Interview Robyn

‘Het is tamelijk gezond om een paar jaar helemaal uit de schijnwerpers te stappen’

Robyn: ‘Ik heb een tijdje gedacht dat ik nooit meer een plaat zou maken’. Beeld Robyn

Robin Miriam Carlsson was klaar met de roem. Tot het begon te jeuken. Het werd de opmaat naar het beste album van popster Robyn tot nu toe, Honey. Of: hoe de y weer in Robyn kwam.

Het was, pakweg, 2013. Robin ­Miriam Carlsson was een jaar of 33 en stond in de buurt van het aanrecht in haar ­keuken. Ineens realiseerde ze zich hoe content ze was met haar status: ze voelde zich nog wel echt muzikant, was ook ­dagelijks met haar vak bezig, maar het publiek moest haar onderhand wel vergeten zijn. Het was geen vervelend gevoel.

Er was geen platenlabel dat hengelde naar nieuw werk, geen muziekjournalist die iets van haar wilde ­weten, geen fan die postte voor haar deur. Ze was Robin en nauwelijks nog de popster Robyn, zou je kunnen zeggen. En ze ­besloot dat nog lekker even zo te ­laten.

Nu is ze terug aan het front en staat de y weer parmantig in de tweede lettergreep van haar voornaam. Haar ­terugkeer was een van de opmerkelijkste en aangenaamste popverrassingen van 2018. Het eind oktober ­verschenen album Honey (het eerste sinds het BodyTalk-drieluik uit 2010) is de beste plaat die ze maakte: nog steeds elektropop met veel synthesizers, maar meer groove based, zoals ze zelf zegt.

Meer dance, meer inhoud, meer ­afwisseling in sfeer, van moody tot ­euforisch. Honey is een album met een verhaal dat bewijst dat je als ex-tienersterretje geen wegwerp­product van een platenbaas hoeft te zijn. Dat je triomfantelijk over je veronderstelde houdbaarheidsdatum kunt heenstappen en op je eigen voorwaarden volwassen kunt ­worden in je genre. Dat je, met je 40ste ver­jaardag in zicht, je terugkeer kunt ­regisseren.

En dus is het circus rond Robyn weer losgebarsten: de interviews, de tv-­optredens, de boekingen, de vergaderingen met management en label, het werken aan een liveshow die, om te beginnen, langs vrij kleine clubs zal gaan, waaronder op 10 april, in de al uitverkochte Melkweg in Amsterdam.

Scandinavisch cool

De rust mis ik nu al’, zegt ze met een lachje. ‘Vooral de rust in mijn hoofd.’

Ze zit in de lobby van een oud, victoriaans hotel in de Londense wijk Soho. Oude boeken, haardvuur, de geur van thee met scones, de eerste kerstversieringen. Het is een decor waarin ze nogal opvalt met haar blonde kuif, die weliswaar iets minder groots is dan vroeger, maar niettemin is gebleven. De avond tevoren trad ze op in het programma van Jools Holland, haar eerste grote tv-­optreden in jaren.

‘Ik heb een tijdje gedacht dat ik nooit meer een plaat zou maken’, zegt ze. ‘Als je geen nieuwe muziek aan de man te brengen hebt, verdampt je ­behoefte om in de media te verschijnen ook snel. Ik dacht: waarom zou ik me daar nog eens in storten? Die fase duurde maar kort. Nu ik wél weer nieuwe muziek heb, vind ik het leuk om dit allemaal nog eens mee te maken op mijn 39ste. Vroeger was ik doodnerveus voor tv-optredens en ­sowieso veel meer bezig met wat mensen van me dachten. Dat ben ik aardig voorbij, geloof ik.’

In 2019 zit ze een kwart eeuw in het vak, Robyn uit Stockholm, en dan ­tellen we de aanloopjaren in Zweden nog niet eens mee: in 1994 tekende ze haar eerste internationale contract bij platenlabel RCA en ging ze in zee met de producer Max Martin, de architect van haar toegankelijke maar stoere popgeluid. Debuutalbum Robyn Is Here (1995) leverde twee dikke toptienhits in de VS en Canada op. ­Robyn was de vrijgevochten Zweedse generatiegenoot van Britney Spears en P!nk, Scandinavisch cool.

Met albums twee en drie maakte ze even pas op de plaats, maar de tweede succespiek was een mondiale, op de golven van haar vierde album Robyn (2005). Grammynominaties. Een dikke wereldhit, With Every Heartbeat, die ook in Nederland haar grootste hit werd. Piek drie was het drieluik BodyTalk (2010), gevolgd door de langste en meest omvangrijke tournee uit haar loopbaan.

‘Daarna stortte ik een beetje in’, zegt ze. ‘Ik was de 30 voorbij en onderhand mijn halve leven popster, maar ­gelukkig? In veel opzichten niet. Het werd tijd wat geestelijke shit uit de weg te ruimen. Van 2011 tot 2014 zat ik in ­psychotherapie, maar de zwaarste tijd volgde daarna, toen ik dacht ik beter was.’

Ze vond van zichzelf dat ze nieuwe muziek moest ­maken (en deed dat ook wel, bijvoorbeeld op een ep met elektroduo Röyksopp, in 2014). Maar liedjes voor een nieuw album voor zichzelf? Ze leek naar eigen zeggen vergeten hoe het moest. Haar relatie overleefde de turbulente jaren niet en haar trouwe muzikale metgezel Christian Falk overleed zomaar aan kanker, in de ­zomer van 2014. Met hem zat ze in de groep La Bagatelle Magique. In 2015 verscheen nog een ep met hun muziek, als postuum ­saluut aan hun samenwerking en vriendschap.

Tegenslagen

De tegenslagen brachten de motor weer aan de praat, want zo werkt dat soms: vanaf begin 2015 ontvouwde ­Honey zich, beat voor beat, track voor track. Ze had geen haast en benaderde Joseph Mount van de groep ­ Metronomy als haar producer en ­belangrijkste partner in crime.

Op de eerste single (tevens ­openingstrack) Missing U wandelen haar ex-­geliefde en Falk door elkaar heen en zingt ze met heldere stem het verdriet van zich af, terwijl de synthesizers pulseren in marstempo: ‘All of the plans we made that never happened/ Now your scent on my ­pillow’s faded (...) There’s this empty space you left behind/ Now you’re not here with me.’

De rouw van 2014 en 2015 vormde het vertrekpunt van het album, maar in het tweede nummer gaat Robyns kin omhoog (‘I’m a human being’), track drie is een ode aan de kracht van ­muziek en zo stijgt het album langzaam op. De albumtitel blijkt niet ­alleen naar een ex-geliefde of andere dierbare te verwijzen, maar natuurlijk ook naar het goudgele, zoete natuurproduct, vervaardigd door ­nijvere bijtjes. Ook dat warme en zoete is Honey, zeker op de tweede helft van de plaat.

En dan is er nog een dimensie: noemden de machtige platenbazen van de jaren negentig haar weleens ‘honey’, indertijd?

‘O, dat moet haast wel’, zegt ze. Ze denkt even, laat een stilte vallen, die ze zelf weer verbreekt.

‘Ik brak door in een tijd waarin vrouwen de dienst uitmaakten in de de hitlijsten. Spice Girls, Brandy, ­Monica, All Saints, Destiny’s Child, Britney, P!nk. Nu zijn vrouwen nog dominanter, maar er is iets belangrijks veranderd: de artistieke waar­dering voor elektronische pop door jonge vrouwen is veel groter geworden. In 1997 werd die door pers, ­publiek en industrie nog gezien als een commercieel wegwerpproduct.’

Zelf was ze een geëmancipeerde meid uit Zweden, met ouders die ­acteurs waren in een alternatieve theatergroep. Ze voelde zich serieus genomen, in elk geval in Zweden en in een handvol andere Europese ­landen, maar dat veranderde toen ze ­tegenover de machtige mannen in Londen en New York kwam te staan.

‘Ik was 15, 16 jaar, schreef mijn eigen liedjes en had ideeën over mijn muzikale koers. Dat waren ze niet gewend. Het werd in de Angelsaksische platenindustrie maar half geaccepteerd. Vooral bij de keuze voor singles was de toon: ho meisje, niet zo snel, dat bepalen wij wel voor je.’

Eigen artistieke keuzen

Ze wil maar zeggen: er is veel ver­beterd. Dua Lipa, Charli XCX en Lorde zouden twintig jaar geleden beslist minder serieus zijn genomen als ­autonome artiesten, die hun eigen songs schrijven en hun eigen artistieke keuzes maken. Robyn kan er over meepraten, al merkt ze op dat we voor schokkende #MeToo-verhalen niet bij haar moeten zijn: die heeft ze gelukkig niet echt.

‘De technologie heeft bijgedragen aan de emancipatie. De labels en hun bazen zijn eenvoudig te omzeilen of in elk geval op afstand te houden. Je kunt thuis je hele album al maken en je sound vormgeven. Via sociale ­media kun je jezelf promoten. Maar als je dan het kantoor van de platenbaas binnenstapt, zit daar tegenwoordig ook echt een ander soort man dan vroeger. Nog wel een man, maar ­jonger en minder paternalistisch en ­denigrerend qua instelling. Ik weet zeker dat een meisje als Lorde of Dua Lipa heel anders wordt ontvangen en toegesproken dan in 1995 gebruikelijk was.’

Ze is optimistisch, zegt ze, in elk ­geval voldoende om ervan overtuigd te zijn dat de progressie in de muziek­industrie geboekt kon worden omdat vrouwen in het algemeen serieuzer worden genomen.

‘Neem Ariana Grande en Taylor Swift: die vrouwen hebben meningen en ze worden serieus genomen en ­geciteerd. Luisterde er weleens ­iemand écht naar wat Brandy of Sporty Spice te zeggen had in 1997? Kregen die het woord weleens?’

Ze bereidt zich voor op haar tournee, met dat sterke pakket Honey-songs in de bagage. De albumrelease in oktober luisterde ze op met een ­optreden in Stockholm, haar eerste ­‘eigen’ ­concert in jaren. Ze sleutelt nog aan de show. Het moet een liveshow worden die aanvoelt als een dj-set.

‘Ik kan niet precies inschatten hoe ik het onderweg zal gaan vinden. De ­BodyTalk-tournee was te lang en te zwaar. Ik heb ontdekt dat het gezond is om een paar jaar helemaal uit de schijnwerpers te stappen. Misschien doe ik dat nog weleens, al komt er eerst nog een album, want ik heb nog wat goede Honey-liedjes over.’

‘Dochters’

Ze moet lachen om de gedachte dat veel van de jonge vrouwelijke collega’s eindelijk groot genoeg zijn om hun eerste Robyn-concert te kunnen zien. Lorde, Charli XCX, Dua Lipa, het is aanlokkelijk om ze voor een deel als ‘dochters van Robyn’ te beschouwen.

‘Ik weet het niet hoor. Ik voel me door niemand geïmiteerd. En al was het wel zo: iedereen heeft voorbeelden nodig. Ik was zelf wild van TLC, toen ik net begon met zingen. Ik wilde T-Boz zijn. En Prince. Hem wil ik trouwens nog steeds zijn. Je pikt iets mee dat je tof vindt en zoekt vervolgens je eigen weg. Als je enig talent hebt, lukt dat. Misschien dat sommige zangeressen van nu op die ­manier naar mij hebben zitten ­kijken. Ik heb er geen ­concreet voorbeeld van, maar het zou kunnen. En het zou mooi zijn.’

Honey is reeds verschenen. Het ­optreden van Robyn in de Melk­weg in Amsterdam is al uitverkocht.

Hit Me

Zoals veel popzangeressen, meidengroepen en boybands uit de jaren negentig nam Robyn in het begin van carrière vaak op in de Cheiron Studios in Stockholm, die werd bestierd door Max Martin (echte naam: Karl Martin Sandberg), die een handvol wereldhits voor andere artiesten schreef. In 1997 wees TLC een liedje af dat Martin de groep had aangeboden. Ook Robyn zag er niets in, waarna het uiteindelijk werd opgenomen door de jonge Amerikaanse debutant Britney Spears onder de titel ...Baby One More Time, de kolossale doorbraakhit van Spears (1998), die dus een Robyn-song had kunnen zijn. Martin zou later zeggen dat hij het qua structuur en productie modelleerde naar een liedje dat hij met Robyn schreef: Show Me Love (1997).

Honeygirls

De titeltrack van het album Honey kan liefhebbers van de HBO-serie Girls bekend voorkomen. De schrijver en hoofdrolspeler van de serie, Lena Dunham, mocht een onaf Robyn-nummer kiezen voor het slotseizoen van Girls. Ze koos Honey, dat zo al in maart 2017 op HBO te horen was. Robyn werkte de track speciaal voor de serie af. Op het album staat een andere versie. Op Instagram noemde Robyn Girls ‘een serie die mijn brein vijftien keer per aflevering om laat flippen als een hamburger’.

Honey is reeds verschenen. Het ­optreden van Robyn in de Melk­weg in Amsterdam is al uitverkocht.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden