Het gym

Geen 'au-to' maar 'o-to' zeggen

Surinaams meisje uit een achterstandswijk belandt tussen kakkers op het 'gennasium': de plot van Karin Amatmoekrims dartele roman Het gym.

Sandra is een klein Surinaams meisje met nauwelijks borsten, haar dat pluist en een naar Nederlandse maatstaven bolle kont. Ze woont in een achterstandswijk en gaat naar de eerste klas van het gymnasium, waar zij terechtkomt tussen rijkeluiskinderen die hockey en piano spelen, en 'o-to' zeggen, om zich te onderscheiden van de aso's voor wie het 'au-to' is.

Sandra begrijpt maar weinig van deze kakkers. Over de gekste dingen praten ze alsof het normaal is: drie keer per jaar op vakantie of de aanschaf van een nieuwe boot die een halve ton duurder is dan de oude. Sandra is drie jaar geleden voor het laatst op vakantie geweest, een midweek naar Valkenburg, op kosten van de sociale dienst. En een halve ton: dat is vier jaar bijstand, waarvan zij, haar moeder en zusje nauwelijks kunnen rondkomen.

Haar klasgenoten doen alsof ze veel van de wereld weten, maar eigenlijk weten ze niets, vindt Sandra. Niets weten ze van het leven in háár wijk, waar mensen vanaf zes hoog de afvalzakken naar beneden gooien, Turken om de haverklap kinderen baren en een Nederlandse moeder op de klanken van BZN geregeld dronken wordt. 'Tering', zegt haar dochter dan. 'Wedden dat ze morgen weer een kater heb? Legt ze weer de godganse dag op bed.'

Genadeloos schetst Karin Amatmoekrim (1977) in haar nieuwe roman Het gym het leven van een Surinaams meisje tussen twee culturen. Ze spaart niets en niemand, ook niet de eigen Surinaamse gewoontes. Sandra's vader is een lapzwans die er twee gezinnen op nahoudt en niets anders doet dan als een dweil op de bank naar de tv kijken. Hij heeft nauwelijks door dat hij kinderen heeft en voelt zich dus ook niet verplicht zoiets normaals als kleren voor hen te kopen.

Al eerder putte Amatmoekrim uit haar Surinaamse achtergrond, bijvoorbeeld in haar tweede roman Wanneer wij samen zijn (2006), waarin zij beschreef hoe haar familie vanuit een klein Surinaams dorp uiteindelijk in IJmuiden belandde. Hier groeide Amatmoekrim in de jaren tachtig op in eenzelfde soort wijk als haar alterego Sandra, zij ging naar het gymnasium in Velsen-Zuid.

Amatmoekrim debuteerde in 2004 en sindsdien is zij geprezen om haar vaardige pen. Diezelfde vlotheid zit in haar nieuwe boek, alleen heeft zij er nu iets aan toegevoegd: ironie, humor. Het gym is niet alleen genadeloos, maar ook bijzonder grappig. De kinderen in haar achterstandswijk zeggen consequent dat Sandra op het 'gennasium' zit, een Nederlandse hippiemoeder doet 'een handvol groene takken' in de thee (muntbladeren) en als Sandra de rol van God krijgt in Faust omdat ze zo voorbeeldig een augurk heeft nagebootst, is haar reactie: 'Tering. Ik ben God.'

Hoezeer ze haar best ook doet, Sandra kan de twee werelden waarin ze leeft (nog) niet met elkaar verenigen. Ze is verliefd op haar klasgenoot Dirk Jan, maar stoot hem af omdat ze hem niet wil ontvangen in de armoedige omstandigheden bij haar thuis. Met de racistische klasgenoot Bart Willink rekent ze af op een manier die normaal is in haar eigen wijk - ze schopt hem in zijn kruis - maar de reactie erop begrijpt ze niet: niet zij wordt van school gestuurd, ook al heeft ze geweld gebruikt, maar Bart. De rector vertelt haar zelfs hoe bijzonder ze wel niet is, als mens, en hij kijkt haar aan alsof ze zielig is. Vreemd, vindt ze dat. Ze heeft net iemand verrot getrapt en dan zou zij zielig zijn?

Het gym houdt allerlei groeperingen in de multiculturele samenleving een spiegel voor en laat zien hoe verwarrend het leven voor een kind in zo'n wereld kan zijn. Maar het verhaal wordt nergens zwaar. Dartel huppelt het voort en wat overblijft is vooral bewondering, voor de kleine Sandra met het pluizige haar, de platte borst en dikke kont, die absoluut niet zielig is.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.