Het kwaad heeft veel succes in Frankrijk

Les Bienveillantes, de debuutroman van Jonathan Littell (New York 1967, opgegroeid in Frankrijk, tegenwoordig woonachtig in Spanje) is dé literaire verrassing in Frankrijk....

Pour les morts, luidt het motto van het boek, ‘voor de doden’. In 907 pagina’s biecht Max Aue zijn oorlogsverleden als SS’er op. Rond 1980 koopt Aue, gepensioneerd directeur van een kantfabriek in Noord-Frankrijk, een stapeltje schoolschriften en notuleert minutieus alles wat hij aan het Oostfront, ook in Polen en Hongarije, én in Berlijn als ‘functionaris van de dood’ heeft meegemaakt. Frères humains, klinkt de aanhef van zijn ijzingwekkende en gedetailleerde verhaal, ‘laat me u vertellen hoe het allemaal is gebeurd’.

Vijf jaar lang heeft Littell, zoon van de bekende Amerikaanse thrillerschrijver Robert Littell, zich over die gebeurtenissen gedocumenteerd. Nergens betrap je hem op onjuistheden. Hij maakte reizen naar Oekraïne, naar de slagvelden van het Oostfront, naar Lublin en Krakau, naar Auschwitz en Birkenau. Hij sprak met overlevenden. In een roes heeft hij in vier maanden het boek geschreven, ‘in de eerste persoon als een bekentenis’, als een plichtsbewuste rekenmeester en kleurloos ambtenaar van de shoah.

Het ‘jodenvraagstuk’, zegt Aue, was in de ogen van de nazi’s geen humanitaire kwestie, ook geen geloofszaak, maar ‘een noodzaak omwille van de politieke hygiëne’. Aue, het enige verzonnen personage in Les Bienveillantes, beschrijft zonder verpinken hoe zijn Einsatzkommando meedogenloos hele dorpen uitmoordde. Hij klom op tot de hoogste rangen van de SS, ging om met Heinrich Himmler, Adolf Eichmann en Rudolf Hess, maar aan het front ook met Ernst Jünger. Doktor Aue speelde piano, hield van muziek, las de boeken van alle grote schrijvers en filosofen, ook in oorlogstijd.

Het hele boek, een misselijkmakende autobiografie, is gecomponeerd als een groots muziekwerk. Nauwgezet en zonder sentimenten legt Aue het doel van de Endlösung uit, met veel verwijzingen naar de boeken die hij heeft gelezen, compleet met targets, cijfers en tabellen. Geschreven in bladzijden lange alinea’s, doet het boek denken aan het al even schokkende Shoah van Claude Lanzmann over de holocaust, een documentaire die Littell op zijn 24ste zag. Door die film werd hij naar eigen zeggen rapporteur van ‘de bureaucratie van de genocide’.

Lanzmann, die het boek las, bewondert de kennis van de jonge Littell, maar vreest dat het succes van het boek iets te maken heeft ‘met het kwaad in ons’, met ons genoegen erover te kunnen lezen. Littell portretteert in Aue de psychologie van de SS’ers, hun onvoorwaardelijke trouw aan Hitler, hun geheime broederschap, hun seksuele aberraties en vooral hun totaal gebrek aan schuldgevoel.

Met zijn verbluffende roman Les Bienveillantes (de ‘welwillenden’, getiteld naar de Eumeniden in de tragedie van Aischylos), die in Nederland bij De Arbeiderspers in vertaling zal verschijnen, toont Littell aan dat het grootste gevaar voor de mensheid wijzelf zijn, ‘dat ben ik, dat bent u’. Het is het volk ‘dat gelooft in zijn leiders’; Führerworte haben Gesetzeskraft. Het hele boek door hoor je de mantra van het opgezweepte volk: Zu Befehl, Herr Obersturmführer, zu Befehl, Herr Generalfeldmarschall. Achterin heeft Littell lijsten van nazistische organisaties en hiërarchische graden opgenomen. De eigenlijke hoofdpersoon is ‘het kwaad’ dat zich ‘door een totaal gebrek aan kritisch denken’ (Hannah Arendt) niet alleen in het hoofdpersonage Aue, maar in ieder van ons manifesteert.

Paul Depondt

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden