Uit de serie ‘Monalisen der Vorstädte‘’: Adda, 2009.

Bespreking Ute en Werner Mahler

Het leven in de DDR was niet alleen maar onvrij en armoedig

Uit de serie ‘Monalisen der Vorstädte‘’: Adda, 2009. Beeld Ute & Werner Mahler / OSTKREUZ

In de foto’s van Ute en Werner Mahler is de voormalige Boeren en Arbeidersstaat op z’n menselijkst.

De geest van de DDR waart door het Fotomuseum Den Haag. Niet de dorre geest van de communistische dictatuur die het land was van 1949 tot 1990, een jaar van de val van de Muur in 1989. Wel van de mensen die er leefden, in omstandigheden die we gezien door westerse ogen sober, ouderwets of armoedig zouden hebben genoemd. Ook de erfenis van de Deutsche Demokratische Republik, dertig jaar nadat ze ophield te bestaan, is in het museum nog steeds zichtbaar. Als je maar goed kijkt, zoals de fotografen Ute en Werner Mahler (resp. 1949 en 1950), Oost-Duitsers van oorsprong, al vijftig jaar doen.

Ronduit verfrissend is het om visies op de Duitse naoorlogse samenleving te zien vanuit oostelijk perspectief, zoals het fotomuseum die toont met het werk van het Duitse echtpaar Mahler. Vergeleken met het werk van hun wereldwijd toonaangevende collega’s van de Düsseldorfse School (Ernst en Hilla Becher, Candida Höfer, Thomas Struth, Adreas Gursky) is dat van de Mahlers bescheiden. Op kleiner formaat afgedrukt. Niet zo imposant en afstandelijk als de industriefoto’s van de Bechers. Niet zo hoogglanzend en monumentaal als de reuzenprints van Gursky, waarover altijd de sfeer hangt van het Wirtschaftswunder en het consumentisme. Waar de ‘Düsseldorfers’ vooral imponeren, zijn de Mahlers vooral warmbloedig. Ze putten hun inspiratie op microniveau, juist niet op de schaal van industriecomplexen, monumentale gebouwen en supermarkten.

Afwisselend presenteren de Mahlers hun werk zelfstandig en als duo, simpelweg omdat ze samen aan projecten werken maar ook individueel. Hun werk omspant de jaren zeventig tot het heden - meer jaren ná de Wende van 1989 dan ervoor - en laat prachtig zien hoe het verleden, de jonge jaren van de kunstenaars, toch steeds doorklinkt in het heden.

De aandacht voor de mens is een constante in het werk van beide Mahlers. Ver weg blijven ze van de propagandistische beeldtaal die de machthebbers van de ‘Boeren- en Arbeidersstaat’ zo veel liever zagen: gespierde arbeiders in moderne fabrieken, landarbeiders - mannen en gehoofddoekte vrouwen - lachend aan de oogst op het vruchtbare land. De Mahlers zochten die ‘proletariërs’ voortdurend op, maar legden hun leven vast zoals het toen was - meestal in zwart-wit. Een hard bestaan, maar ook een wereld van hechte sociale verbanden en eenvoudige genoegens. Van dorpsfeesten, kermis op een zwoele zomerdag, gezamenlijk een varken slachten en een feestmaal of drankgelag aanrichten.

Uit de serie ‘Steinkohlenwerk Martin Hoop’, 1975, DDR . Foto Werner Mahler. Beeld Ute & Werner Mahler / OSTKREUZ

De Mahlers investeren, zo blijkt telkens weer, veel tijd in hun onderwerpen. Zo daalde Werner Mahler in 1975 de steenkoolmijn van Zwickau af, waar de werkers in grote hitte en claustrofobisch smalle en lage gangen de kolen los drillen. Het valt niet meteen op, pas na een tijdje zie je dat ze, behalve dat ze gitzwart zijn van het stof, geen van allen kleren dragen. Naakt en glimmend van het zweet, zonder de minste gêne, zwoegen ze op kilometers diepte, slechts met een helm met lamp op het hoofd en laarzen aan de voeten. Het was er domweg te warm om kleren te dragen, ze zouden doorweekt raken en slechts hinder voor de drager veroorzaken. Het zijn foto’s die alleen gemaakt kunnen worden als de fotograaf het vertrouwen van zijn onderwerp weet te winnen.

Ook Ute Mahler maakte vroeg in haar carrière foto’s die je niet meteen associeert met het in Westen bij velen gangbare beeld van de DDR als de streng gereguleerde, kleinburgerlijke samenleving die door langjarig partijleider Erich Honecker werd bestierd. Ze zocht de marge op, zoals met haar ijzersterke serie over de vrijbuiters van Zirkus Hein (1973-’74). De artiesten zijn niet in de piste te zien, maar zijn in hun alledaagse leven geportretteerd.

Zirkus Hein, 1973, DDR. Foto Ute Mahler. Beeld Ute & Werner Mahler / OSTKREUZ

Je ziet hier het talent van Mahler om door te dringen tot de persoonlijkheid van haar onderwerp. Een groepje ernstige, atletisch gebouwde jongeren. Een vrouw in de deur van haar woonwagen, sigaret in de hand en een geharde blik. Een stel op de bank in de woonwagen, zij in trapeze-glitterpakje, hij in wit overhemd, een relaxed paar.

Het zijn tijdloze beelden, die in hun intensiteit doen denken aan Anders Petersens portretten van de doorleefde bezoekers - alcoholisten, zeelieden, hoeren, nachtvlinders - van Café Lehmitz aan de Hamburgse Reeperbahn.

Uit de jaren zeventig stamt ook Werner Mahlers nog steeds uitdijende serie portretten van pas afgestudeerde klasgenoten, Abiturienten. In 1977 maakte hij een groepsportret van 24 scholieren met hun diploma in de hand en sindsdien zoekt hij ze om de paar jaar thuis op om opnieuw een foto van ze te maken - een concept dat in Amerika door de kunstenaar Nicholas Nixon tot bloei kwam (hij fotografeert al decennialang de vier Brown Sisters) en dat in Engeland een pendant op televisie vindt in de elke zeven jaar geactualiseerde serie interviews 7 Up.

Goeie ideeën trekken zich van IJzeren Gordijnen klaarblijkelijk niets aan, ook Mahlers serie Abiturienten is indrukwekkend. Het groepsportret biedt alleen al als modebeeld een schat aan informatie. De jongens in hun iets te ruime confectiepakken met wijde pijpen, de meisjes in maxi-jurken tot op of over de schoen vallend, hun haardracht en brilmonturen: zo liepen DDR-jongeren in die tijd er op hun paasbest bij. Niet heel anders dan hun West-Duitse generatiegenoten, hooguit een paar jaartjes achter op wat aan de westzijde van de Muur als hip gold.

De ware kracht van de serie schuilt natuurlijk in het verouderingsproces dat na verloop van jaren zichtbaar wordt, het veranderen van de huisinterieurs waar de portretten worden genomen, de lichaamstaal, de blik waarin een zekere wijsheid gloort, of krassen op de ziel zichtbaar zijn. Niet alle scholieren van de lichting 1977 zijn nog te traceren voor Mahler, anderen willen niet meer meewerken of zijn overleden - een jongen verongelukte na het eerste portret - maar de fotograaf werkt aan de serie door zolang hij kan.

Klassenfoto, 1978, DDR. Foto Werner Mahler. Beeld Ute & Werner Mahler /OSTKREUZ

Naast enkele opvallende series van Ute Mahler van na de Wende in 1989 (over vrouwengevangenis Hoheneck, 1990, en een angstwekkend neo-nazigezin in Bomber, 1993) zijn er drie projecten van de Mahlers als duo die eruit springen. Hun serie portretten Monalisen der Vorstädte (2009-2011) waar ze meisjes op de grens van adolescentie en volwassenheid gelijk Da Vinci’s Mona Lisa portretteren in Duits suburbia. Het zijn foto’s die gelijkenis vertonen met de beroemde foto’s van Rineke Dijkstra, in de raadselachtigheid van hun blik en de manier waarop het decor (bij de Mahlers de buitenwijken en stadsranden) mede de sfeer van het beeld  bepaalt.

Een tweede project, Kleinstadt, richt zich op de jongeren die opgroeien in (voormalig oost-) Duitse voorsteden, met verloederende winkelstraatjes, leegstaande panden. Hier en daar is nog enige saamhorigheid zichtbaar, met buurtfeestjes, maar niet altijd van het fijne soort: veel skinheads, veel doelloos rondhangen, een jeugd zonder duidelijk toekomstperspectief. Meest prangende foto: een gevel van kunststof platen die, door ouderdom, moeheid, hittewerking of alledrie smelten en verzakken. Treurig symbool voor het definitieve einde van de communistische ideologie.

Uit de serie ‘Kleinstadt’ (2015-2018), voormalige DDR. Beeld Ute & Werner Mahler /OSTKREUZ

Minstens zo indrukwekkend is de serie Wo die Welt zu Ende war (2010-2012), de zoektocht van de Mahlers naar wat er resteert van de Muur die ooit Oost en West scheidde - en de DDR-burgers gevangen hield. Monumentale foto’s zijn dat, van overwoekerde, vervallen betonnen wachthuisjes en muren, hekwerken op lege vlakten en een grote dennenboom pontificaal tussen de rails die lang geleden de grens markeerden. Een archeologische foto waaruit behalve berusting over het verglijden van de tijd ook stiekem een klein beetje melancholie opklinkt. Niet naar de Muur maar naar de saamhorigheid die de DDR, al dan niet door cultureel isolement en politieke dwingelandij, óók kenmerkte.

Ute Mahler en Werner Mahler: Voorbij de grenzen van de DDR; t/m 22/9, Fotomuseum Den Haag.

Het echtpaar Mahler

Ute en Werner Mahler kennen elkaar van de middelbare school en studeerden in de jaren zeventig fotografie aan de Hochschule für Grafik und Buchkunst in Leipzig. Ze trouwden in 1973. Ute werd freelance fotograaf voor het Oost-Duitse modeblad Sibylle, Werner begon als freelancer voor reclame- en modebladen. Pas sinds 2009 werkt het tweetal ook als duo aan projecten. De tentoonstelling in Den Haag was eerder te zien in de Deichtorhallen in Hamburg.

Ute und Werner Mahler. Beeld Foto Ingo Taubhorn / Deichtorhallen
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden