Interview Mediatalent van 2019

Hét mediatalent van 2019, Anna Gimbrère: ‘Wetenschap is schoonheid’

Ze studeerde natuurkunde, maar werd een televisiepersoonlijkheid. Anna Gimbrère (32) maakt YouTubefilmpjes over wetenschap en technologie, schuift aan bij Tijd voor Max en werkt voor VPRO-tv aan een serie over ruimtevaart. Een kookprogramma? Nooit van haar leven.

Anna Gimbrère. Beeld Imke Panhuijzen

De zoektocht naar­ ­antwoorden op grote, haast filosofische ­vragen, dat was wat wetenschapsjournalist en presentator Anna Gimbrère (32) vooral aansprak in de natuurkunde. Komt er een eind aan het heelal? Wat is tijd eigenlijk? Zijn er meer dan drie ruimtedimensies? Over die laatste vraag ging haar eigen afstudeer­onderzoek. ‘In de theoretische natuurkunde ga je op zoek naar antwoorden met behulp van een flinke dosis wiskunde’, zegt Gimbrère. Leuk, maar abstract.

Haar zoektocht speelde zich af ­tegen de achtergrond van de snaartheorie, een van de meest abstracte en wiskundig complexe ideeën uit het natuurkundelexicon. Een theorie die stelt dat alles om ons heen niet is opgebouwd uit deeltjes of kleine legoblokjes, maar uit trillende snaren of vibrerende meer­dimensionale vellen. Volgens de snaartheorie kent de wereld niet slechts drie ruimte­dimensies  ­ boven/onder, links/rechts en voor/achter) maar misschien wel tien – sommige daarvan zo klein dat ze aan onze waarneming ontsnappen.

‘Ik vond het heerlijk om me in dat soort vragen over de aard van onze ­werkelijkheid te verdiepen. Maar na afloop trok ik de conclusie dat ík de antwoorden in elk geval niet zou ­vinden.’

Daarom volgt ze nu als wetenschapsjournalist de specialisten die daar wél goed in zijn. ‘Als ik op televisie mag vertellen wat zwarte ­gaten zijn of hoe de snaartheorie werkt, moet ik zelf goed snappen hoe het zit. Dan mag ik er induiken zonder dat ik zelf alle wiskundige afleidingen moet doen.’

Wetenschapsprogramma’s op primetime zijn zeldzaam. Waarom is er geen Grote Theoretische Natuurkundeshow op NPO 1?

‘Mensen in de media denken dat het publiek alleen geïnteresseerd is in onderzoek met praktische toepassingen. Dat is volgens mij totaal niet waar. Mensen zijn juist geïnteresseerd in die grote vragen.

‘Sommigen vinden hun inspiratie in kunst. Ik denk dat theoretische wetenschap hetzelfde doel kan ­dienen. Het is toch prachtig dat er exacte waarheden bestaan? Dat er onderzoekers zijn die hun leven ­wijden aan het boven tafel krijgen van die kennis en daar nooit macht of geld voor terug verlangen? Dat geeft toch hoop? Dat is toch schoonheid?

‘Wetenschap maakt de mens bijzonder. Wij zijn de enige soort die­ ­abstracte kennis kan delen en het universum kan analyseren ­– al is dat een aanname, dat geef ik toe. We zouden er veel meer aandacht aan moeten besteden.’

Je werkt nu zelf aan De wilde ruimte, een tv-programma over ruimtevaart. Als kind wilde je astronaut worden, begrijp ik?

‘Ja, daarop heb ik zelfs mijn keuze voor natuurkunde gebaseerd. Ik wist dat Wubbo Ockels dat ook had gestudeerd. Ik ben ook vanuit die wens bij het programma betrokken geraakt. De regisseur was op zoek naar ­iemand die ervan droomde de ruimte in te gaan. Helaas bleek het binnen het bestek van dit programma niet haalbaar om mijn droom te verwezenlijken. Dus ben ik nu reisgids in de wereld van de ruimtevaart geworden. Vanaf 15 maart kun je het eindresultaat zien op NPO 2.’

Hoe kwam je in de tv-wereld terecht?

‘Het begon met een stage bij de VPRO. Ik voelde me daar thuis, maar was ook het kneusje van de klas. De gedachtegang van televisie maken kon ik niet helemaal volgen. Toen zei een vriendje van me: kun je niet de TV Academie doen? Daar heb ik geleerd hoe je voor de camera moet staan, hoe je de schroom van je af moet werpen.

‘Ik begon met redactiewerk, dus op de achtergrond. Maar vertellen vind ik heel leuk. Heb vroeger veel werkcolleges gegeven, bijles tijdens mijn studie. Daar komt bij: als je op de achtergrond werkt, heb je niet de regie, die geef je uit handen. En ik ben best wel eigenwijs. Dus voor de camera is het voor mij leuker.’

Zou je dat ook vinden als je – ik roep maar iets – een kookprogramma zou presenteren?

‘Haha, nee, ik ga never nooit een kookprogramma doen. Hoe meer ik voor de camera werk, hoe meer ik merk dat ik óók verlang naar de ­inhoud.

‘Ik ben deels voor de camera gaan staan omdat ik dan meer verzekerd ben van werk. Het is een kleine ­niche: vrouwelijke wetenschaps­liefhebbers in beeld. Vanuit mijn achtergrond spreken voelt aangenaam vertrouwd. Anders zou ik wellicht onzeker worden. Presenteren wil ik voorlopig niet opgeven, maar ik wil wel bij de inhoud blijven.’

Voor de camera zie je niets van onzekerheid.

‘Ik hoor vaak dat ik een heel zelfverzekerd indruk maak. Zelfs een tikje arrogant, haha. Weet je wat het is? Ik voel een sterk verlangen naar exacte antwoorden. Dingen die duidelijk goed of fout zijn. Dat zullen meer ­bèta’s hebben. Maar in de televisiewereld is alles subjectief. Wat is een goed interview? Wat is een goede gast voor dit programma? Is deze vraag helder? Daarop bestaat geen exact antwoord en dat maakt me ­onzeker.

‘Dan moet je intuïtie ontwikkelen. Die heb ik niet van nature, maar ik heb het gevoel dat die groeit. Dit vak leer je door het te doen. Dat maakt het soms zenuwslopend. De eerste keer dat ik live op televisie iets moest uitleggen was bij Tijd voor Max. Het was superingewikkeld, het ging over het gewicht van licht en ik moest daarna bovendien voorbereid zijn op willekeurige vragen over een boek dat ik voor de uitzending had gelezen. Ik had mijn tekst helemaal uit m’n hoofd geleerd en wel duizend keer geoefend. Elke keer belde ik mijn moeder of zusje en ik besprak het met mijn vriend. Vroeg ze of mijn tekst wel duidelijk was. Ik piste echt in m’n broek van de zenuwen.

‘Ik vergelijk het weleens met leren snowboarden. Dan ga je eerst ook de hele tijd op je bek en vraag je je af waarom je het in vredesnaam doet. Maar uiteindelijk maak je een bochtje en kom je de berg af. En dan begint het leuker te worden. Zo gaat het nu ook met mijn werk. Het is niet altijd mooi, maar ik weet dat ik altijd levend die berg afkom.’

Renze Klamer. Beeld Tom Cornelissen

2. Renze Klamer

Renze Klamer (29) was al jaren voor de EO een bekende stem op de radio, onder meer als presentator van Dit is de nacht en Langs de lijn en omstreken. Dit jaar stapte hij over naar BNNVARA en direct kreeg hij een eigen talkshow, Na het nieuws, dat meteen na het NOS Achtuurjournaal begint, helaas op een zender die niet iedereen – of beter gezegd: bijna niemand – weet te vinden, NPO 1 Extra. Ideaal oefenterrein dus. De kritieken waren vrijwel direct goed. NRC: ‘Klamer (29) is uitstekend voorbereid, niet bang om te interrumperen of een grapje te maken.’ AD: ‘Klamer is absoluut een talent. Hij is rustig, intelligent en heeft een natuurlijk overwicht aan tafel.’  

3. Noortje Veldhuizen

Noortje Veldhuizen (23) klinkt als een hees corpsmeisje en dat komt misschien omdat ze een hees corpsmeisje is. Daar praat ze met veel zelfspot over in podcast De Krokante Leesmap. Zelfspot is een vereiste in dat format, dat behalve het bespreken van tijdschriften bestaat uit drie mensen die elkaar belachelijk maken. Vooral met columnist Marcel van Roosmalen heeft Veldhuizen, die na twee mislukte studies de BNN Academy deed, een ironisch venijnige dynamiek. Roelof de Vries is de presentator die de boel in goede banen leidt. Of soms nog wat meer opstookt. Naast De Krokante Leesmap is Veldhuizen ook radiomaker bij BNNVARA, waar ze onder meer producer en co-host in het 3FM-programma Sanders Vriendenteam is. 

Noortje Veldhuizen. Beeld Noortje Veldhuizen

Hoe het verder ging met radio-dj Eva Koreman (34)

‘Op het moment dat je me belt zit ik op de boot van Vlieland naar Harlingen, naar buiten te staren op zoek naar een zeehond; voor Serious Request wandel ik ­­180 kilometer in zes dagen. Ondertussen maken we radio; de zware spullen draag ik op mijn rug.

Vorig jaar was ik net begonnen bij de lunchshow op 3FM, nu ben ik verhuisd naar de avonduren bij 3voor12. In de avond heb je meer tijd voor gekkigheid. Je kunt muziek laten horen die niet makkelijk te verteren is, waarbij enige uitleg nodig is.

Op 5 december organiseerden we een Syntherklaas­programma: we hadden een synthesizerbouwer ­uitgenodigd en speelden alleen maar liedjes met synths.’ 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden