Tv-recensie Herdenking eerste wereldoorlog

Het verhaal van de Eerste Wereldoorlog boezemt angst in voor wat nog komen gaat 

De geschiedenis leert ons dat de mens niets leert uit de geschiedenis; die gedachte keerde steeds opnieuw terug in programma’s over het einde van de Eerste Wereldoorlog.

De dagen vulden zich met oorlog. Wandelingen langs loopgraven, gesprekken met klaroenblazers, minicolleges door hoofdredacteuren, replica’s van oude treinwagons, vluchtende keizers, gebedsdiensten, verregende herdenkingen en de doden van het laatste uur. Niet direct een weekend om blijmoedig doorheen te glijden.

Op zondag – de dag van de vrede – zond de NOS de wereldwijde herdenkingen rechtstreeks uit. Uitvoerig werd opgesomd wie waar aanwezig was, en tussendoor kreeg de kijker een basislesje Eerste Wereldoorlog van auteur Paul Moeyes. Het was erg keurig en tamelijk volledig (en een beetje saai), en nog vóór de lunch was het alweer achter de rug. Tegelijk zond de Belgische zender Eén uit vanuit een tent op een marktplein. Karl Vannieuwkerke – vooral bekend als wielerverslaggever – zat er aan een tafel. Even leek het alsof de Ronde van Vlaanderen elk moment van start kon gaan. Maar nee: het betrof Nooit meer ten oorlog, een marathonuitzending over het einde van de Eerste Wereldoorlog. Talloze gasten kwamen langs: historici, fotografen, nabestaanden, vluchtelingen, oorlogsverslaggevers en acteurs. Er werd geschakeld met andere herdenkingen, en er waren verschillende minireportages. In een daarvan karde Wim Lybaert (in Vlaanderen bekend van zijn fraaie interviewprogramma De Columbus) met kleinkunstenaar Willem Vermandere door de Westhoek. Al een halve eeuw houdt Vermandere met zijn liedjes de herinnering aan de Grote Oorlog levend.

De zon bescheen het schuldige landschap en Vermandere mompelde: ‘D’r zijn hier beestigheden gebeurd, hè.’ En, even later: ‘De geschiedenis leert ons dat de mens niets leert uit de geschiedenis.’

Die gedachte keerde steeds opnieuw terug, in alle programma’s, in alle uiteenlopende herdenkingen. De wetenschap dat wat geschiedenis is, niet automatisch voorgoed voorbij is. Een docente die haar schoolklas meenam naar Passchendaele en daarover geïnterviewd werd, zei: ‘Dan kijk ik naar het wereldtoneel en dan maak ik mij wel zorgen, ja.’ De angst voor wat nog komen kan, regende de huiskamer in.

Op de Belg werden die donkere toekomstwolken voor even uit elkaar geblazen. Er was sport. Veldrijden. Mathieu van der Poel trok zijn jasje uit en commentator Michel Wuyts sprak op de toon van iemand die een elegie voordraagt: ‘Bitter, zinloos, irreëel. Nooit meer van die onzin terug. Zijn we er dan zo ver af? Als je het mij vraagt niet.’

Goddank dook Mathieu direct daarna ‘de bruine blubber’ in.

Willem Vermandere omschrijft het als volgt, wanneer hij in de namiddagzon met een glas trappist aan de oever van de IJzer zit: ‘Na zo’n hele dag 14-18… Ga ik godverdoemme een nieuwe tekening maken of aan mijn houtsneden… (…) Da’s onze opdracht. Positief zijn. Ondanks alle beestachtigheid. Malgré tout.’

Optimisme als taakomschrijving. Stilstaan, de tijd nemen om de beestigheden in het gezicht te zien en dan, net voor de apathie je bij de kladden heeft, dóór. Met fietsen door de blubber, met boeren op zoek naar verkering, of, desnoods, met Martijn Krabbé, wapperend met een miljoen. Malgré tout.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden