Het getal zes, de 150 zetels van de Tweede kamer en rijmwoorden op twaalf

Leuke dingen aan het getal zes, de 150 zetels van de Tweede Kamer en rijmwoorden op twaalf: zo net voor de vakantie beantwoord ik drie lezersvragen.

Ionica Smeets. Beeld de Volkskrant

Als eerste: de zetels in onze Tweede Kamer. Kees Knol mailde een hele reeks vragen daarover. Eén van de eenvoudigste is: Waarom zijn het er eigenlijk 150? Technisch gezien is het antwoord dat er in 1956 een wet is aangenomen die het aantal Tweede Kamerleden uitbreidde van honderd naar honderdvijftig. Die wet geldt nog steeds. Destijds was een van de argumenten om vijftig extra Kamerleden aan te stellen dat de binding met de burger sterk moest zijn. De bevolking was gegroeid, dus moest het aantal volksvertegenwoordigers óók stijgen om een beetje in verhouding te blijven.

De afgelopen zestig jaar is de bevolking flink verder gegroeid, maar desondanks gaan er regelmatig stemmen op om de Tweede Kamer juist weer terug te brengen tot honderd leden. En dat terwijl er inmiddels ruim 113 duizend inwoners per Kamerlid zijn, wat meer is dan vóór de wetswijziging van 1956. In veel andere landen zijn er in verhouding meer volksvertegenwoordigers. Sommige politicologen betogen dat een parlement ongeveer zo groot moet zijn als de derdemachtswortel van de bevolking. Voor Nederland zou dat neerkomen op 258 Kamerleden. Of dat de formatie van een meerderheidskabinet moeilijker of makkelijker zou maken, durf ik niet te zeggen.

Volgende vraag: Jan Zonneveld suggereerde dat ik maar eens iets moest schrijven over twaalf, omdat daar niets op rijmt. Ha, dan heeft hij buiten de vindingrijkheid van dichter Frank van Pamelen gerekend. In zijn bundel Dat lijkt warempel sandelhout heeft Van Pamelen geen enkel probleem met het rijmwoord twaalf:

Ftep

Ik fiel duf onlangf van mijn miniftep

Fandaar dat ik geen foortanden meer heb

Maar jij findt fteppen blijkbaar ietf fpefiaalf

Maar ja, je bent tenflotte ook paf twaalf

Ten slotte een geweldige vraag van Eric Smeets (geen familie). Hij mailt dat zes het lievelingsgetal is van Bert uit Sesamstraat. In het nummer Mijn lievelingscijfer is zes brengt Bert een ode aan zes, terwijl Ernie steeds dingen tegenwerpt als en 'Bert, dat is erg saai' of 'Zes zit daar maar een beetje tussen vijf en zeven'. De originele Amerikaanse versie is misschien nóg grappiger, daarin vertelt Ernie dat zijn lievelingsgetal 8.243.721 is.

Enfin. Eén neus, twee ogen, al het goede in drieën, vier stoelpoten, vijf vingers, zeven dagen in de week. Waar blijft de zes? Zelf komt Eric niet veel verder dan honingraat, insectenpoten en kubus. Kan ik hem (en Ernie) helpen?

Natuurlijk: zes is van gitaarsnaren, benzeen, de davidster, quarks, volleybalteams en de stappen waarbinnen iedereen met elkaar verbonden is. Bovendien is zes een perfect getal: het is de som van zijn echte delers (één, twee en drie). Perfecte getallen zijn behoorlijk zeldzaam en alle voorbeelden die we hebben kennen zijn even, niemand weet of er een oneven perfect getal bestaat. Denk daar dus nog eens aan als je die perfecte zes ziet.

Overigens gaat deze column hierna zes weken op zomerreces. En dan ga ik iets doen met míjn favoriete voorbeeld van het getal zes: mijn zoon.

Meer lezen?

Lees hier alle columns van Ionica Smeets.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden