Het gaat nog steeds niet goed met Christiane F.

Christiane F. is nu 52 en heeft haar leven nog steeds niet op de rails

Als het wereldwijde succes van Wir Kinder vom Bahnhof Zoo (1978) Christiane Felscherinow iets gebracht heeft, dan is het dat ze nooit op straat hoefde te leven. Het meisje van 13 dat tippelde, is nu 52. Ze is nog altijd verslaafd aan methadon en lijdt aan een voorstadium van levercirrose. Maar wel onder haar eigen dak en in haar eigen bed.

In het onlangs vertaalde Christiane F. -mijn tweede leven vertelt Felscherinow aan journaliste Sonja Vukovic hoe het haar na dat plotselinge succes is vergaan. En voor wie het enigszins hoopvol eindigende eerste boek las - van de Nederlandse veertig drukken werden er zo'n tweehonderdduizend verkocht - kan dat geen kwaad.

Sterk is dat het boek de draad oppakt in de zomer vóór Felscherinow de beroemdste junkie van Duitsland wordt. Ze is dan 15 en om af te kicken ondergebracht bij haar oma in het provinciestadje Kaltenkirchen. Na schooltijd interviewen Stern-journalisten Horst Riek en Kai Hermann haar vier uur per dag, drie maanden lang. Het lucht haar op, maar ze verwacht er niet veel van.

Dan hangen er ineens posters met haar gezicht bij de plaatselijke krantenkiosk. Een paar jaar later staat er bijna een half miljoen mark op haar bankrekening. Ze vertrekt naar een woongroep aan de Reeperbahn in Hamburg om boekverkoopster te worden en in de avonduren een carrière als zangeres en actrice op te bouwen.

Redelijk nuchter vertelt ze over haar administratieve werk bij een platenlabel, de vriendschappen met onervaren jochies als de toen 17-jarige Alexander Hacke, gitarist van de Einstürzende Neubauten. Dat ze met David Bowie in een geleend vliegtuig van de Rolling Stones een concert in Amerika bezoekt. Auteurs Friedrich Dürrenmatt en Patrick Süskind zitten met haar aan tafel en het valt niemand op dat ze vreselijk veel drinkt en af en toe een paar dagen verdwijnt om te spuiten in het beruchte Platzspiz-park.

Of ze zit tien maanden lang in vrouwengevangenis Plötzensee, waar de angst toeslaat als Tsjernobyl klapt. Ze slaat liters onbesmette melk in en vreest dat ze door vluchtende cipiers zal worden achterlaten.

Het zijn dit soort details die Christiane F. - mijn tweede leven lezenswaardig maken. Maar verder heeft het verhaal last van een gebrek aan structuur, platte cliffhangers, gruwelzinnetjes als 'Qua horse was ik in die tijd clean' en vooral die onoverzichtelijke chaos aan niet altijd even relevante anekdotes. Juist afgekickt of net weer begonnen, Berlijn, Athene, Zürich, een stroom ex-vrienden: de draad raakt telkens kwijt. Als het eerste boek al bedoeld was om anderen te behoeden van drugsgebruik, dan is het tweede daar nog beter in geslaagd.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden