BESCHOUWING

Het vernieuwde Van Gogh Museum

Een arme sloeber met geniale invallen die uiteindelijk zo mesjogge werd dat hij zijn oor afsneed? Nou nee. Vincent van Gogh heeft de afgelopen jaren een ander smoel gekregen. Aanleiding voor het Van Gogh Museum de presentatie radicaal te vernieuwen.

Tegen de wand: een uitvergroot detail uit Zelfportret met grijze hoed (1887). Daarvoor: Zelfportret met strohoed (1887) Beeld Cigdem Yuksel

Twee ogen en een oor. Meer is waarschijnlijk niet nodig om Vincent van Gogh te karakteriseren. Dat ingespannen kijken van hem, met die gefronste wenkbrauwen en priemende blik. En de mythe van de oorafsnijding als opmaat tot de zelfmoord.

Met die twee grote ogen (en een oor) staart de schilder je nu aan bij binnenkomst in het Van Gogh Museum in Amsterdam. Het indringende detail, uit zijn Zelfportret met grijze hoed, is tot een muurvullende reproductie uitvergroot. Eromheen zijn maar liefst een dertiental echte zelfportretten van Van Gogh uit de museumcollectie opgehangen. Uit verschillende tijden, in verschillende stijlen. En direct krijg je een beeld van de schilder in al zijn verscheidenheid. Van Gogh de eigenzinnige. De gedrevene. De narcist. De traditionalist. De vernieuwer.

Nieuwe inrichting

Het mag duidelijk zijn bij zo'n entree: daar is over nagedacht. En hoe. Deze week opent in het Van Gogh Museum de 'compleet nieuwe' collectieopstelling. Vanaf de ingang tot aan de nok van het Rietveld-gebouw is een groot deel van de museumcollectie opnieuw opgesteld. Een collectie die er mag zijn: het museum bezit maar liefst meer dan tweehonderd schilderijen en ruim vijfhonderd tekeningen. Ook: bijna alle brieven, interieurstukken uit het huis van broer Theo (waaronder de befaamde 'brievenkast' waarin hij zijn correspondentie met Vincent bewaarde), Vincents palet en de verzameling schilderijen die de twee broers van andere kunstenaars hadden aangelegd. En dat weer aangevuld met wat het museum zelf in de loop der jaren aan verwante kunst, doorgaans van tijdgenoten heeft aangekocht.

De nieuwe inrichting vormt een opmaat voor de nieuwe ingang die in juli volgend jaar wordt geopend. Bezoekers zullen dan vanaf het Museumplein het gebouw worden binnengeloodst. Het hoekige gebouw dat Gerrit Rietveld ontwierp en dat, naar verluidt, nu nog optimaler wordt benut. Bijvoorbeeld door de zalen opener in te richten, zonder al te veel tussenschotten, zodat je direct een overzicht krijgt van wat er te zien is.

De aardappeleters (1885). Beeld Cigdem Yuksel

Herhalingsbezoek

Maar er is ook een andere, meer toeristische reden om, vooral het Nederlandse publiek, een andere Vincent voor te schotelen. Veel Nederlanders bezoeken het Amsterdamse museum maar één keer, omdat ze daarna denken: we kennen die gast nu wel. De verwachting is dat een 'vernieuwde' Vincent niet alleen toeristen zal blijven trekken, maar Nederlanders ook tot een herhalingsbezoek zal verleiden.

Vandaar die indringende blik aan het begin, die je gebiologeerd naar binnen wil trekken, verder het gebouw in. En verder het leven van Van Gogh binnen. Na de ingang met zelfportretten klim je geleidelijk door de tijd naar boven. Op de eerste verdieping zijn de schilderijen en beelden van Van Goghs voorlopers en tijdgenoten te zien, die een beeld geven van de heersende stijl: luchtig impressionisme, sociaal bewogen realisme en de wat sombere schilderijen uit de Haagse School. Er hangen ook de vroege klassiekers, als De aardappeleters en De zonnebloemen.

De lage, tweede (tussen)verdieping is speciaal bedoeld voor een nadere kennismaking met de kunstenaar, zijn familiebanden, de brieven die hij schreef, de collega-kunstenaars - alles onder de titel 'Van Gogh dichterbij'. Op de bovenste etage volgt dan de finale paukenslag: het bekende topwerk uit de laatste twee jaar. De zinderende landschappen in Saint-Rémy-de-Provence en Auvers-sur-Oise. Aangevuld met schilderijen van kunstenaars die duidelijk in navolging van Van Gogh hebben gewerkt, zoals Francis Bacon.

Léon-Augustin Lhermitte, Het hooien (1887). Beeld Cigdem Yuksel

Thematisch

Was de inrichting vroeger vooral gericht op de plaatsen die Van Gogh had bezocht, nu is de aanpak thematisch. Dus geen Nuenen of Den Haag meer, maar aandacht voor Van Goghs ambitie een 'boerenschilder' te worden. Geen Parijs, maar de wens 'terug naar de basis' te gaan.

Geen Arles, maar 'de bloeiperiode'.

De opstelling biedt niet langer een objectief, kunsthistorisch overzicht tegen witte, steriele muren, met wetenschappelijk verantwoorde teksten. Wel: een wandeling langs de persoonlijke werdegang van de schilder. Waardoor duidelijk wordt met welke collega's hij bevriend was, naar wiens werk hij keek, wie en wat hij schreef.

En dat alles temidden van zijn schilderijen, tegen de achtergrond van gekleurde wanden.

De opzet past in het beeld dat de laatste jaren van Van Gogh is ontstaan. Onderzoek in het Van Gogh Museum zelf bracht aan het licht dat hij zich, veel serieuzer dan verwacht, bezighield met kleurexperimenten. De uitgebreide biografie van het Amerikaanse duo Steven Naifeh en Gregory White Smith veranderde de neurotische heilige in een irritante lastpak. Een dwingeland die zijn familie op de proef stelde en Theo onder druk zette. Om aandacht. Om tentoonstellingsmogelijkheden. En vooral om geld. Zoveel geld dat het beeld van de arme sloeber totaal niet blijkt te kloppen. Hij had veel meer te besteden dan de mythe van de armoedzaaier veronderstelde, dankzij zijn privé-mecenas: Theo.

Tuin van de inrichting (1889). Beeld Cigdem Yuksel

Tijdgenoot en eenling

Wat ook speelt: het Amsterdamse museum is zelf anders gaan denken over hoe de kunstenaar het beste recht te doen. Lange tijd was Van Gogh het unique sellingpoint van het, eh, ja, Van Gogh Museum. Begrijpelijk. Het museum, opgericht op initiatief van ir. Vincent Willem van Gogh, het neefje van Vincent en zoon van Theo, was een huldebetuiging aan de unieke erfenis die het in huis had: de nalatenschap van Jo Bonger, Theo's weduwe, die honderden schilderijen en tekeningen beheerde, die tot aan de dood van beide broers onverkoopbaar waren.

Die omvangrijke verzameling vormde de basis voor het museum dat in 1973 werd geopend. Maar om die collectie geen geïsoleerde onemanshow te laten worden, besloot toenmalig directeur, Ronald de Leeuw, zich meer toe te leggen op de 19de eeuw. Sinds de late jaren tachtig kocht het museum veel tijdgenoten van Van Gogh, onder wie Caillebotte, Signac, Gauguin en Toulouse-Lautrec.

Opvallend is nu dat die twee visies in elkaar zijn geschoven: Vincent de geniale maar zonderlinge eenling én Vincent de tijdgenoot, die cultureel aan anderen schatplichtig was. Want dat is opvallend: hoeveel het museum uit de kast haalt om Van Gogh een levend, nieuwsgierig onderdeel van zijn tijd te laten zijn. Iemand die aandachtig de kleurenleer bestudeerde, in Parijs academies bezocht, zich schoolde in anatomie. De kunstenaar die met collega-schilders een soort cultuurhuis in Arles wilde opzetten en met zijn broer een eigen kunsthandel. Naast de neuroot die aan depressies leed, zijn oor afsneed en zich in de buik schoot.

Amandelbloesem (1890). Beeld Cigdem Yuksel

Meesterwerk

Je zou denken dat met deze nieuwe presentatie de genialiteit van Van Gogh wordt gerelativeerd: hij had veel naar anderen gekeken en van hen geleerd. Hij was helemaal niet de getormenteerde einzelgänger die alles op zijn gevoel deed, vanuit een onnavolgbare, goddelijke inspiratie.

Maar wat ook gebeurt: dat door die historische vergelijkingen Van Gogh alleen maar groter is geworden. Nu goed te zien is wat zijn tijdgenoten bij elkaar penseelden, begrijp je beter met welk een kracht, overtuiging, doorzettingsvermogen en aanleg Van Gogh daar bovenuit is gestegen. Dat hij de laatste vijf maanden van zijn leven dagelijks een schilderij maakte, waarvan de meeste een meesterwerk.

Duizelingwekkend. Menselijk, zeker; bovenmenselijk, nog meer.

Brievenkast

Vincent en Theo schreven elkaar honderden brieven. Theo bewaarde ze in zijn 'brienvenkast', waarin ze na zijn dood in 1891 door zijn weduwe Jo Bonger werden gevonden. Het Van Gogh Museum bezit de meeste brieven uit hun correspondentie. Ze geven een prachtig beeld van hun onderlinge, haast siamese broederband. De brieven van Vincent geven, door de tekeningen op het briefpapier, daarbij ook een mooi inkijkje in de artistieke overwegingen van de schilder.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden