst. Iedereen zijn eigen versie. Zeker het wat jongere publiek shuffelt moeiteloos tussen muziekgenres en stijlen en ook dat is niet nieuw. Na een daverende Negende van Beethoven met de New York Philharmonic verruilde Leonard Bernstein ooit zijn dirigentenpak voor een leren jasje, liet zich naar de roemruchte Studio 54 rijden en danste de nacht in op muziek van Donna Summer.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.