Het geheim van De Telegraaf

De beste neus voorhet Volksempfinden

Tegenwoordig heb je Wilders, maar al heel lang is er De Telegraaf. Mariëtte Wolf schreef over Nederlands grootste krant, heel progressief begonnen.

Op 1 januari 1893, het was een zondag, verscheen De Telegraaf voor de allereerste keer, in 'de aangename overtuiging (...) dat zij bij het Nederlandsche publiek optreedt als een niet onwelkome gast'. Op de voorpagina van dat eerste nummer werd in de rubriek Telegrammen melding gemaakt van in de kop gedrukt, proletarisch bewustzijn te Madrid. 'Een aantal werkeloozen, die een betooging wilden houden, werden door de politie met de blanke sabel uiteengedreven.'

Men kan het zich nu moeilijk voorstellen, maar De Telegraaf is begonnen als een romantisch-vooruitstrevend nieuwsblad voor de Amsterdamse elite.

De krant muntte uit in de sociale reportage, bijvoorbeeld over de vraag hoe werkloosheid uit te bannen. Het antwoord schitterde van hooggestemd idealisme: 'Tot dit doel behooren allen mede te werken, die leven in het bezielend bewustzijn dat de maatschappij andere eischen stelt dan het leven naast elkaar, die weten, dat alleen het geluk op deze aarde is weggelegd voor hen, die leven door en voor elkaar. Dat hun aantal voortdurend moge aangroeien.'

Je zou wensen dat het de aanhef was van het PvdA-programma.

Op 5 april 1967, het was een woensdag, opende De Telegraaf met de triomfalistische kop: 'Marine maakt schoon schip'. De Jantjes uit Den Helder hadden de 'langharige nozems' uit het Centraal Station van Amsterdam geveegd. In één keer was afgerekend met 'de nihilistische vernielingsorgieën' van de 'laffe jeugd'.

Het jaar daarvoor had de beroemd-beruchte chroniqueur van de krant, Jacques Gans, al de dingen bij de naam genoemd: 'Als de regering van een stad te beroerd of te lamlendig is om op te treden of bevreesd is door de een of andere televisiejuf in het hemd te worden gezet en daarmee toegeeft aan politieke chantage, dan zit er voor de burgers niets anders op dan zelf de afweer energiek ter hand te nemen.'

De geschiedenis van De Telegraaf, de grootste krant van Nederland, is voor het eerst te boek gesteld. Het is een wonder dat directie en hoofdredactie hebben willen meewerken. In de openbaarheid liggen nu bijna zeshonderd, rijk geïllustreerde pagina's; over het bastion van strijdlust en rancune, over de krant die van zijn weerzin tegen (socialistische) staatsdwang en zijn achterdocht jegens autoriteiten zijn kracht heeft gemaakt - het is fantastisch dat het er is. Tegenwoordig heb je Wilders, daarvoor had je Fortuyn, maar al heel lang is er De Telegraaf - met veruit de beste neus voor het Volksempfinden.

Mariëtte Wolf, voormalig directeur van het Persmuseum in Amsterdam, is vorige week gepromoveerd op Het geheim van De Telegraaf. Haar boek, vol anekdotes, leest prettig, het is sterk verhalend, met een gaaf ontwikkeld oog voor de listen en lagen van de hoofdpersonen. Vanaf de burelen van De Telegraaf kijkt de lezer naar buiten, naar het rumoer op straat.

In zijn genre staat het boek als een huis. Een hoofdrol is weggelegd voor Stokvis, die van zijn voornaam Co heette, maar altijd bij zijn achternaam werd genoemd. Van alle geslaagde hoofdredacteuren van De Telegraaf was hij de beste. Hij regeerde van 1952 tot 1970. Als hij komt heeft de krant 65 duizend abonnees. Bij zijn vertrek 450 duizend 'en het einde van de duizelingwekkende vlucht is nog lang niet in zicht'.

Stokvis maakte zijn redacteuren bewust van de essentie van De Telegraaf; hij had het afgekeken van de Engelse tabloids. Een goed verhaal voldeed aan vier criteria; het ging in elk geval over religie, hogere kringen, mysterie en seks. Het werd samengevat in de legendarische zinsnede: My God, said the Duchess, I'm pregnant and I don't know who did it.

Stokvis rook het nieuws en stonk naar De Telegraaf. Het was zijn leven. Zelfs door zijn getrouwen werd die hartstocht met enige scepsis aanschouwd: 'Als hij de mooiste vrouw van de wereld een beurt geeft, d

enkt hij nog aan de krant.' Onder Stokvis groeide de redactie van De Telegraaf uit tot een verbond van samenzweerders. De krant kreeg na de oorlog een verschijningsverbod van vier jaar; Mariëtte Wolf maakt overtuigend duidelijk dat achter die straf revanchisme school van de gevestigde, verzuilde krachten. Daarbij kwam dat De Telegraaf van Stokvis in die kringen een ordinair ding werd gevonden.

Bij elkaar leidde het intern tot een reactie van verbondenheid waarbij vergeleken de club van de Zwarte Hand van Pietje Bell een slap vertoon van saamhorigheid was. Henk van der Meyden, die in 1958 bij de krant kwam, heeft verteld hoe hij meemaakte dat mensen in een kiosk De Telegraaf kochten en vroegen of de krant in een papieren zak kon worden gestopt. Een mens van fatsoen wilde er niet mee worden gezien!

Verslaggever Charles Huijskens - en hij niet alleen - heeft verwoord hoe strijdbaar de redactie werd van die afkeer van de buitenwereld: 'Iedereen kijkt ons met de nek aan. Wat kan ons het schelen? We trekken ons van niemand iets aan en gaan ons eigen gang.' En hoofdredacteur-directeur Cor Brandt placht bij elke nieuwe aanval op de krant op te merken: 'We doen het weer als altijd, net als de Zuid-Afrikaanse boeren: in een cirkel gaan staan met de geweren naar buiten gericht.'

Stokvis leerde zijn redacteuren 'gewoon te zeggen wat je vandaag meent'. Het was zijn succesvolle manier om de krant te maken tot 'de ruggegraat van onze samenleving', tot het lijfblad van de 'hardwerkende middengroepen'. De nieuwe hoofdredacteur Sjuul Paradijs lijkt meer dan zijn voorgangers in de voetsporen te treden van Stokvis. Paradijs is de man die De Telegraaf in de gedaante van Wakker Nederland aan een televisielicentie heeft geholpen. Mariëtte Wolf schrijft: 'Met hem lijkt de krant over een ouderwets strijdbare en onbeschroomd rechtse hoofdredacteur te beschikken.'

Het knappe van De Telegraaf is dat het een krant is waaraan je als burger, hoezeer ook gezegend met een links geweten, niet voorbij kunt gaan. Lees naast uw krant De Telegraaf. Niet elke dag natuurlijk, maar wel zo af en toe. Opdat u weet wat elders in de maatschappij aan de hand is.

Het knappe van Het geheim van De Telegraaf is, dat het dit besef wakker roept.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden