Het is Anniek Pheifer die met furieus toneelspel en een aangrijpende waanzinscène van deze Oresteia theater maakt

Het is Anniek Pheifer die met furieus toneelspel en een aangrijpende waanzinscène van het wraakstuk Oresteia, theater maakt.

Een scène uit Oresteia. Beeld Sanne Peper

Hoe bepalend kan het decor van een theatervoorstelling zijn? Moet het dienstbaar zijn aan de acteurs, of zijn de acteurs dienstbaar aan de vormgeving? In De Oresteia van de Griekse schrijver Aischylos – de nieuwe voorstelling van Theu Boermans bij Het Nationale Theater – is het decor van zijn vaste ontwerper Bernhard Hammer allesbepalend. De Duitse scenograaf ontwierp een enorme gele golfplaat waarop de spelers voortdurend op en af klimmen. Op een ouderwetse draaischijf draait het gevaarte bovendien bijna drie uur lang continu rondjes, piepend en krakend. Het lijkt soms wel een kermisattractie uit vroeger jaren.

Zoekend naar een betekenis van die golfbaan, kom je al snel uit bij de golven van geweld die deze familie treft, en hoe wankel familiebanden zijn. Moeder Klytaimnestra immers moest lijdzaam toezien dat haar man Agamemnon hun dochter Iphigenia offerde om zodoende de goden gunstig te stemmen in de strijd tegen Troje. Als hij als triomfator na tien jaar eindelijk terugkeert, neemt zij wraak op hem: ze slacht hem af. Daarna is het woord en vooral de daad aan de kinderen: Elektra en Orestes, die in eendrachtige samenwerking en aangespoord door Apollo hun moeder vermoorden. Wraak lokt wraak uit.

Mythologische traditie

De Oresteia van Aischylos werd voor het eerst in Athene opgevoerd in 485 v Chr. Omdat het drieluik eindigt met een tribunaal waarin onder leiding van godin Pallas Athene moet worden bepaald wie het meest schuldig is aan moord - de zoon of de moeder - markeert het stuk ook het ontstaan van de rechtspraak. Bovendien stelt Aischylos in De Oresteia wezenlijke vragen over de positie van de vrouw (verzorgend, hoedend) en de man (vechtend, beschermend).

In Den Haag werd De Oresteia al eerder (2006) gespeeld in regie van voormalig artistiek leider Johan Doesburg in een oude kerk – heel toepasselijk gezien het rituele karakter van het stuk. Boermans zelf regisseerde in 1992 onder de titel Bloedbad een grondige maar spannende bewerking van de Duitse schrijver Gustav Ernst bij De Trust. Die producties waren veel minder statisch dan deze nieuwe, want eerlijk gezegd was het deel voor de pauze nogal een uitputtingsslag, zowel voor de acteurs als voor de toeschouwers. Vooral ook omdat juist dat deel uit ellenlange beschrijvingen bestaat van wat voor gruwelijks er tussen de Grieken en Trojanen allemaal is gebeurd.

Visueel uitdagend

De inleiding op dat alles komt voor rekening van Hans Croiset als onderdeel van Het Koor, die haperend van start gaat maar wel een fraaie dictie en tekstbehandeling heeft. Laat dat maar aan Theu Boermans over, die voor elke klemtoon en zinsbuiging de juiste plaats weet. Pas als Klytaimnestra bij terugkomst van haar man hem eerst liefdevol bespringt maar hem daarna in bad de hersens in slaat, leeft de voorstelling op – wat een vertelling was, wordt theater. Met dank aan Anniek Pheifer die de grauwsluier vervangt door furieus toneelspel en een aangrijpende waanzinscène, ondersteund door haar van smart doordrenkte eng-blauwe ogen en een machteloze woede. Dan ook past Boermans een paar beproefde theatrale effecten toe: emmers vol bloed worden uit de nok van het theater over de speelvoer uitgestort, de muziek zwelt aan, we kijken via een enorm videoscherm naar gruwelijk vervormde lijken.

Dat scherm is trouwens net zo bepalend voor de voorstelling als die draaischijf. We zien daarop voortdurend close-ups van de acteurs die van verschillende kanten worden gefilmd en soms rechtstreeks op de camera spelen, ronddraaiend en al. Ook dat doet nogal gekunsteld aan, maar na de pauze is op die schermen juist prachtig te zien hoe Bram Suijker als Orestes en Hannah Hoekstra als Elektra hun gramschap zullen inlossen. Als getergde broer en zus jutten ze elkaar op, en zoeken ze steun bij elkaar in die allesvernietigende geweldsspiraal − Hoekstra trillend van ellende, Suijker briljant transformerend van jongen naar man. Hoe hij en de geest van zijn moeder tegen het eind roerloos naar elkaar kijken, is het aangrijpende hoogtepunt van deze Oresteia. Uiteindelijk gaat alles altijd over moeders en zonen.

Wat daarna volgt, is het afhechten van het verhaal in een wat mal gespeelde scène waarin de wraakgodinnen in een soort schimmig stemmenspel hoodies dragen. Maar gelukkig is ook hier Hannah Hoekstra als godin Pallas Athene de blikvanger, als zij in volkomen rust en zelfs met een vage glimlach de Nieuwe Wereldorde aankondigt. Eindelijk ook staat dan die draaischijf stil.

Hein Janssen

Afscheid Theu Boermans

Met zijn regie van De Oresteia markeert theatermaker Theu Boermans zijn afscheid als artistiek leider van Het Nationale Theater, waar hij in 2011 in die functie begon. Toen heette het nog Het Nationale Toneel, sinds 2017 is de groep gefuseerd met de Koninklijke Schouwburg. De leiding van het Haagse gezelschap bestaat intussen uit Cees Debets als algemeen directeur Theater, en Erik de Vroedt als artistiek leider. Op 1 juni treedt Lidy Klein Gunnewiek in dienst als zakelijk directeur. Boermans blijft intussen als huisregisseur in Den Haag werken. Komend seizoen regisseert hij het toneelstuk Amadeus van Peter Shaffer over de moeizame relatie tussen de componisten Salieri en Mozart. Deze coproductie met De TheaterAlliantie zal in een aantal grote theaters te zien zijn.

De Oresteia van Aischylos door Het Nationale Theater, regie Theu Boermans. 7/4,  Koninklijke Schouwburg Den Haag . Tournee.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden