Rembrandt, Zelfportret met Saskia, 1629-1633, uit het Rijksmuseum,

Kunst Rembrandt en Saskia

Het verhaal van Rembrandt en Saskia gidst ons door het 17de-eeuwse liefdesparcours

Rembrandt, Zelfportret met Saskia, 1629-1633, uit het Rijksmuseum, Beeld Rijksmuseum, Amsterdam

Verstandshuwelijk? Hartstikke verliefd waren ze, Rembrandt en zijn eerste vrouw Saskia. En ja, dat kon óók in de Gouden Eeuw, zien we in het Fries Museum.

Op de eerste dag na hun verloving deden Rembrandt en Saskia… – wacht, stop, hier weten we niks van. Op de tweede dag na hun verloving… – hmmm, ook daarover valt weinig zinnigs te zeggen. Op de derde dag maakte Rembrandt een tekening van zijn aanstaande bruid – pfeh. Zilverstift. Zwierige lijnen. Langer dan een minuut of tien zal hij er niet over hebben gedaan.

Het is een lieve, kleine tekening, nu in de collectie van het Kupferstichkabinett in Berlijn. We zien Saskia in nachthalsdoek (een soort losse onderjas), getooid met bloemenhoed, roos in de hand. Iets lijkt haar te amuseren, en het is eenvoudig te raden wat: het poseren zelf. Haar gezicht vertoont precies de mengeling van zelfbewustheid en trots die je ziet bij mensen die het niet gewend zijn grondig te worden bekeken. Haar portret laat zien hoe het voelt om Rembrandts ogen op je gericht te hebben, maar ook wat de schilder voelde als hij naar Saskia keek: uitgelaten, reikhalzende vreugde. Toen hij de tekening af had, denk ik, kuste hij haar.

17de-eeuwse liefdesrituelen

Rembrandt en Saskia zijn slechts zijdelings het onderwerp van Rembrandt & Saskia. Liefde in de Gouden Eeuw. Op deze interessante en goed gemaakte expositie in het Fries Museum in Leeuwarden is hun verhaal vooral een vehikel om ons door het 17de-eeuwse liefdesparcours te leiden: hun hofmakerij, huwelijk en nageslacht voeren ons langs andermans hofmakerij, huwelijk en nageslacht. Of preciezer: langs de objecten die deze zaken belichamen: huwelijksharten, knottendoeken, trouwkistjes; parafernalia waaraan je normaal snel voorbij zou lopen, maar die in deze context betekenis krijgen. Tegen de tijd dat je bent aanbeland bij Rembrandts herinneringsportret aan Saskia uit Kassel, heb je veel bijgeleerd over de liefdesrituelen van onze voorouders.

Liefde in de Gouden Eeuw, zo is te lezen in de catalogustekst van historicus Luuc Kooijmans, was als liefde in de 21ste eeuw, en toch ook weer niet. Mensen trouwden bijvoorbeeld zelden uit strikt romantische overwegingen. Je huwde in de eerste plaats om kapitaal, reputatie en status over te leveren aan de volgende generatie. Een geslaagd huwelijk was een stabiel huwelijk en daarom vermeed men alles wat die stabiliteit kon bedreigen: grote hartstocht (want: voorbijgaand), verschil van leeftijd of godsdienst, downdatingDit klinkt allemaal vreugdelozer dan het was. Liefde speelde wel degelijk een rol en binnen de eigen klasse hadden vrijgezellen een zekere mate van vrijheid in hun partnerkeuze. De welgestelden onder hen ontmoetten elkaar in ‘gezelschappen’: huiselijke dansclubjes die plaatsvonden onder de wakende blik van pa en ma. Seks voor het huwelijk was niet toegestaan, maar gebeurde evengoed. Het sluiten van een huwelijk was trouwens een familiale aangelegenheid. Mannen onder de 25 en meisjes onder de 20 moesten toestemming krijgen van hun ouders. Ook de meningen van peet- en grootouders waren van invloed op het besluit. Doordat zo veel mensen inspraak hadden, was er soms flink wat geduld nodig voordat het tot een bruiloft kwam. Maar in het geval van Rembrandt en Saskia liep het allemaal gesmeerd.

Over Saskia’s persoon en afkomst bestonden tot ver in de 20ste eeuw vermakelijke fabeltjes. Zij zou een ‘boerinnetje uit Ransdorp’ zijn geweest, ‘klein van persoon maar welgemaakt van wezen, en poezel van lichaam’. Dat is kul. Saskia was geen boerinnetje. Ze was de dochter van Rombertus Uylenburgh, de burgemeester van Leeuwarden en vertegenwoordiger van het gewest Friesland tijdens de onderhandelingen met Willem van Oranje. Rombertus was ooggetuige van de moord op de vader des vaderlands in het Prinsenhof. Saskia was een nakomertje. Haar ouders waren al op leeftijd toen ze geboren werd en stierven voordat ze in de puberteit kwam. Ze was omringd door wereldse types. Haar neef Hendrick Uylenburgh was agent van de koning van Polen en dreef in Amsterdam een florerende kunsthandel, waar kopieën werden vervaardigd en veelbelovende schilders werden klaargestoomd. De onderneming stond in die dagen onder leiding van een uitzonderlijk getalenteerde molenaarszoon uit Leiden, ene Rimbard of Rombout ofzo, een niet onknappe jongen met onstuimige krullen en een neus om van te houden. Hij was een jaar of 27, niets dan geconcentreerde energie, quite a catch. En hij was vrijgezel.

In het voorjaar van 1633 maakte hij kennis met Saskia, die van Harlingen de boot naar Amsterdam had genomen. Over hun eerste ontmoeting kunnen we enkel speculeren. Misschien zagen ze elkaar bij Aeltje Uylenburgh, Saskia’s tante. Misschien gebeurde het in het atelier van neef Hendrick Uylenburgh, waar Rembrandt juist de laatste hand legde aan De anatomische les van Dr. Nicolaes Tulp. Rembrandt, zo stel je je voor, vertelde druk gebarend over de opengesneden dode man op het doek, terwijl hij dacht: waarom sta ik in godsnaam te ratelen over een opengesneden lijk? En Saskia knikte driftig, zich aldoor afvragend: waarom gaat-ie maar door over dat lijk? Maar af en toe raakte Rembrandt Saskia’s arm aan, per ongeluk hè. Dat vond ze niet onaangenaam en, we zetten de romkom op fast-forward, een dik jaar later waren ze officieel getrouwd en mocht Saskia zich Rembrandts ‘huysvrou’ noemen, hoera!

Vergis u niet, ‘huysvrou’ betekende niet dat Saskia thuis pannen stond te schrobben of met een ragebol Rembrandts kunstkamer vrijmaakte van spinnenwebben. We moeten het lezen als de ‘vrouw des huizes’, die het bewind voerde over het huishouden. Ze stuurde het personeel aan, hield het kook- en schoonmaakrooster bij, inspecteerde de voedsel- en medicijnvoorraden, trof voorbereidingen voor feestdagen en had wellicht ook zakelijke taken als het ontvangen van klanten of het bijwerken van Rembrandts boekhouding. Voor haar 29ste was ze maar liefst vier keer zwanger geweest, dus ze zal ook de nodige dagen in de bedstee hebben doorgebracht. En ze was dus de muze van ’s lands meest getalenteerde schilder.

Rembrandt van Rijn, Saskia in bed, ca. 1635 uit het Groninger museum. Beeld Groninger Museum

Rembrandt kon zijn ogen niet van Saskia afhouden. Haar brosse haar en zware oogleden figureren op ten minste dertig tekeningen, etsen en schilderijen. Ook herkennen we iets van haar in Rembrandts mythische vrouwen als Delila, Artemisia en Minerva, zoals zijn latere vrouw Hendrickje zou opduiken een figuur als Batseba. Ook figureerde ze in allerhande kopstudies en vlot genoteerde scènes uit het dagelijks leven: uit het raam kijkend, boekhoudend, slapend. Rembrandt ziet er op zijn zelfportretten zelden hetzelfde uit. Saskia wel, min of meer. Oké, de hoogte van haar voorhoofd verschilt en het vet rond haar kin is soms een onsje meer en dan weer een onsje minder, maar haar blozende verschijning herken je meestal direct. Geinige constatering: net als de meesten van ons zag Rembrandt anderen kennelijk scherper dan hij zichzelf zag.

In de bedstee

Op een tekening in bruine inkt uit het Groninger Museum zien we Saskia in de bedstee, een slaapmuts op het hoofd, kussens in de rug, twee armen op het beddengoed, één onder de kin. Dat zijn drie armen, inderdaad. De laatste voegde Rembrandt later toe om zijn vrouw een nadenkende houding te geven. Zat ze te dubben of ze nog zou proberen te slapen of toch beter kon opstaan? Best mogelijk: onze dagen zitten vol met zulke kleine, tijdrovende dilemma’s. Op een andere tekening (niet in de expositie) is de knoop doorgehakt: Saskia slaapt. Ze ligt op haar linkerzij, een hand naast haar hoofd, de mond open, op haar gezicht de tevredenheid die komt met totale ontspanning. De Rembrandt-kenner Jakob Rosenberg schijnt ooit te hebben opgemerkt dat het lijkt alsof we Saskia op deze tekening kunnen horen ademen. Had Rembrandt een nóg intiemere tekening willen maken, dan had hij haar dromen moeten tekenen.

Dat Rembrandt zijn vrouw zo vaak in bed afbeeldde, was geen toevalligheid. Binnen zeven jaar verloor ze drie kinderen: een jongetje, Rumbartus, en twee dochters, Cornelia en Cornelia, allebei vernoemd naar Rembrandts moeder. Haar vierde kind, Titus (vernoemd naar Saskia’s lievelingszus Titia) bleef goddank in leven. De opeenvolgende zwangerschappen en het verdriet om de gestorven kinderen moeten een zware wissel hebben getrokken op Saskia’s gezondheid. Té zwaar, wellicht, want vanaf eind 1641 leed ze aan een ‘uitteerende ziekte’. Vanaf haar ziekbed zag ze hoe een reusachtig doek werd opgespannen onder een overkapping op de binnenplaats. In de loop van het jaar verscheen daarop een stel bewapende mannen, thans bekend als De Nachtwacht. Het is wrang te bedenken dat Rembrandt de figuren op zijn beroemdste schilderij tot leven wekte, terwijl in de belendende kamer het leven juist wegvloeide uit zijn jonge vrouw. Voordat Rembrandt de vernislaag had aangebracht, spoog Saskia bloed in de lakens. Tegen de tijd dat het schuttersstuk in de Kloveniersdoelen hing, was ze dood en begraven.

Herdenkingsportret

Lang daarvoor, tijdens de eerste vreugdevolle jaren, schilderde Rembrandt zijn vrouw en profil in ouderwetse Duitse kledij. Ze figureerde hier als Flora, godin van de lente, die in dit geval ook de lente van hun liefde was. Na het overlijden van de geportretteerde krijgt ieder portret met terugwerkende kracht iets van een elegie, maar het Kassel-schilderij was nadrukkelijk bedoeld als herdenkingsportret. Na Saskia’s dood in 1642 voegde Rembrandt in haar hand een takje rozemarijn toe, een symbool van trouw. Ik zal je niet vergeten, lijkt de schilder te willen zeggen.

Een romanticus zou hier stoppen met schrijven. Een realist spoelt de film nog eens twaalf jaar vooruit. Het portret van Saskia als Flora heeft Rembrandt verkocht aan zijn vriend Jan Six I. Ook heeft hij een nieuwe versie geschilderd, en profil, met bloemenhoed. Alleen was het niet Saskia van Uylenburgh die hiervoor model stond, maar Rembrandts nieuwe vlam, Hendrickje Stoffels. Zij woonde al een tijdje bij de schilder, eerst als huishoudster en verzorger van Titus, later ook als minnares – een rol die haar in de kerk op beschuldigingen van hoererij kwam te staan. En nu stond ze dus ook model in een pose die identiek was aan die van Saskia destijds. Moeten we hieruit opmaken dat Rembrandt was ‘verdergegaan’ met zijn leven, waarbij verdergaan betekende: een nieuwe vrouw? Dat lijkt me wel. Maakt dat Rembrandts genegenheid voor zijn Friese bruid met terugwerkende kracht minder echt? Daar geloof ik niets van. Elke liefde is zo groot als ze was, ook als die heeft plaatsgemaakt voor een andere. In de vergelijking zit de dood.

Rembrandt & Saskia: Liefde in de Gouden Eeuw. Fries Museum, t/m 19/3.

Catalogus Rembrandt & Saskia, Liefde in de Gouden Eeuw. W Books; € 24,95.

Rembrandtjaar 2019

Rembrandt & Saskia in het Fries Museum is de prelude van het Rembrandtjaar. Ter ere van Rembrandts 350ste sterfjaar zullen Het Rembrandthuis, het Mauritshuis, het Rijksmuseum, de Lakenhal en het Stadsarchief Amsterdam tentoonstellingen en activiteiten wijden aan ’s lands belangrijkste schilder. Daarnaast zijn er in 2019 groots opgezette exposities te zien van Rembrandts tijdgenoten, zoals Nicolaes Maes (Mauritshuis) en Pieter de Hooch (Prinsenhof Delft).

Opmerkzaamheid kun je trainen en musea zijn daarvoor de perfecte plek. Maar musea kunnen overweldigend zijn. Soms weet je niet waar je moet beginnen met kijken en sta je alleen maar informatiebordjes te lezen. Wieteke van Zeil geeft in deze video praktische tips hoe je slimmer en bewuster kunt kijken naar kunstwerken en daardoor veel meer gaat zien en beleven.
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden