Recensie Jan Svankmajer – The Alchemical Wedding

Het innerlijke leven van voorwerpen, dát is wat Svankmajer ons laat zien (vier sterren)

Filmmuseum Amsterdam wijdt tentoonstelling aan Tsjechische grootmeester van surrealisme.

Dimensions of Dialogue (1982) Beeld Jan Svankmajer

Hoe verander je een afgedankte schuifla in een voorwerp dat je diepste wensen vervult? Jan Svankmajer, de Tsjechische koning van het surrealisme, maker van bizarre animatiefilms en al even recalcitrant beeldend werk, kan het precies uitleggen. ‘Ik vul zo’n la met keukengerei en gooi er dan een mengsel van gekookt maismeel, bloed en klei overheen. Dat is mijn manier om de fetisj te voeden, waarna ik hem mijn wensen kenbaar kan maken.’

Svankmajer (84) is naar het Amsterdamse filmmuseum Eye gekomen ter gelegenheid van de aan hem gewijde expositie Jan Svankmajer: The Alchemical Wedding. Eye toont niet alleen een greep uit Svankmajers baanbrekende kortfilms, maar ook objecten, installaties, tekeningen en collages. Tijdens de persbezichtiging, afgelopen vrijdag, treedt de meester zelf aan als museumgids.

Voor Svankmajer, die zich pas toelegde op de beeldende kunst toen de communisten hem in de jaren zeventig een filmverbod hadden opgelegd, is het surrealisme geen kunstopvatting, maar een levenswijze. ‘Ik heb hem gevraagd om een betere wereld, maar vooralsnog zonder resultaat’, zegt hij over zijn met gestolde derrie gevulde Fetisj-la (2014). ‘Ik moet hem nog wat méér voeden, denk ik, en wat spijkers erin slaan. Een fetisj die pijn lijdt, gehoorzaamt een stuk beter.’ Met dezelfde ernst licht hij de tekeningen toe die hij, in de rol van medium, met zijn in 2005 overleden echtgenote Eva maakt. ‘Als we er genoeg hebben, gaan we er een tentoonstelling mee inrichten.’ 

Als een door flora, fauna, alchemie, geologie, spiritisme en Afrikaanse volkskunst geobsedeerde frankenstein schept Svankmajer zijn geheel eigen wereld. Je hoeft er niet van op te kijken wanneer in het live action/animatie-drieluik Food  (1992) een bord met worst uit iemands borstkas tevoorschijn schuift. Of wanneer je stuit op een hoogpotig visskelet dat eieren legt op de ruggen van vogelspinnen (The Natural History Cabinet VI, 1993). Svankmajer, bij de met schuurborstels en priemende nep-vingers beklede stoel, die in de speelfilm Conspirators of Pleasure (1996) als instrument voor auto-erotische hoogtepunten dient: ‘Voelt u zich zo vrij uw kleren uit te trekken en het zelf te proberen.’

En zo blijkt de hele expositie een intense oefening in surrealistisch kijken, voelen en ervaren. Prachtig én afstotelijk zijn de uit onderdelen samengestelde fabelwezens. Een in stukken agaat uiteengevallen vos (Mineralized Fox, 2014), bijvoorbeeld, en veel schildpadmutaties. Of neem die monsterlijke ammoniet met schedelkop (Dead Ammonite, 2014): net een half-menselijke slang die in zijn staart probeert te bijten. Het is niet moeilijk je voor te stellen dat deze wezens ooit hebben geleefd – en dat misschien nog steeds doen. Dat ze achter dat opgepoetste vitrineglas eerder gevangen worden gehouden dan tentoongesteld.

Mobile Ipsation Machine "Roman", 1972 Beeld Jan Svankmajer

Jan Svankmajer – The Alchemical Wedding had makkelijk een overvol rariteitenkabinet kunnen worden, maar gelukkig koos curator Jaap Guldemond voor rust en overzichtelijkheid, voor donkergrijze wanden en gedempt licht. Beeldschermen waarop twaalf kortfilms integraal te zien zijn, worden geflankeerd door nissen met Švankmajers tekeningen en collagewerk. Het strakke, sobere zaalontwerp contrasteert mooi met de organische chaos in de vitrines.

In Eye mag je ook kijken met je handen. Om zijn voorliefde voor textuur ook bij de toeschouwer aan te wakkeren, heeft Svankmajer objecten gemaakt die aangeraakt willen worden. Bij het portret van wijlen echtgenote Eva voelt het vooral wat oneerbiedig om in de zwarte zak te grijpen die als een slurf uit Eva’s gezicht bungelt, en eigenhandig te bespeuren welke zachte en harde indrukken Svankmajer zich bij haar voorstelde.

Virile Games (1988) Beeld Jan Svankmajer

Toch kan het vanwege de vele indrukken iets te veel gevraagd zijn om de in de expositie opgenomen kortfilms uit te zitten - ook al duren ze zelden langer dan een kwartier. Een meesterwerk als Dimensions of Dialogue (1982), waarin (onder meer) kleihoofden bij wijze van communicatie tandenborstels en schoenen op elkaar uitspuwen, komt beter tot zijn recht wanneer je hem buiten de expositie kijkt - zonder bemoeienis van andere beelden.

In 1999 publiceerde Jan Svankmajer zijn tien geboden, waarin hij zijn principes en streven als (filmend) kunstenaar uiteenzet. ‘Geef je volledig over aan je obsessies. Iets beters heb je toch niet,’ schrijft hij in het tweede gebod. ‘Blijf dromen verwisselen met de realiteit en vice versa. Er zijn geen logische bruggen,’ stelt hij in gebod nummer vier, en in nummer negen breekt hij een lans voor kunst als ‘permanente bevrijding.’ Svankmajer: ‘Dat ik deze tien geboden heb opgesteld, betekent nog niet dat ik me er bewust aan heb gehouden.’

Tegelijkertijd is het interessant hoe Eye de hiërarchie tussen Svankmajers cinema en diens overige werk opheft. Het doet er niet toe of de kunstwerken qua zeggingskracht of uniciteit aan de films kunnen tippen: de expositie wil vooral Svankmajers vrije geest in kaart brengen. ‘Ik breng de objecten niet tot leven, ik dwing hun innerlijke leven naar buiten’, wordt Svankmajer in een van de zaalteksten geciteerd, en dat geldt voor de wezens in de vitrines niet minder dan voor de poppen-personages en wilskrachtige objecten uit de animatiefilms.

De meester zelf is intussen in zijn nopjes met het geheel. ‘Dit is de eerste keer dat mijn werk in relatieve duisternis wordt geëxposeerd. Dat bevalt me. Het wordt er raadselachtiger en magischer van.’

Zelfverklaard surrealist Jan Svankmajer (Praag, 1934) wordt beschouwd als een van de belangrijkste, meest invloedrijke animatiefilmers aller tijden. Films als Dimensions of Dialogue (1982), Food (1992) en Surviving Life (2010) draaien om de kracht van het onderbewuste, om driften, agressie, geweld, consumptie, fetisjisme en erotiek, waarbij dingen, lappen vlees en stukken fruit een geheel eigen leven gaan leiden. Typerend voor Svankmajer is de combinatie van live action, stop-motion-technieken en poppenspel, waarbij zowel objecten als levende acteurs beeld voor beeld worden geanimeerd. Svankmajer, die het filmvak op eigen houtje leerde en werd opgeleid als decorontwerper en poppenspeler, maakte 27 korte en zeven lange films; met Insect (2018) luidde hij vooralsnog zijn pensioen in.

Jan Svankmajer – The Alchemical Wedding is t/m 3 maart in Eye te zien, samen met een retrospectief van zijn films.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden