'Het is de hoogste tijd dat de heiligheid van kunst af gaat'

2016 was het jaar van de kunstvervalsingen. V sprak met meestervervalser Geert Jan Jansen over trucs, kwatsch en cheques.

Geert Jan Jansen. Beeld Daniel Cohen

Een Frans Hals ontmaskerd, een schetsboek van Van Gogh gevonden en vals verklaard. Meestervervalser Han van Meegeren (1889-1947) na een halve eeuw weer in de schijnwerpers door de bioscoopfilm Een echte Vermeer, de zaak van de Heyboervervalsingen in hoger beroep, en vorige week werd nog een onbekende schets van Leonardo da Vinci ontdekt.

De discussie over of het een echte is, zal binnenkort wel weer losbarsten, maar ook zonder de uitkomst te weten is zeker: 2016 gaat de boeken in als het jaar van de kunstvervalsingen. En met wie kunnen we daar beter over praten dan met Geert Jan Jansen? Hij is de man die in de jaren tachtig en negentig twee keer werd opgepakt voor het op grote schaal vervalsen en verkopen van Pablo Picasso, Karel Appel, Henri Matisse, Joan Miró, Van Dongen, Marc Chagall, Andy Warhol en Leo Gestel. In 1994 zat hij een half jaar zijn straf uit in Orléans.

De kunsthandel kan zijn bloed wel drinken. Niet alleen omdat Jansen de markt heeft vervuild met vervalsingen (nog steeds, beweert hij, hangen 'zijn' meesters in musea, en maken ze deel uit van collecties van particuliere verzamelaars), maar ook omdat hij experts, taxateurs, veilingmeesters en kunsthandelaren er van heeft beschuldigd zijn spel te hebben meegespeeld.

Beklaagdenbank

Hij deed een boekje open in Magenta, zijn autobiografie uit 2004, hij beweerde het in de vele interviews die hij de afgelopen decennia gaf en hij zegt het nu weer: 'Als de kunsthandel de inschatting maakt dat een vervalsing niet wordt ontdekt, wordt zo'n werk gewoon doorverkocht.' Het maakt hem geliefd bij een groot publiek dat hem zijn criminele verleden vergeeft, omdat hij iets doet wat blijkbaar hun instemming heeft: de kunstelite in de beklaagdenbank zetten.

Tegenwoordig woont Jansen (73) met zijn vrouw, de beeldend kunstenaar Ellen van Baren, in Kasteel Beverweerd, vlak bij Utrecht. De plafonds laten los, kalk bladdert van de muren, leidingen liggen los. Ze wonen hier heerlijk zo lang als het duurt; eigenaar Philadelphia, een zorginstelling, wil al jaren van het huurcontract af. 'We procederen wat af.'

Ze schilderen hier allebei. 'Als het kan dagelijks', zegt Jansen terwijl hij een rondleiding geeft. 'Als ik drie dagen van mijn werk word gehouden, krijg ik zin om ruzie te maken.' Kasteelkamer na kasteelkamer staat en hangt vol met schilderijen 'in de stijl van', maar met zijn eigen naam ondertekend. Botero, Warhol, Appel, eigenlijk alles waarmee hij als vervalser bekendheid verwierf. Hij mag het verkopen zo lang hij niet doet alsof het om authentiek werk gaat.

Handtekening

Op 21 januari opent bij galerie Gabriel Rolt in Amsterdam een tentoonstelling, samengesteld door beeldend kunstenaar Aukje Dekker. Zij nodigde kunstenaars uit samen werk te maken. Geert Jan Jansen maakte acht schilderijen met, alsof het rijtjes strafwerk zijn, de handtekeningen van alle kunstenaars die hij heeft vervalst. 'Het was Aukjes idee, en ik vond het ontzettend leuk om te doen. Niemand kan zeggen: het is een Appel, of een Miró. Het zijn nieuwe kunstwerken geworden.'

Eigen werk

Eigen werk maakt hij ook. Zijn 'gietwerk', zoals hij het noemt, schilderijen gemaakt met behulp van een theepot. Hij giet er acrylverf gemengd met een beetje kalk en gel in, en schenkt dat in een door intuïtie gestuurd patroon op het platte doek - ze gaan in Nederland voor duizenden euro's van de hand. Een lijst verguld met 24-karaats goud eromheen en op de beurzen in Shanghai en Miami 'mag je er een paar nullen bijtellen. Het probleem met de Chinezen is: ze willen wel kopen, maar niet betalen. Net als bij ADO Den Haag'.

Voor we aan de tafel gaan zitten waar we de recente vervalsingen gaan bespreken, lopen we langs een kamergroot doek. Op een rode ondergrond staat in zwarte letters: So leben wir und nehmen immer Abschied. 'Het is een dichtregel van Rainer Maria Rilke. Mooi hè? Naarmate ik ouder word, ben ik er meer mee bezig: hoeveel tijd is er nog?'

Onbekende man, Frans Hals (zie foto). In 2008 door een expert van het Louvre als echt aangemerkt. Door veilinghuis Sotheby's voor 10 miljoen dollar verkocht aan een onroerendgoedmagnaat. Nieuwe onderzoeken toonden dit jaar aan dat voor de achtergrond phatoblauw is gebruikt, een pigment dat pas sinds de 20ste eeuw bestaat.

Onbekende man, Frans Hals. 'De verhoudingen kloppen niet; een 17de-eeuwse schilder zou het hoofd groter hebben afgebeeld.' Beeld Sotheby's

Wat is uw eerste indruk?

'Ik vind het een miezerig schilderijtje. De verhoudingen kloppen niet; een 17de-eeuwse schilder zou het hoofd groter hebben afgebeeld. En kijk je goed naar het gezicht, dan zie je zo: dat is een man die minimaal drie keer per dag de koelkast opendoet om er iets uit te halen. Zijn haar is ook te rommelig. Flower power, geen Gouden Eeuw.'

Experts kijken vaak naar andere zaken. De lichtval, de penseelstreek, de manier waarop een hand is geschilderd, of een kraag. Als die overeenkomst vertonen met het oeuvre, is de conclusie: dit is een authentiek werk.

'En voor de zoveelste keer blijkt dat ze daarmee in de fout gaan. Ik vind het boekenwijsheid. Die mensen hebben zelf twee linkerhanden, die hebben nog nooit geschilderd. Dan kijk je anders. Ik kijk naar het geheel, en dan zie ik: er klopt te veel niet.'

Vindt u het waaghalzerij van de vervalser dat hij een 20ste-eeuws pigment heeft gebruikt? Met de onderzoekstechnieken van nu kun je dat toch eenvoudig vaststellen?

'Ik heb het altijd verbazingwekkend gevonden hoe weinig er in de kunst wordt onderzocht. En als het wordt gedaan, hoe vaak het dan misgaat. Ik heb ooit eens een Bart van der Leck (schilder van De Stijl, red.) aangeboden aan een conservator in Canada. Het was een onafgemaakt schilderijtje dat ik op een veiling had gekocht, en zelf voor driekwart had bijgewerkt om er een echt schilderij van te maken. Die vrouw haalt de blauwe lamp tevoorschijn waarmee je restauraties kunt zien, en dus ook of verf oud is, of later opgebracht. Ze gaat ermee langs het schilderij: een lappendeken van grijze en zwarte vlekken. En nog een keer. Ik denk: de koop gaat niet door. Maar jawel hoor, ze pakt het chequeboek en schrijft het bedrag uit.'

Is een oude meester moeilijker te vervalsen dan een Picasso?

'Je kunt misschien goed een Frans Hals schilderen in de staat waarop het zijn atelier heeft verlaten. Maar die vierhonderd jaar die daarop volgen, dat is het probleem. Want zo'n schilderij is samengesteld met verschillende verfsoorten, pigmenten, glacering, bindmiddelen, en dat zijn chemische formules die niet stoppen op het moment dat het schilderij af is. Die reageren op atmosfeer, op vochtigheid van de lucht. Om dat na te kunnen bootsen moet je van je atelier een soort laboratorium maken. Ook interessant, maar ik schilder liever.'

U leegde stofzuigerzakken boven uw vervalsingen om ze ouder te laten lijken.

'En ik legde ze onder een deurmat, in de zon, boven de open haard, in de oven, deed een puntje schoensmeer door de vernis.'

Heeft u wel eens een Frans Hals geprobeerd?

'In dezelfde tijd maakte ik liever vijf Chagalls.'

Maar liefst 65 onbekende tekeningen van Van Gogh zouden zijn opgedoken met de vondst van een schetsboek uit Arles, waar hij rond 1888 verbleef. Het schetsboek werd in de opslag van een café gevonden, en onderzocht door Bogomila Welsh-Ovcharov, kunsthistoricus aan de universiteit van Toronto. Het Van Gogh Museum betwist de echtheid.

'Ik snap heel goed dat het Van Gogh Museum niet de moeite heeft genomen hier verder onderzoek naar te doen, want je ziet het zo: dit is een rommeltje. Slappig gedaan, aarzelend, alsof hij tijdens het tekenen naar een voorbeeld heeft zitten kijken, terwijl je aan Vincents handschrift, tsjak, tsjak, tsjak, de drift afleest.' Hij bladert door het boek, zucht eens diep, zegt: hier, dat lijkt wel een parketvloer, die lucht, wordt kwaad, zegt: als je dan vervalst, doe het dan goed.

'Van Goghs schetsen'. 'Slappig gedaan, aarzelend, alsof hij tijdens het tekenen naar een voorbeeld heeft zitten kijken.'

Kunt u uw eerste indruk eens onderbouwen?

Hij pakt er een tekening bij van een woelige zee met bootjes en somt op: 'Hier, onder aan de tekening, is het eb en daar, in het midden, stormt het windkracht 8. En hier, rechts van die grote boot, tekent hij golven als sprietjes die meer aan gras in de tuin doen denken. Deze man wist gewoon niet hoe hij met dat water moest omgaan. En de bootjes liggen er niet in, maar op. Daarbij: de combinatie van het pointillisme in de lucht met de arceringen in het water is totaal niet geloofwaardig.'

Bij deze vondst kun je een paar dingen onderzoeken: de tekeningen zelf, het schetsboek, de inkt, het herkomstverhaal. Waarmee begint u?

'Met kijken naar het werk. Want zo'n schetsboek kan best oud zijn; ik heb in de tijd dat ik in Frankrijk woonde ook weleens iets gevonden op een rommelmarkt. Een kasboek met een paar blanco pagina's. Een schetsboek waarin een amateur een paar tekeningen heeft gemaakt, waarna hij er genoeg van had en het op zolder belandde. Het is hier best plausibel dat een tijdgenoot van Van Gogh, misschien wel een amateur die bewondering had voor Vincent, zelf iets is gaan proberen.'

Hoe herken je de onzin in een herkomstverhaal?

'Waar je echt niet meer mee moet aankomen is: ik heb het bij mijn grootmoeder op zolder gevonden. Dat is niet alleen al te vaak gebruikt, het is ook kinderachtig. Wat je ook vaak ziet, is dat er achter op een schilderij een overdaad aan nagemaakte stickers van kunsthandelaren zit. Dit jaar is er ook ergens een Van Gogh aangeboden waarvan werd gezegd dat het afkomstig was uit de kunstverzameling van Saddam Hoessein. Daar was een echtheidscertificaat bij met zo veel stempels en handtekeningen - alsof het daarmee echter wordt.'

Wat is het mooiste verhaal dat u ooit uit uw duim zoog?

'Tijdens mijn studie kunstgeschiedenis kwam ik in contact met Johan Peijnenburg, directeur van de koekfabriek. Die had een uitgebreide collectie kunst en zat in de aankoopcommissie van het Van Abbemuseum in Eindhoven. Na de dood van zijn vrouw ging hij kleiner wonen en moest hij zijn collectie van de hand doen. Hij vroeg me of ik hem daarmee wilde helpen. Ik heb toen driekwart van zijn collectie verkocht, ook aan galeries in Londen waar ik vaak kwam. Zijn huis werd leger en leger, op het laatst was er bijna niks meer over voor de verkoop. Vanaf dat moment nam ik, als ik als kunsthandelaar de boer op ging, altijd een paar van mijn eigen, vervalste schilderijen mee. Zogenaamd uit de collectie Peijnenburg. 'Is dit weer uit die collectie uit het zuiden van het land, vroegen mensen dan. En dan knikte ik, en loog niet eens. Want daar woonde ik toen zelf ook.'

Anton Heyboer, Missing Years. Duizenden etsen uit de Anton Heyboerwinkel in Amsterdam werden na onderzoek door het Nederlands Forensisch Instituut in 2014 door de rechter vals verklaard. De man die het werk bij de winkel bracht, Robbert de Bakker, ging in hoger beroep. Dit jaar werd in een tussenvonnis heropening van het onderzoek geboden.

'Ellen, kom eens kijken.'

Ellen is Ellen van Baren, partner van Geert Jan Jansen, beeldend kunstenaar en eind jaren zestig korte tijd goed bevriend met Anton Heyboer.

'Mooi', zegt ze.

Jansen: 'Maar is het een Heyboer?'

'Dat niet. Heyboer gebruikte in de jaren waarin dit werk zou zijn gemaakt kleur op een andere manier.'

Jansen zelf: 'Hier is iemand aan het werk geweest die zo zijn best heeft gedaan om een Heyboer te maken, dat-ie in zijn enthousiasme te veel verschillende elementen uit Heyboers werk in één ets heeft gebruikt.

'De poppetjes zou hij gemaakt kunnen hebben. De cirkel om het hoofd ook. Maar die grote cirkel met dat ruitjespatroon, als hij het al gebruikt zou hebben, dan zou hij hem veel verder van die andere cirkel hebben gezet, ergens in rechter bovenhoek. En dan zou hij er niet ook nog huisjes bij hebben geplaatst. En dan die vlek... Heyboer was slordig, er gaan verhalen rond dat zijn etsen in de tuin waaiden en de honden eroverheen liepen, en dat hij dat prachtig vond. Maar dit? Nee.'

'Heyboer was slordig, er gaan verhalen rond dat zijn etsen in de tuin waaiden en de honden eroverheen liepen, en dat hij dat prachtig vond. Maar dit? Nee.'

Moet je onraad ruiken als je, zoals de eigenaren van de Anton Heyboerwinkel deden, een oproep op Marktplaats hebt gezet voor oud werk van Heyboer, en even later staat iemand met een pakketje onder de arm met nog niet eerder ontdekt vroeg werk?

'Eigenlijk wel. Maar als er klanten voor zijn en je denkt: het is goed gedaan, dan ga je er al gauw in geloven dat het echt is.'

Die mannen verkochten al veertig jaar werk van Anton Heyboer. Ze noemen zich dé kenners van zijn werk.

'Als je nu de eerste keer denkt dat het goed is, en echt. Dan is de volgende die je wordt aangeboden ook goed en echt. Of nog echter. En voor je het weet zit je op de trein en kom je er niet meer af.'

Maar ze kochten er vierduizend!

'Door die aantallen wordt het wel wat vreemd, ja. Toen ik dat aantal voor het eerst hoorde dacht ik vooral: welke gek maakt er nu vierduizend etsen van Anton Heyboer? Waarschijnlijk werkte het verslavend. Die vervalser was gewoon zijn eigen geld aan het drukken. Ik herken dat wel. Je hebt een toverstafje in handen als de mensen die zich de expert noemen, jouw valse werk elke keer weer goedkeuren.'

Een echte Vermeer, bioscoopfilm uit 2016 over Han van Meegeren, met in de hoofdrol Jeroen Spitzenberger. Meestervervalser Van Meegeren schilderde in de jaren dertig een valse Vermeer, De Emmaüsgangers, en verkocht die aan Museum Boijmans Van Beuningen.

'Goeie film hoor, maar soms denk ik wel eens, als ik weer eens een Hollandse toneelspeler in een film zie acteren: mag het een onsje minder? Zoals die scène waarin Jeroen Spitzenberger in een deftige onderbroek in een laboratorium verf staat te mengen - een beetje van dit, een beetje van dat, met van die zwierige armgebaren. Het is het onnodig leuk maken van iets waarvan de makers blijkbaar denken: dit is anders saai voor kijkers.

'Daarbij, door het zo te filmen zou je denken dat Van Meegeren helemaal geen serieus onderzoek heeft gedaan voor zijn vervalsingen. Terwijl het heel bijzonder was wat hij deed, zeker in die tijd. Hij bootste de oude verf na, mengde er bakeliet doorheen om hem te laten harden als echte oude schilderijen. Als je dan wilt controleren op echtheid, met alcohol, lost de verf niet op.'

U herkende uzelf er ook niet in, in die frivole scène?

'Vervalsen is hard werken, veel studeren, en je hoofd erbij houden. Ik had in Frankrijk in de jaren negentig tien kamers in mijn kasteel en die waren allemaal ingericht als atelier voor een bepaalde schilder. Picasso, Appel, Matisse, Van Dongen, Braque, Miró, noem ze maar op. Daar lagen de goede kwasten, de goede verf, de juiste studieboeken.'

Was dat uw meest serieuze periode?

'In elk geval de productiefste.'

U zult natuurlijk nooit zeggen dat u nog steeds vervalst. Maar stel u deed het. Welke kunstenaars zou u dan kiezen?

'De Zero-groep. Dat werk (in Nederland: van Armando en Jan Schoonhoven, in Frankrijk Yves Klein, in Italië: Fontana, red.) is in korte tijd enorm in prijs gestegen. Daar zitten ook een paar figuren bij waar geen oeuvrecatalogus van is gemaakt. Dus daar kun je nog wat bij bedenken.'

U noemde wat u deed nooit vervalsen maar bijproduceren.

'Ja. Ja. Ja. Maar daar deden sommige galeries aan mee hoor. Ik kwam als jonge kunsthandelaar veel in Parijs, en daar liet ik weleens vallen dat ik een schilderij van Lucio Fontana zocht voor een klant van me. Je weet wel, die schilderijen maakte met een snee erin. Begonnen ze heel hard te lachen en zeiden ze: dat kun je toch zelf wel?'

Onlangs gaf hij een lezing over vervalsingen. De kunstwereld werd weer eens niet gespaard. 'Na afloop kwam er een vrouw naar me toe die verontwaardigd zei: 'U haalt de heiligheid van de kunst af.' Waarop ik antwoordde: 'Het wordt de hoogste tijd.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden