Het sanatorium

Grote hond, zo slap als een dweil

'Toch kan ik mij niet herinneren dat ik ooit zoveel maden op een lichaam had aangetroffen.

'Toch kan ik mij niet herinneren dat ik ooit zoveel maden op een lichaam had aangetroffen. De ogen, mond en geslachtsdelen waren door hele kolonies maden overgenomen, zodat je dus op het oog evenmin kon zien of het een man of een vrouw betrof. Ik merkte dat mijn blik naar de gapende jaap in de maagstreek werd getrokken, waar de maden het talrijkst leken en waar de huid eromheen leek te bewegen, alsof die nog leefde.'

(Uit Het sanatorium, van Simon Beckett)

Maden die zich tegoed doen aan een lijk, zijn waarschijnlijk de kleinste beestjes die een rol spelen in thrillers. Feestende maden die een forensisch antropoloog mede de weg kunnen wijzen naar de dader, en als zodanig van nut zijn voor het verhaal en de personages.

Dieren in bijrollen, als makkertjes van de speurder of hoofdpersoon, zijn vrij populair. Om mee te joggen, tegen te praten, onschuldige bezigheden. Soms krijgen ze menselijke eigenschappen toebedeeld, komen ze als denkende en daarnaar handelende wezens in actie. Katten die misdaden mee helpen oplossen, schapen die de moordenaar van hun herder (die hen detectives voorlas) opsporen, ze komen voor.

De indeling van good guys en bad guys bestaat ook in de door mensen geschapen dierenwereld. Heel eenvoudig: gevaarlijke slang, lieve poes. Toch blijken honden favoriet, in zowel de dader- als de slachtofferrol. Van De hond van de Baskervilles, van Arthur Conan Doyle, tot Cujo van Stephen King: zieke, bezeten, op geweld getrainde honden zijn angstaanjagende verminkers en moordenaars.

Daar tegenover staat de trouwe, dappere hond die zijn baasje(s) tot in de dood verdedigt. Maar bovenal is in de thriller het dier als slachtoffer het trieste voorbeeld van de menselijke laagheid. Een belangrijke vraag in misdaadliteratuur blijft: waarom? Waarom maken mensen elkaar geestelijk en lichamelijk af? Of kiezen ze een kind of dier als slachtoffer? Het antwoord op de laatste vraag ligt voor het oprapen - pak een zwakkere -, maar leidt niet tot opluchting. Zeker niet als kinderen zich gedragen als toekomstige volwassenen en wezens die zwakker zijn de vernietiging in helpen. Een ervaren thrillerlezer weet, evenals een misdaadgedragsdeskundige, dat iedere psychopaat in zijn jeugd begint met het martelen en vermoorden van kleine dieren. Als vingeroefening voor het grotere werk.

In De man van de blauwe cirkels, van Fred Vargas (De Geus, 2005) neemt een jongetje van elf jaar een grote kwijlende hond, die zijn pad kruist, mee uit wandelen. Onderweg praat hij tegen de hond. Dan stuit hij op een groep jongetjes uit een ander dorp. 'De kleinste greep de hond bij zijn lange haren, de grote hond was angstig en zo slap als een dweil , en hij trok hem tot aan de rand van de afgrond. ' 'Ik mag die hond van jou niet,' zei hij, 'die hond van jou is stom.' De grote hond jankte zonder iets te doen, het is waar, hij was stom. Het jochie gaf hem een trap tegen zijn kont en de hond viel omlaag. Waar het over gaat in dit verhaal is de vanzelfsprekende wreedheid die dat joch kende. Ik verzeker u dat hij een normaal gezicht had, het was een mooie jongen, maar hij zweette wreedheid uit. Vraag me niet waarom, dat weet ik ook niet, behalve dat hij acht jaar later een omaatje onder een klok heeft verpletterd.'

In In het duister, van Cody Mcfadyen, krabt de tienjarige Valerie een poesje achter de oren. Brave poes, zegt ze. Hij is stijf in een dikke handdoek gewikkeld. 'Ze legt het katje op zijn rug op haar bovenbenen en pakt met beide handen het nekje vast. Dan begint ze te knijpen. Ze knijpt niet te hard, want ze wil niet dat het katje te snel doodgaat. Dat moment rekken vormt een deel van de pret. Valerie blijft het katje voortdurend recht in de ogen kijken, hoewel ze niet weet wat ze erin zoekt. Misschien het precieze moment van de dood, de vonk van het leven die dooft. Wie zal het zeggen? Het verzet van het katje wordt

heftiger. Valeries hart jaagt en haar opwinding neemt verder toe. Ze blijft knijpen en heeft niet door dat haar ogen heel groot zijn en dat haar tong een stukje uit haar mond hangt. Het moment is voorbij. Het katje is dood. 'Brave poes,' zegt ze weer, en ze krabt het dode katje achter zijn oren. Het bevalt haar dat ze geen miauw als antwoord krijgt. Dat bevalt haar heel goed.'

Ter gelegenheid van de dierenboekenweek verscheen de bundel Beestachtig, van Tomas Ross, over dieren in de misdaadliteratuur. Met korte verhalen van onder meer Patricia Highsmith, James Thurber, Edgar Allan Poe, Saki en A.C. Baantjer, 'waarin het dier dan wel het slachtoffer dan wel de held is'. Mooie, rustige eerste zin in het eerste verhaal, van Patricia Highsmith.

'Samson, een groot wit varken in de bloei van zijn leven, woonde op een oude afgelegen boerderij in de streek Lot, niet ver van de prachtige oude stad Cahors.' En daarna...

Een laatste fragment, niet uit de bundel, maar uit De nachtwaker, van Frederick Busch (Anthos, 2000), waarin de hoofdpersoon zich genoodzaakt ziet een oude, dove waakhond te vermoorden, vóór hij bij zijn baas kan komen.

'Terwijl ik op hem lag en op hem inhakte- en stak en hem vermoordde, het arme beest, kromde hij zich in paniek en krijste hij in zijn keel. Zijn bek, die ik met mijn linkerhand omklemde, zat onder mijn buik en hij ging daar onder me tekeer als een van liefde bezeten schepsel. We schokten en stootten en botsten op en neer, ik als de dood zelf die hem vanuit de avond op het lijf was gevallen, en de uitgeputte, doodsbange, stervende hond als een mens, niet anders dan wij allemaal.'

Een jaar of wat geleden zond de BBC een documentaire uit over een paar Amerikaanse jongens die gefilmd hadden hoe ze een hondje met benzine hadden overgoten en in brand gestoken. Een van de jongens - hij had zijn leven gebeterd, zei hij - keek recht in de camera. In zijn ogen was er niemand thuis. Zelfs de kat niet. Die wist wel beter.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden