BoekrecensieExtinction Rebellion

Het nieuwe handboek van Extinction Rebellion is prikkelend maar wisselvallig ★★★☆☆

In het nieuwe handboek van Extinction Rebellion overheersen grimmigheid en ernst. Prikkelende essays en pamflettistische praat wisselen elkaar af.  

Beeld Typex

De protesten van Extinction Rebellion zijn een danse macabre: ze hebben aan de ene kant iets speels, er wordt gedanst en gezongen, er hangt een provo-achtige vrolijkheid. Maar dan zijn er de die-ins, waarbij de klimaatactivisten voor dood op de grond gaan liggen, en de arrestaties door de politie. En van alle kanten de boodschap dat de klimaatcrisis iedereen fataal zal worden: jong, oud, rijk, arm.

In het nieuwe handboek van Extinction Rebellion, Nu het nog kan, overheersen grimmigheid en ernst. Vorig jaar verscheen een vergelijkbaar boek in het Verenigd Koninkrijk, waar de beweging haar oorsprong heeft: This is Not a Drill. In plaats van een vertaling heeft de Nederlandse tak besloten een eigen boek uit te geven met een dertigtal bijdragen van onder meer wetenschappers, activisten en schrijvers, onder redactie van Eva Rovers.

De zelfbenoemde klimaatrebellen hebben drie eisen aan de overheid, die elk een deel van de bundel vormen: wees eerlijk, doe wat nodig is en laat burgers beslissen. Oftewel: mensen moeten zich bewust worden van de ernst van de klimaatcrisis en de ramp die ophanden is. Daar moet vervolgens naar worden gehandeld en daarbij spelen burgers de hoofdrol. De drie delen sluiten helaas niet altijd even goed op elkaar aan. Bovendien wisselt de kwaliteit van de stukken nogal, wat het geheel iets onevenwichtigs geeft.

De klimaatcrisis is zo omvattend en er grijpen zo veel zaken in elkaar, dat je de opwarming van de aarde volgens veel auteurs niet los kunt zien van diverse -ismen waarin de exploitatie van mens en natuur samenkomen: neoliberalisme, kapitalisme, kolonialisme, racisme. Bij deze grote greep gaan enkele auteurs de mist in, zoals Chihiro Geuzebroek, die schrijft: ‘Niet voor iedereen is westerse wetenschap een betrouwbaar instrument van kennis, omdat zij bijvoorbeeld tot niet al te lang geleden mensen van kleur als inferieur bestempelde’, en ze pleit voor ‘kennisdiversiteit’, zonder uit te leggen wat dat inhoudt. Het is juist wetenschappelijke kennis die de urgentie van klimaatverandering onder de aandacht brengt, lijkt me.

Eigen ervaringen

Sommige auteurs blijven dicht bij hun eigen ervaringen en dat werkt goed. Raki Ap bijvoorbeeld, die schrijft over West-Papoea. De Nederlandse koloniale overheersing ging daar naadloos over in een neokoloniaal Indonesisch bestuur, waarbij op grote schaal palmolieplantages worden geëxploiteerd. De lokale bevolking, die in zekere harmonie met de omgeving leeft, raakt in de verdrukking. Mensen die zich daartegen verzetten, zoals Aps vader, worden vermoord. Ook ‘groene generaal’ Tom Middendorp zet een overtuigend verhaal neer. Op basis van zijn ervaringen als commandant van de Nederlandse strijdkrachten schetst hij met een paar pennestreken het verband tussen klimaatverandering, droogte, waterschaarste en hoe dat tot maatschappelijke spanningen, conflicten en vluchtelingenstromen kan leiden.

Het probleem van een systeem is dat je er zelf deel van uitmaakt. Interessant zijn de bijdragen van jonge rebellen die de confrontatie zoeken met dit idee. Zoals Evanne Nowak, die schrijft over het besef van de ernst van de klimaatcrisis als een breukervaring, waarbij je je realiseert dat we ‘dader, slachtoffer, aanklager en toekijker tegelijkertijd’ zijn. Hoe verhoud je je hiertoe? Dat stemt tot nadenken. Dit soort stukken geven een aardig kijkje in wat mensen van de beweging bezighoudt en waarom ze zich hebben aangesloten.

Bubbelvocabulaire

Andere auteurs verliezen zich weer in abstracties en dat zijn de momenten waarop je je afvraagt voor wie sommige bijdragen zijn geschreven. Zijn ze bedoeld om de lezer te overtuigen? Soms lijken de kameraden elkaar vooral te willen imponeren met de zuiverheid van hun eigen standpunten. Auteurs gebruiken achteloos termen als ‘machtsstructuren’, ‘eco-fascisten’, ‘koloniale denkbeelden’ en ‘dominante monocultuur’, zonder ze uit te leggen. Wat betekent het dat de publieke ruimte is ‘onteigend door het systeem’? Gaat dat over muurreclame, kantoordozen in het landschap, landbouwgrond, de McDonald’s of gewoonweg over alles? Zulk bubbelvocabulaire mist zeggingskracht.

In hetzelfde soort betogen is de overheid veelal afwezig. Ze is deel van het probleem, niet van de oplossing. Extinction Rebellion wil 3,5 procent van de bevolking op de been krijgen. Dat zou genoeg moeten zijn om ‘een spaak in het wiel’ te drijven, de staat plat te leggen en verandering af te dwingen. Maar wat moet er dan met die staat gebeuren? Daarop komt niet altijd een antwoord. Opvallend genoeg verschijnen deze twee boeken juist in het Verenigd Koninkrijk en Nederland, waar de staat zich al veertig jaar aan het terugtrekken is uit het publieke leven en vooral jongeren weinig fiducie lijken te hebben in mogelijkheden om via het bestaande beleid iets aan klimaatverandering te doen. Dat is zorgwekkend.

Het slotdeel, ‘Laat burgers beslissen’, probeert een constructiever antwoord op de crisis te formuleren. Het bevat een goed stuk over hoe Urgenda via de rechter klimaatverandering op de kaart zette. Een ander idee is een burgerberaad of burgerpanels, uit de koker van Eva Rovers en David Van Reybrouck. Zo’n panel bestaat uit door loting geselecteerde burgers die een afspiegeling van de maatschappij vormen en een geïnformeerde afweging maken, die in sommige gevallen bindend is. Dit soort ideeën zijn een stuk prikkelender dan pamflettistische gedachten over ‘het systeem’. Kritiek en verzet alleen zijn niet genoeg.

Beeld De Bezige Bij

Extinction Rebellion: Nu het nog kan. De Bezige Bij; 192 pagina’s; € 10.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden