oog voor detail

Het is makkelijk om weemoedig te worden bij het zien van deze rode kiosk op de Dam

Veel van wat wij doen, voelen en vrezen, hebben kunstenaars al eeuwen opgemerkt. Wieteke van Zeil verbindt kunstdetails aan de actualiteit. Deze week: kiosk.

DETAIL
M.J. De Jongh, De Dam voor de grote afbraak van 1912, gezien vanaf het balkon van het Paleis, 1912 Beeld Stadsarchief Amsterdam
DETAILM.J. De Jongh, De Dam voor de grote afbraak van 1912, gezien vanaf het balkon van het Paleis, 1912Beeld Stadsarchief Amsterdam

Met nieuwe tijden worden oude dingen overbodig. Het is heel makkelijk om daar een beetje weemoedig van te worden. Vooral als het iets is wat onze ruimte opvrolijkt. Zo werd de rode kiosk op de Dam in Amsterdam een favoriet van me in kunstwerken, zo’n beetje als de ballon die je steeds weer kunt ontdekken in de prentenboeken van Charlotte Dematons. Daar is-ie weer! De rode kiosk, door een journalist begin vorige eeuw een ‘kruising tussen een Turks tuinprieel en een Japanse pagode’ genoemd, was een knalrood ijzeren siertempeltje voor de journalistiek, midden op de Dam. Er stonden er meer in de stad, rond 1929 in elk geval 32. Mijn eigen rode ballon, vaak geschilderd en getekend door Breitner en deze dus van Tinus de Jongh, is een plek waaromheen het zoemt als om een bijenkorf. Mensen keuvelen, onderhandelen, zoeken, lezen, of staan er gewoon in de buurt, omdat het een hangplek was die je allure verleende. Die magie voel je nog als je ’m ziet – ook op foto’s uit het stadsarchief, waar je zelfs het mannetje er nog in ziet zitten, strak als een rups in z’n cocon. Welke winkel is zo herkenbaar, sierlijk, zo midden in de rumoerige stad? Dat van dat Turkse prieel is niet raar trouwens. ‘Kiosk’ komt van het Turkse köşk en het Perzische kushk, wat dus tuinprieel betekent.

‘Ik ben een nutteloos mens, dat wist ik eigenlijk allang’, schreef Nescio in een brief uit 1947. ‘Word ik opgebeld of ik plotseling een artikeltje wil leveren over het Amsterdam van Breitner. Blijkbaar iemand die me voor een serieus mens houdt en een bewonderaar van de Kunst, God weet voor een kenner.’ Heerlijk, je zou ’m de valse bescheidenheid nageven. Deze brief hing aan de muur van ons kantoortje in het Stadsarchief, toen ik daar lang geleden werkte. In datzelfde stadsarchief hangen nu deze werken, stuk voor stuk herkenbare, mooie bewijzen van de veranderende stad. Natuurlijk schrijft Nescio over de paardentram, die je ook hier ziet.

M.J. De Jongh, De Dam voor de grote afbraak van 1912, gezien vanaf het balkon van het Paleis, 1912 Beeld Stadsarchief Amsterdam
M.J. De Jongh, De Dam voor de grote afbraak van 1912, gezien vanaf het balkon van het Paleis, 1912Beeld Stadsarchief Amsterdam

De straat glimt in deze kunstwerken meestal alsof het net heeft geregend, de paarden staan geduldig te wachten tot een klant in de koets stapt. De Dam zou er nog maar heel even zo uitzien; het hele plein werd gesloopt in dit jaar. Monument Het Naatje werd weggehaald, en ook het Commandantshuis ging plat, ten behoeve van een groter plein waaraan de Bijenkorf en Krasnapolsky zouden komen. Het is zo makkelijk hier éven te willen zijn.

Maar gelukkig is Nescio er om dat te voorkomen. De hele reden dat we deze brief aan de muur hingen, toen, is juist dat hij er zo’n onverwachte draai aan geeft. Ze vroegen natuurlijk een ouwe sok met weemoedige herinneringen, schrijft hij. Maar mooi niet. Iedere dag op z’n fietsje vraagt hij zich af hoe hij al dat moois moet verenigen in z’n hoofd: ‘Al dat van nu. Het is me godsonmogelijk moedwillig me te concentreren op hoe het was in 1900; het Beurspoortje, de Zeemanshoop, de Nieuwezijds Kapel. Wat hebben we er niet voor in de plaats gekregen: de Industrieele Club, het Bungehuis, het Zeemanshuis.’ Niks geen weemoed, het was mooi, en het blijft mooi. Dank je, Nescio.

Foto van de rode kiosk op de Dam, c. 1905-10 Beeld Maarten Benschop/Stadsarchief Amsterdam
Foto van de rode kiosk op de Dam, c. 1905-10Beeld Maarten Benschop/Stadsarchief Amsterdam
De rode kiosk in een aquarel van Breitner uit 1901 Beeld Rijksmuseum Amsterdam
De rode kiosk in een aquarel van Breitner uit 1901Beeld Rijksmuseum Amsterdam

M.J. de Jongh, De Dam vóór de grote afbraak van 1912, gezien vanaf het balkon van het Paleis, 1912, aquarel, 42,5 x 63,5 cm, Stadsarchief Amsterdam. Daar te zien t/m 11 juli in de expo Breitner, Israels en tijdgenoten. Amsterdam in aquarel.

Foto van de rode kiosk op de Dam, c. 1905-10, door Maarten Benschop. Beeld: stadsarchief.

De rode kiosk in een aquarel van Breitner uit 1901. Rijksmuseum Amsterdam

Volg Wieteke van Zeil op ­Instagram: @artpophistory

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden