Het geheugenpaleis

Rijtjes stampen is zo dom nog niet

Ranne Hovius

Dankzij Google en TomTom maken we steeds minder gebruik van ons geheugen. Joshua Foer pleit voor klassiek van buiten leren.

Iedereen heeft ze wel eens op tv gezien of over ze gehoord: mensen die moeiteloos het getal pi tot duizend cijfers achter de komma uit hun hoofd kunnen opzeggen. Die de vraag op welke dag Pasen in het jaar 1372 viel zonder aarzelen goed kunnen beantwoorden. Of die, zoals Dustin Hoffman in Rainman, aan iedere naam uit het telefoonboek het juiste telefoonnummer kunnen koppelen.

Freaks of nature. Aardiger gezegd: savants. Mensen die aan bijvoorbeeld een hersenbeschadiging een enkele, uitzonderlijke vaardigheid overhouden terwijl ze op andere gebieden nauwelijks kunnen meekomen. Of hoogbegaafde autisten die de grootste moeite hebben met sociaal gedrag.

Als de Amerikaanse journalist Joshua Foer in 2005 voor zijn werk op de Amerikaanse geheugenkampioenschappen belandt, gaat hij er blind van uit dat de deelnemers wereldvreemde savants zijn. Het kampioenschap bestaat uit onderdelen als het in vijftien minuten van buiten leren van de voor- en achternamen bij negenennegentig portretfoto's en het in vijf minuten zien te onthouden van duizend willekeurige getallen.

Tot Foers verbazing beweren de deelnemers een doorsnee geheugen te hebben dat ze met geheugentechnieken hebben getraind. Deze technieken zijn grotendeels gebaseerd op het feit dat menselijke hersenen slecht toegerust zijn om woorden en getallen te onthouden, maar heel goed beelden en ruimtelijke indelingen vasthouden, wat ooit handig was om voedselplaatsen terug te vinden. Verzin bij een reeks te onthouden gegevens opmerkelijke beelden, plaats deze beelden op herkenbare plaatsen in een jouw vertrouwde omgeving, en je hoeft later alleen maar in gedachte deze omgeving door te wandelen om je de reeks weer te herinneren. Iedereen kan zo tot spectaculaire prestaties komen, beweren de wedstrijddeelnemers, ook Foer zelf.

Foer gaat de uitdaging aan en traint een jaarlang dagelijks een uurtje zijn geheugen. In Het geheugenpaleis doet hij verslag van dit jaar dat een voor hem verbijsterende uitkomst heeft: hij wint de Amerikaanse geheugenkampioenschappen van 2006.

Foer, de jongere broer van schrijver Jonathan Safran Foer, verweeft zijn vaak komisch beschreven wedstrijdtraining fraai met thema's als de geschiedenis van de geheugenkunst en de tegenwoordige verwaarlozing van het geheugen in het onderwijs. Sinds de boekdrukkunst zijn we ons geheugen steeds meer gaan uitbesteden aan externe opslagmogelijkheden. Deze ontwikkeling heeft een punt bereikt waarop mobiele telefoons, TomToms en Google het overbodig maken nog overdreven veel in eigen hoofd op te slaan. Wat dan weer tot zorgen leidt over de moderne jeugd: die weet echt helemaal niets meer. Had het in diskrediet geraakte volstampen van het geheugen niet toch nut?

Het is een vraag die Foer na enig aarzelen met ja beantwoordt. De aanleiding is een groepje zwarte scholieren dat meedoet aan de geheugenkampioenschappen. Hun onderwijzer ziet een goed gevuld geheugen als een mogelijkheid aan een kansloze situatie te ontsnappen. Hij gebruikt de klassieke geheugentechnieken om zijn leerlingen toe te rusten met een reservoir aan kennis, variërend van literaire citaten tot belangrijke data en begrippen uit de Amerikaanse geschiedenis. En hij doet dat niet omdat hij feitenkennis op zichzelf zo belangrijk vindt maar omdat hij verwacht dat zijn leerlingen kennis en inzicht op die feiten baseren. Foer: 'Het geheugen is als een spinneweb dat nieuwe informatie vangt. Hoe meer het vangt, hoe groter het wordt. En hoe groter het wordt, hoe meer het vangt.'

Foers bespiegelingen over de geringschatting van ons geheugen maken van Het geheugenpaleis behalve een onderhoudend verhaal, ook een behartigenswaardig boek voor iedereen die zich zorgen maakt over het onderwijs.

Op 28 oktober geeft Joshua Foer de 29ste Van der Le

euw-Lezing in Groningen over 'Onderwijs: internet of geheugen?'

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden