'Het is on-Nederlands wat ik doe'

INTERVIEW..

amsterdam Couturier, zo noemt Jan Taminiau (34) zich liever niet. ‘Ik vind dat een eng woord, een woord uit een andere tijd ook. Ik ben een modeontwerper die mooie jurken maakt.’

Maar zijn kleding duidt Taminiau wel degelijk aan als couture. Die is, zoals dat hoort in die chique tak van mode, op maat en met de hand gemaakt. Zijn klanten moeten vijf keer komen passen, het duurt soms twee maanden voor een stuk af is. ‘Het is vrij on-Nederlands wat we hier doen.’

Woensdag opent de show van zijn nieuwe collectie de twaalfde Amsterdam International Fashion Week, vandaag toont hij de collectie in Parijs, tijdens de coutureweek voor voorjaar 2010; zijn show is de enige Nederlandse in de week. Het is de vijfde keer dat hij zijn collectie in Parijs laat zien.

‘Ik wil me meten aan het hoogste niveau’, zegt hij. ‘Zoals er in de Parijse ateliers wordt gewerkt aan een jurk, dat gebeurt nergens anders. Als je alleen in Nederland showt, is al het al snel goed. Daar is een wereld te winnen.’

Afgeladen vol was het tot nu toe niet op zijn Parijse shows, wel leverden ze aandacht op in een paar buitenlandse modebladen, zoals de Chinese Surface en de Franse L’Officiel. ‘Ik vind het al fantastisch als ik een reactie krijg. Sarah Mower (critica van style.com, de invloedrijke site van de Amerikaanse Vogue) heeft de show niet besproken, maar ze is een keer door de collectie gegaan. Ze vond het goed dat ik zo op de techniek zit.’

Techniek bestaat bij Taminiau, de enige ontwerper van zijn generatie die zich concentreert op maatwerk, voor een aanzienlijk deel uit borduren: in een lichte ruimte in het pand waar hij kantoor houdt, zitten in de week voor de show acht vrouwen gebogen boven borduurramen; bijna ieder stuk uit de nieuwe collectie wordt versierd met pailletten. ’s Avonds gaat Taminiau er dikwijls zelf aan de slag. ‘Ontspannender dan tv. Het blijft een hobby.’

Taminiaus pand is ingeklemd tussen een latexshop en een peepshow op de Wallen in Amsterdam. Hij kwam er twee jaar geleden in het kader van Red Light Fashion, een project waarbij modeontwerpers tijdelijk sekspanden ter beschikking kregen. Hij is gebleven en is nu huurder.

Het was even wennen, voor iemand die daarvoor in Tilburg woonde en werkte, geeft hij toe. ‘Ik heb een levendige fantasie, maar wat hier gebeurt, had ik niet kunnen verzinnen. Inmiddels zie ik ook romantiek. Tussen de sekshandel zwemmen in de grachten zwanen, de monogaamste dieren die er zijn. En ik zit in een huis uit 1610. Mijn klanten vinden het geen probleem om hier te komen. Alleen een stagiaire zei af vanwege de buurt.’

Jan Taminiau studeerde in 2001 af aan de modeafdeling van ArtEZ, en twee jaar later aan de vervolgopleiding FIA. Hij volgde stages bij een borduurbedrijf en een korsettenmaker in Parijs. In een van zijn eerste collecties verwerkte hij de Nederlandse postzak tot jasjes en jurken. Stugge, natuurlijke materialen, in combinatie met grote, uitstaande rokken van tule zijn sindsdien bijna altijd in zijn shows teruggekomen: een tikje rauwe, onverholen romantische stijl.

De eerste jaren hield Taminiau zich vooral in leven met bruidsjurken, tegenwoordig maakt hij ook avondjurken en zakenpakjes; vorig jaar verkocht hij in totaal dertig outfits. Hij heeft drie mensen in dienst, maar voor het naaiwerk is hij afhankelijk van freelance specialisten. ‘Ik weet dat ze ook voor andere ontwerpers werken, maar ik wil niet weten wie. Dat haalt de magie eraf.’

2009 was een moeilijk jaar voor Taminiau. Met de twee zakelijke partners die hij toen had, lanceerde hij een eigen prêt-à-porterlijn. Die stopte alweer na een seizoen, de samenwerking met de partners liep stuk. ‘De dingen bleken niet netjes geregeld.’ Hij gaf vorig jaar ook geen coutureshows. Zijn voorjaarscollectie 2009 presenteerde hij op internet, de najaarscollectie sloeg hij over. Bovendien overleed het hoofd van zijn atelier aan kanker. Maar er was ook een lichtpunt: prinses Máxima meldde zich als klant.

In juni opende ze de Modebiënnale Arnhem in een postzakjasje, de eerste keer dat ze Nederlands design droeg. In New York verscheen ze in een blauwe trenchcoat en een huidkleurige galajurk van Taminiau, op Prinsjesdag droeg ze een roze jurk van zijn hand. ‘En dat zijn alleen nog de openbaar gedragen dingen.’ Máxima, zegt Taminiau, ‘maakt opeens heel zichtbaar wat ik doe. Het werkt als een keurmerk. Ondanks de crisis heb ik nieuwe klanten gekregen.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden