Het pure plezier van Constantin Brancusi

Soms zijn de mooiste kunstplekken te vinden net even voorbij de geijkte monumenten. In deze serie tips voor een extra afslag....

Stofwolken waren er altijd al in Targu Jiu. Het beton dateert uit de jaren tachtig van de vorige eeuw. Het was bedoeld om het stoffige oord een ‘modern’ aanzien te geven. Twee decennia post-communisme brachten duizenden auto’s naar het plaatsje, allemaal beveiligd met alarmen, zo lijkt het, alarmen die steeds afgaan. Te dik opgemaakte meisjes, mannen in trainingspakken met Marlboro’s, sterke-drank-etablissementen met plastic stoelen waar rookverboden niet bestaan – ze dragen bij aan de onherroepelijke conclusie dat Targu Jiu in het zuidwesten van Roemenië geen Florence is.

Grote kunstschatten bevinden zich niet altijd op idyllische plekken. Dat de Poort van de Kus, wellicht het mooiste gebeeldhouwde eerbetoon aan de liefde uit de 20ste eeuw, in Targu Jiu verrees, is dom geluk voor dit Roemeense stadje en domme pech voor bewonderaars van Constantin Brancusi. 20 kilometer hiervandaan werd hij geboren, in 1876. In 1903 vertrok hij te voet richting Parijs, om daar de beeldende kunst voorgoed te veranderen.

Brancusi was al lang een artiest van wereldfaam toen hij inging op een verzoek zijn stoffige geboortegrond met een serie beeldhouwwerken te verfraaien. In de jaren dertig van de vorige eeuw verruilde hij elegant Parijs tijdelijk voor het minder elegante Targu Jiu. Zijn bekendste kunstwerk in Targu Jiu is de Eindeloze Zuil, Brancusi’s trap naar de hemel. In 1951 trachtten de communisten die in een offensief tegen ‘bourgeoiskunst’ vergeefs met een tractor omver te trekken.

Van de Poort van de Kus kennen velen het bestaan niet. Loop vanaf de Eindeloze Zuil dwars door het betonnen centrum richting de rivier de Jiu, naar een parkje waar vaker vuilnis mag worden geruimd. De Poort springt onmiddellijk in het oog. Als echte grote kunstwerken doet zij neerslachtigheid over communistische en kapitalistische lelijkheid onmiddellijk verdampen, vooral als onder de Poort ook nog een echt kussend stel staat. De kans daarop is groot, want in een land vol betonnen flats zijn parken kusplaatsen bij uitstek.

De Kus is in het oeuvre van Brancusi een steeds terugkerend, steeds abstracter verbeeld thema. ‘Gebeeldhouwde lichamen zijn lelijker dan padden’, had de kunstenaar al vroeg tot zijn adagium verheven. In de eerste decennia van de 20ste eeuw werd zijn werk allengs raadselachtiger. In 1905 vervaardigde Brancusi nog Wonderbaarlijke Vogels met vleugels en snavels. In 1926 kwam het bij de Amerikaanse douane tot een rel toen een ambtenaar een recente Wonderbaarlijke Vogel bestempelde als een ‘stuk metaal’ waarvoor de kunstenaar invoerbelasting moest betalen.

In zijn vroeg 20ste eeuwse verbeeldingen van de Kus zijn nog duidelijk tegen elkaar gedrukte gezichten van geliefden zichtbaar. In latere jaren bleven daar slechts twee halve cirkels van over, ook wel bekend als verticaal doorsneden liefdescirkels. De Poort van de Kus draagt acht van deze liefdescirkels, één aan elke zijde van de vierkante pilaren. Het effect is ronduit hypnotiserend. ‘Zoek niet naar formules of technieken, ik geef jullie puur plezier!’, zei Brancusi er zelf over. Een kus onder de Poort is een garantie voor een goed huwelijk, is een goed bewaard Roemeens geheim.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden