Vonk

'Het is de allerhoogste tijd voor een flinke loonsverhoging'

Het indammen van de salarissen had begin jaren tachtig misschien zin, maar de tijden zijn veranderd. Voor alle redenen die er toen voor waren, geldt nu het omgekeerde. Dus is het de allerhoogste tijd voor een flinke loonsverhoging, vindt politicoloog Robin Fransman, al is dat vloeken in de polder.

Beeld Thinkstock

ICT-bedrijf Capgemini baarde deze week opzien met het voorstel de lonen van ouderen te verlagen. Ouderen verdienen naar verhouding te veel, volgens het bedrijf, jongeren relatief te weinig. Maar waarom geven we die jongeren dan niet meer? Het zou eens tijd worden. Een flinke loonsverhoging is vloeken in de polder. Nederland heeft een inmiddels dertig jaar oude traditie van loonmatiging als antwoord op economisch mindere tijden. Die geldt als hét tovermiddel om Nederland succesvol te houden. En niet geheel ten onrechte. Loonmatiging was begin jaren tachtig het perfecte recept. Maar nu niet meer, loonmatiging is nu contraproductief en brengt de Nederlandse economie juist schade toe. Om uit de crisis te komen moeten we de lonen verhogen.

Dat besef is nog tot weinigen doorgedrongen. Ook nu roepen veel partijen, en met succes, weer op tot loonmatiging. Sommigen hebben het dan alleen over ambtenaren en de gesubsidieerde sector. Ambtenaren, politie, ze staan al enkele jaren op nul, en het kabinet wil dat nog vier jaar lang volhouden. De werkgeversorganisatie VNO pleit zelfs voor een loonstop voor de hele economie.

Maar het heilige geloof begint zo langzamerhand wel barstjes te vertonen. Onlangs organiseerde het ministerie van Economische Zaken een seminar over de voors en tegens van loonmatiging. Sprekers van het Centraal Planbureau (CPB), De Nederlandsche Bank (DNB), Rabobank, VNO en vakbond FNV gingen met elkaar in debat. 'Onze modellen tonen aan dat loonstijgingen geen positieve effecten hebben', zo vertolkte de vertegenwoordiger van DNB de ingesleten opvatting.

'Dan moet je je modellen weggooien', antwoordde de hoofdeconoom van de Rabobank. 'Maar dan hebben we een probleem', zei Coen Teulings van het CPB, 'wij gebruiken namelijk hetzelfde model'. Opmerkelijk, want Teulings had net zelf een pleidooi gehouden om juist terughoudend te zijn met loonmatiging. Op grond van hetzelfde model wil DNB dus loonmatiging en het CPB niet. Het debat is kenmerkend voor deze tijd: economen zijn diep verdeeld over de vraag hoe de groei in de economie moet terugkomen

'We moeten afkicken'
Alfred Kleinknecht, hoogleraar economie aan de TU Delft is een van de weinigen die al langer ageert tegen loonmatiging. Zijn onderzoek toont aan dat loonmatiging ten koste gaat van innovatie en de stijging van de arbeidsproductiviteit. Meer recent - en hoopgevend - is de stellingname van het economisch bureau van de Rabobank. In een serie artikelen betoogt het dat 'loonmatiging een verslaving is waarvan wij zo snel mogelijk moeten afkicken'.

Het indammen van de salarissen had begin jaren tachtig zin. Toen was de inflatie hoog. Door de oliecrisis, en het beleid om de lonen automatisch mee te laten stijgen met de inflatie kon het Nederlands bedrijfsleven niet meer goed concurreren met het buitenland. De lonen waren zo hoog dat bedrijven nauwelijks winst maakten en dus niet konden investeren. De werkloosheid was hoog en steeg. Nederland voerde door de slechte concurrentiepositie meer in dan het exporteerde, iets dat alleen door de uitvoer van aardgas werd gemaskeerd.

Het was goed dat het Akkoord van Wassenaar daaraan in 1982 een eind maakte. Werkgevers en werknemers besloten de lonen te matigen, en de overheid zegde toe om de lasten te verlichten waardoor de koopkracht toch op peil bleef. Daarna volgde een lange periode van toenemende welvaart die bijna dertig jaar duurde. En telkens weer, bij elke economische dip ('87, '93, '98, '03, '08, '11) werd het instrument van loonmatiging van stal gehaald.

Maar de tijden zijn veranderd. Voor alle redenen die er toen waren om dat akkoord te sluiten geldt nu het omgekeerde. De concurrentiekracht van het Nederland bedrijfsleven is nu juist sterk. De export van Nederland bereikt elke maand nieuwe records, het handelsoverschot is inmiddels 7,5 procent van het bruto binnenlands product (bbp) en het overschot op de betalingsbalans was in het tweede kwartaal van 2012 zelfs 13 procent van het bbp. Beide zijn nieuwe records. Ook de winstgevendheid van het bedrijfsleven is relatief sterk en de verhouding tussen eigen en vreemd vermogen is sinds 2008 sterk verbeterd.

Reeks van onzekerheden
Maar de economie krimpt op dit moment toch? Ja, maar dat komt doordat we te weinig uitgeven en investeren.

Dat is niet zo gek ook. De Nederlandse consument heeft te maken met een reeks van onzekerheden, op het gebied van pensioenen, huren, hypotheekrenteaftrek en woningmarkt. En dat is niet het enige, want mede door de loonmatiging hebben velen minder geld om uit te geven. Sinds 2001 zijn de reële lonen nauwelijks gestegen, en de laatste twee jaar gaat het hard. De lonen stijgen langzamer dan de inflatie. Zoveel dat de koopkracht in de laatste drie jaar alleen daarom al met ruim 2 procent gedaald is. En terwijl de koopkracht daalde, stijgen de huren en rentelasten. Bestaande verplichtingen worden steeds moeilijker op te hoesten en steeds meer huishoudens kampen met betalingsproblemen. Met de nullijn voor ambtenaren, politieagenten en het onderwijs voor de komende jaren wordt dat effect steeds groter. Voor de periode tot 2017 verwacht het CPB 1,25 hogere loonkosten per jaar en een inflatie van 2 procent. Bij elkaar opgeteld 3,25 procent extra koopkrachtverlies. En daar komen de lastenverzwaringen uit Den Haag straks nog bovenop.

Het is grotendeels het gevolg van onze verslaving aan loonmatiging. In tien van de afgelopen twaalf jaar was er sprake van loonmatiging, opgeteld over de laatste twaalf jaar 10,3 procent. Voor de goede orde: de incidentele loonstijging tellen we hierbij niet mee. Natuurlijk gaan mensen individueel wel meer verdienen, bijvoorbeeld doordat ze promotie maken of simpelweg meer dienstjaren krijgen. En omdat schoolverlaters steeds hoger zijn opgeleid, stromen ze ook met een hoger loon in. Als je met dat alles rekening houdt, is de loonmatiging lager, niet 10,3 procent, maar 2,3. Deze nuancering laat onverlet dat het complete loongebouw - en daar gaat het om - wel een achterstand van 10,3 procent heeft opgelopen.

Een schoolverlater van nu stapt relatief veel 'goedkoper' in dan vijf of tien jaar geleden. Dat leidt er bijvoorbeeld ook toe dat de wig tussen jonge en oude werknemers steeds groter wordt. Die oudere werknemers worden in toenemende mate gezien als te duur. Geen goede trend als we ouderen aan het werk willen houden. Maar de oplossing daarvoor is niet de lonen van ouderen verlagen, zoals Capgemini wil. De loonmatiging schiet dan alleen maar verder door.

Nee, de lonen moeten juist omhoog. Dat is op korte termijn ook goed voor de schatkist. In plaats van vennootschapsbelasting komen er inkomstenbelasting en btw binnen en die zijn hoger. In Duitsland leidt dat effect elk kwartaal weer tot belastingmeevallers.

Voor extra werkloosheid door hogere lonen, mits goed toegepast, hoeven we niet bang te zijn. De bedrijfswinsten zijn relatief hoog, de balansen sterk en het handelsoverschot bereikt steeds nieuwe records. Het was en is belangrijk om niet te duur te worden in vergelijking met Duitsland en om te kunnen concurreren met China. Maar de lonen in China zijn de afgelopen tien jaar met 700 procent gestegen en het verschil in lonen is teruggelopen van 33 keer hoger in 2000 tot 4 keer hoger nu. Momenteel stijgen de lonen in China nog met 13 procent per jaar. In Duitsland, de belangrijkste handelspartner, stijgen de lonen al twee jaar met meer dan 3 procent en voor jongeren nog wat meer. In België, Denemarken, Frankrijk en Zweden liggen de lonen al hoger dan in Nederland. Het enige wat de economie in Nederland nog tegenhoudt, is de zwakke koopkracht van consumenten. Met hogere lonen voorkomen we de toename van het aantal wanbetalers en de gedwongen huizenverkopen, en remmen we de val van de woningmarkt af. Het heeft geen zin om de goedkope staatsschuld van 70 procent van het bruto nationaal product (bnp) af te bouwen, als de dure private schulden van 200 procent van het BNP daardoor niet kunnen worden betaald.

Dan kunnen ook bedrijven eindelijk weer eens investeren. Dat ze dat nu zo weinig doen, komt door de slechte woningmarkt en de daaraan gekoppelde terugval in de bouw. Maar ook doordat consumenten relatief weinig te besteden hebben. Groei is zo niet te verwachten.

Helaas zijn we eigenlijk al erg laat en kunnen we de klok niet meer terugdraaien. In Duitsland stond de economie er in 2011 net zo voor als in Nederland: sterke export, sterk bedrijfsleven, lage werkloosheid, maar zwakke consumentenbestedingen. De Duitse minister van Financiën Schäuble riep vakbonden en werkgevers toen op om de lonen fors te laten stijgen en de Duitse overheid gaf daarbij het goede voorbeeld met een loonstijging van 6,3 procent. Mede daardoor kent Duitsland een redelijke economische groei.

Nu we zo laat zijn, is een loongolf voor de héle economie geen oplossing. Bedrijven die veel exporteren doen het goed, maar sectoren die afhankelijk zijn van de binnenlandse vraag zoals de bouw, de detailhandel en binnenlandse dienstverleners hebben het zwaar. Een loongolf zou de zwakke broeders nekken. De salariskraan moet open bij de bedrijven waar het goed gaat. En ook bij de overheid en de daaraan gerelateerde sectoren. De lonen zouden daar met tenminste de inflatie moeten stijgen. Als goede eerste stap. Het begrotingstekort neemt dan wat minder snel af, maar erger is het als ondernemers en burgers failliet gaan. Kale kippen betalen ook geen belasting.

Robin Fransman schrijft dit artikel op persoonlijke titel. Hij is adjunct-directeur van Holland Financial Centre en actief lid van de VVD. Hij twittert op @RF_HFC.

 
De lonen in China zijn de afgelopen tien jaar met ongeveer 700 procent gestegen
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden