Het Oeps-gevoel

Grafisch ontwerper Bas Oudt moest in de jaren ’90 wegens ziekte stoppen met zijn werk. Oud-studenten maakten een monografie. ‘Het gaat over Bas, het gaat over ons en het gaat over drukwerk.’..

Hij: ‘Bas Oudt stelde aan een stuk door vreemde vragen. Zoals: waarom worden auto’s in een lege straat altijd dichtbij een lantaarnpaal geparkeerd?’

Zij: ‘Het leken losse flarden, invallen. Maar ik dacht de hele tijd: dat moet ik opschrijven. Dat is een goeie.’

Hij: ‘Hij kan zo aanstekelijk vertellen.’

Zij: ‘Wij kunnen dat helaas slecht navertellen.’

Hij: ‘We vonden dat het gedocumenteerd moest worden.’

Grafisch ontwerper Richard Niessen kreeg maar één jaar les van Bas Oudt, in 1990, in het basisjaar van de Rietveld Academie, twee uur per week, en hij liep na zijn studie bij hem stage. Collega/partner Esther de Vries had Oudt nog korter als docent, in 1994 – na vier maanden moest hij om gezondheidsredenen stoppen met lesgeven. Oudt heeft suikerziekte; zijn gezichtsvermogen ging hard achteruit.

Maar in die korte tijd hebben Oudts bevlogen colleges sporen bij beiden achtergelaten. En, zo ontdekten ze, óók bij de oud-studenten die ze na hun studie bleven zien. Niessen en De Vries benaderden er zes (Harmen Liemburg, Jozee Brouwer, Katja van Stiphout, Ron Faas, Yolanda Huntelaar en Pieter Boddaert) om een katern te maken in een boek over hun leermeester: Op basis van Bas Oudt / Based on Bas Oudt.

In de zomer van 2008 kwamen de ontwerpers elke twee weken bij elkaar. Niessen: ‘Het was net alsof we weer bij elkaar op school zaten.’ De Vries: ‘Dan vertelde iedereen hoe ver hij was, en gaven de anderen reacties: waarom probeer je niet nog zus of zo.’ Niessen: ‘Je zag niet alleen de overeenkomsten, maar ook de verschillen in onze manier van werken. Het kon best botsen. De een vond het werk van de ander te vrijblijvend, de ander vond iets te braaf.’ De Vries: ‘Heel mooi, maar waar gaat het nu eigenlijk over. . . Maar we zijn er uitgekomen, hoor. En het is juist goed dat iedereen de opdracht totaal anders invulde. Daardoor is het boek heel rijk geworden. Alle hoeken en gaten worden wel zo’n beetje belicht. Het zijn allemaal boeken in boeken. Het gaat over Bas, het gaat over ons en het gaat over drukwerk.’

Bas Oudt (Jakarta, 1956) studeerde in 1981 af aan de avondopleiding van de Rietveld Academie en werkte daarna als zelfstandig grafisch ontwerper onder meer voor het Amsterdamse kunstenaarscentrum W139 en het Centraal Museum. Van 1990 tot en met 1996 was hij docent in het Basisjaar van de Gerrit Rietveld Academie.

Zijn werk, vaak gebaseerd op formele uitgangspunten, heeft zich ontwikkeld in een bijzondere periode binnen het grafisch ontwerpen: tussen de do-it-yourself mentaliteit van de punk en de opkomst van de Mac. Oudts achtergrond als offsetdrukker gaf hem de instrumenten om creatief met de techniek om te gaan, en het toenemende gebruik van de computer te koppelen aan zijn ambacht. Hij werkte veelal met bescheiden budgetten, maar door te experimenteren met verschillende papiersoorten en drukinkten slaagde hij er telkens weer in werk te maken dat een duidelijke meerwaarde had.

Op basis van Bas Oudt / Based on Bas Oudt is, zoals de titel al aangeeft, gemaakt in de geest van Oudt. Het is geen saai plaatjesboek geworden, met afbeeldingen van affiches op postzegelformaat. De makers zijn erin geslaagd de invloed, de fysieke kwaliteiten, de verhoudingen tussen het werk, en de voorkeuren van Oudt samen te brengen. Al bladerend kom je in zijn universum terecht.

Op ‘zijn’ zestien pagina’s maakte Niessen ‘typografisch metselwerk’ met typerende uitspraken van Oudt (‘Misschien ben ik wel de Rita Verdonk van de typografie, maar ik bedoel er hopelijk wel iets anders mee’): torens van woorden, dansende lettertjes, blokken met teksten die in elkaar grijpen, geconstrueerde typografie. ‘Letters en grafische elementen worden in het werk van Bas Oudt heel beeldend ingezet. Vooral zijn ontwerpen waarin de letter een bouwsteen wordt en de grafische elementen een toolkit vormen, zijn van groot belang geweest voor mijn eigen manier van werken.’

In het katern van Esther de Vries gaat het om het ‘Oeps-gevoel’: ‘Oudt gaat, mede door zijn achtergrond als drukker, op een verrassende manier om met beeld. In reproducties streeft hij er niet naar het werk zo realistisch mogelijk af te beelden, maar om de druktechniek en het ontwerp zo toe te passen dat het karakter of de ziel naar boven komt.’

Bij het verschijnen van de publicatie is een representatieve selectie van Oudts werk opgenomen in de Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam. Voordat alles werd overgedragen fotografeerde Uta Eisenreich Oudts oeuvre, verzamelingen en fascinaties. Het zijn schitterende zoekplaatjes geworden, vol beeldrijm en gespiegelde pagina’s. In full colour, waar Oudt een gloeiende hekel aan had. Niessen: ‘Zijn kleurgebruik was vrij bijzonder. Veel zwart en zilver; grijzen en combinaties van kleuren die dicht bij elkaar liggen. Hij creëerde daarmee echt een eigen universum. Misschien is zijn werk daarom ook wel zo marginaal gebleven.’

Claudi Kessels, een voormalig Rietveld-studente van Niessen, werd gevraagd het totale boek vorm te geven. Zij bedacht onder meer het formaat (‘Lekker groot, je kan echt rondkijken’) en de bijzondere, uitvouwbare stofomslag. Op de zilvergrijze voorkant staat een enorme kiwi, niet de vrucht maar het Nieuw-Zeelandse vogeltje. De Vries: ‘Dat is Bas’ lievelingsdier.’ Niessen: ‘Dat beestje is ook een beetje blind.’ De Vries: ‘De vrouwtjes leggen enorme eieren.’ Niessen: ‘Daar gaat de metafoor mank, volgens Bas, want hij heeft zelf maar een klein ei gelegd. Zijn oeuvre is heel beperkt gebleven.’

Op de binnenzijde van de stofomslag staan gekopieerde afbeeldingen van Oudts voorkeuren, waar hij in het boek uitgebreid over vertelt – van Elsschots Verzameld werk en Coppola’s One From the Heart tot Guust Flater en Rembrandt. Daarna volgen plaatjes van zijn werk. Uitgestanste vierkantjes markeren de onderdelen die nader worden belicht; de weggelaten stukjes beeld staan op de openingspagina’s van de verschillende katernen.

Oudt is tevreden met zijn boek, stellen de makers. Niessen: ‘Hij vindt het een heel geslaagd winterboek voor grafische ontwerpers.’ De Vries: ‘Je weet wel, van die vakantieboeken van Donald Duck enzo, waar je de hele zomer in kunt kijken en je telkens iets nieuws ziet. . .’ Niessen: ‘Alleen dat full colour gedeelte, daar is hij niet zo uitgesproken over.’ De Vries: ‘Als ik Bas was zou ik er heel erg blij mee zijn. Maar hij bekijkt het het boek natuurlijk anders. Hij ziet nog maar een heel klein beetje met één oog. Met een speciale loep heeft hij de pagina’s gescand. Dat is eigenlijk wel een goeie manier. Het is niet de bedoeling dat je het boek van A tot Z gaat lezen.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden