Het foute ontwerp voor een foute muur: die van Mussert

Zwerfkeien en bakstenen, daaruit is De Muur van Mussert opgetrokken. Zó geconstrueerd dat de NSB-leider beschikte over een roeptoeter van 150 meter lang en 10 meter hoog. Hoe werkte dat, architectuur als propaganda?

Mussert houdt een toespraak op De Goudsberg in Lunteren. Beeld Beeldbank WO2 / NIOD

De Muur van ­Mussert ga je pas zien als je het doorhebt, om met ­Johan Cruijff te spreken. De twee Poolse seizoensarbeiders die op deze stralende lentedag een potje beachball spelen in het vakantiepark van camping De Goudsberg in het Gelderse dorp Lunteren, hebben niet door dat ze zich bevinden op de plaats delict van een zwarte bladzijde uit de ­Nederlandse geschiedenis. Hoe zouden ze ook moeten weten dat het komvormige grasveld waarop nu containerwoningen staan - hun tijdelijke thuis - tachtig jaar geleden is ontworpen als de openluchtvergaderplaats voor de ­Nationaal-Socialistische Beweging (NSB) van Anton ­Mussert?

Waar vandaag vogelgetsjirp uit het omringende bos klinkt, schalde destijds Musserts stem tijdens de ­Hagespraken, zoals de jaarlijkse partijdagen van de NSB heetten. Niets wijst erop dat de overwoekerde bakstenen muur achter het washuisje toen dienstdeed als een enorm decor en een podium, vanwaar de Leider zich liet toejuichen door tienduizenden toehoorders.

Bijzondere betekenis

‘Tot mijn 25ste had ik nog nooit van de muur gehoord’, zegt de 73-jarige Jan Kijlstra, geboren en getogen in het nabijgelegen Ede. Pas begin jaren zeventig, toen hij op de camping zijn zwager bezocht, zag hij het bouwwerk voor het eerst: ‘Zijn tent stond er pal voor.’

‘Ik dacht: goh, een muur. Er was geen enkele connotatie. Op school noch bij ons thuis was er ooit over ­gesproken.’ Later, toen hij over de ­geschiedenis van de plek las, ontdekte Kijlstra de bijzondere betekenis van de muur. Het bouwwerk maakte deel uit van een NSB-complex en is het enige in Nederland dat door de NSB is gerealiseerd. Kijlstra vindt dat deze pijnlijke periode uit de vaderlandse geschiedenis niet mag ­worden ­vergeten.

'Fout' erfgoed

In 2004 werd een voorstel om van de muur – die langzaam afbrokkelt –een gemeentelijk monument te maken, ingetrokken onder druk van het protest door onder anderen oud-verzetsleden. Kijlstra sloot zich aan bij de Stichting Erfgoed Ede en de Gelderse Erfgoedvereniging Heemschut om de status van de muur opnieuw op de agenda te zetten. Dankzij de inzet van deze organisaties is het bouwwerk, dat eind vorig jaar door de campingeigenaar gesloopt dreigde te worden, in februari alsnog voorgedragen als rijksmonument.

Het biedt nieuwe stof voor de discussie over ‘fout’ erfgoed. Op 4 mei herdenken we de slachtoffers van de oorlog, op 5 mei vieren we de bevrijding van de Duitse bezetter; hoe past een monument van collaboratie daarbij?

Ook roept de erfgoedstatus vragen op over de rol van de architectuur in ‘foute’ geschiedenis. Dat de betrokken architect, Martinus Jansen, NSB-lid van het eerste uur, een collaborateur was, staat vast. Hij werd na de oorlog berecht en veroordeeld tot een gevangenisstraf. Is daardoor ook zijn ontwerp medeplichtig? De muur bood een podium aan Mussert, maar heeft het ontwerp ook bijgedragen aan de versterking van de nationaal-socialistische ideologie? Wat was het beoogde effect van de ruimte en welke uitwerking had deze op het ­publiek?

Misleidende naam

De naam ‘Muur van Mussert’ is misleidend. De opdracht die Jansen in 1938 kreeg, betrof een ‘Nationaal ­Tehuis’: een 5 hectare groot congresterrein met sportvelden, een groepsaccommodatie voor 120 personen, gezinshuisjes en een openlucht­vergaderplaats. Uiteindelijk werd ­alleen die laatste gerealiseerd. Het bouwwerk (150 meter lang, 10 meter hoog, enkele meters diep) was meer dan een podium: het omvatte ook Musserts kantoor, persruimten en een donkere kamer, een gigantische vlaggemast, plus een (niet gerealiseerd) ondergronds mausoleum voor gevallen kameraden. Mussert wilde ‘een monument voor de eeuwigheid’, schrijft historicus René van Heijningen, die in 2012 afstudeerde op de Muur van Mussert, in zijn gelijk­namige boek: ‘Een spreekplaats ­vanwaar de zegeningen van het ­nationaal-socialisme zouden worden gepredikt opdat het Nederlandse volk weer een grote toekomst tegemoet zou kunnen gaan.’

De NSB-leider was onder de indruk van de manier waarop Hitler architectuur onderdeel maakte van zijn communicatiestrategie. Voor de Reichsparteitagsgelände in Neurenberg, het manifestatieterrein van de NSDAP, had architect Albert Speer een megalomaan, neoclassicistisch ontwerp gemaakt dat de grandeur van het Derde Rijk moest onderstrepen en waar geritualiseerde massa­manifestaties plaatsvonden.

Enscenering

Van de partijtop van de NSB mocht de Nederlandse variant wat ‘volkser’. Inspiratie werd gevonden in de Duitse Thingstätte. Op deze open plekken in de natuur, die volgens de overlevering Germaanse cultusplaatsen waren en waar in de Middeleeuwen recht werd gesproken, verrezen sinds de machtsovername van Hitler ­openluchttheaters die plaats moesten bieden aan nationaal-socialistisch volkstheater. Het doel van de ­nazi’s was om met die theaters een ­gemeenschappelijk ervaring te ­creëren.

Enscenering speelde daarbij een belangrijke rol. Het begon met de ­locatie, op plaatsen waar de natuur meteen al indruk maakt. De ­Goudsberg is misschien geen Ayers Rock, de rode rotsformatie midden in ­Australië, maar de heuvelrug waar het podium tegenaan is gebouwd, ­bewerkstelligt – zelfs nu het terrein volgebouwd is met huisjes – een bijzonder effect. Uiteraard speelden de centrale ligging, het feit dat de grond in eigendom was van een NSB-lid en de gunstige prijs ook mee bij de keuze voor Lunteren.

‘Het hoogteverschil is aangezet door de ovalen vergaderplaats uit te graven’, vertelt Maurits van Putten van de Rijksdienst voor Cultureel ­Erfgoed, die de minister adviseerde bij de voordracht tot rijksmonument en het bouwwerk analyseerde. ‘Rondom werden bomen geplant, die de mensenmassa omsloten. Het ­podium op de kop volgt de gekromde lijn van de arena en sluit via een aantal terraslagen aan op het niveau van het publiek. De gebogen vorm van de muur versterkte de boodschap van de NSB akoestisch, maar ook door de ­bezoekers te ‘omarmen’ en op die ­manier te betrekken bij de gebeurtenissen op het podium. Vandaar ook dat het ontwerp symmetrisch is: zo werd de blik naar het midden gericht, op het spreekgestoelte van Mussert.’

De muur van Mussert, mei 2018. Beeld Dim Balsem

Schip van staat

Het podium was er voor toespraken, maar ook om te imponeren. Het moest eruitzien ‘als een onwrikbaar massieve vesting, als een symbool van onze vastberadenheid om nimmer te wijken’, aldus de Leider op de ­Hagespraak in 1939. Op de foto’s die op deze dag genomen zijn, oogt het inderdaad indrukwekkend: een ­gigantische ‘bunker’, opgetrokken uit okergele bakstenen, met aan weerszijden borstweringen, bekleed met zwerfkeien. Materialen die ­krachtig en natuurlijk oogden, passend bij de ‘Bloed en Bodemtheorie’ van de ­nationaal-socialisten. De zwerfkeien – een ongebruikelijk bouwmateriaal in Nederland – waren na een oproep in de partijkrant door de leden zelf bijeengebracht. ‘Piek op de kerstboom’ was de 35 meter hoge vlaggemast waaraan een hele reeks vlaggen wappert.

De mast en de ronde ‘patrijspoorten’ in de muur roepen associaties op met een schip. ‘Ik vermoed dat de NSB het schip van staat probeerde te verbeelden’, zegt Van Heijningen. ‘Met Mussert op de ‘boeg’, die de partij door woelige wateren koerste. Met de enorme vlaggemast, zoals op de ­schepen van Michiel de Ruyter, zo benadrukte de NSB-propaganda, haakte de partij bovendien aan bij het glorieuze Hollandse verleden.’ Van Putten ziet een verwijzing naar kerkelijke bijeenkomsten, met het spreekgestoelte van Mussert als altaar en de vlaggemast als een enorm kruis met vlaggen die de ideologie verbeelden.

Gemoedelijke sfeer

In kringen van de NSB was men te spreken over het ontwerp, dat met zijn strakke metselwerk en ‘moderne’ ronde ramen afstand nam van de traditionele Thingstätte. Het toont dat er geen eenduidige relatie was tussen bouwstijl en politieke voorkeur, althans onder Nederlandse nationaal-socialisten.

Het bouwwerk is slechts gebruikt voor de laatste twee (van zes) Hagespraken die tussen 1936 en 1940 plaatsvonden. Daarna was het terrein onbereikbaar, doordat benzine ‘op de bon’ ging. Getuigen van de bijeenkomsten zijn niet (meer) te vinden, gedetailleerde getuigenverslagen bestaan niet. Filmopnamen zijn er wel.

Wat daarin opvalt, is de haast gemoedelijke sfeer – heel anders dan in de overweldigende propagandafilms die de bekende Duitse cineaste Leni Riefenstahl maakte van de nazi­bijeenkomsten in Neurenberg. Je ziet lachende mensen onder parasols, Zeeuwse vrouwen in klederdracht, mannen met hoedjes van papier op hun hoofd, een pijp in de mond. De rapporteur van de centrale inlichtingendienst noemde de stemming in 1939 ‘lauw’ en de ‘sprekers niet in staat om toehoorders tot enthousiasme op te zwepen’.

Verbondenheid

Volgens Van Heijningen is het ­Nationaal Tehuis mislukt als propagandamiddel, maar slaagde Mussert er wel in een community te creëren, ­zoals we het nu zouden noemen. Van Heijningen vond talloze NSB-­commentaren die melding maken van de verbondenheid en het groepsgevoel.

Na de oorlog werd het congres­terrein door de Nederlandse staat ­geconfisqueerd. De vlaggemast en het spreekgestoelte werden ver­wijderd. Daarna werd De Goudsberg gebruikt door scoutinggroepen. De groot­ouders van campingeigenaar ­Roderick Zoons kochten begin jaren vijftig een ‘neutraal’ recreatieterrein, vertelt zijn woordvoerder Ronald Busser. ‘Roderick speelde als kind ­verstoppertje in de muur.’

Door zijn grote hoogte maakt het bouwwerk nog altijd indruk, maar zo ‘onwrikbaar’ als tachtig jaar geleden oogt het niet meer. De natuur is aan de winnende hand: de werkruimten achter de muur zijn ingestort, boomwortels splijten het metselwerk uiteen. Hekken moeten voorkomen dat mensen de muur beklimmen en dat vandalen de boel bekladden.

Klapstoeltjes op de plek waar ooit Mussert stond. Beeld Dim Balsem

Herinnering en waarschuwing

Met de nominatie als rijksmonument rijst de vraag: hoe verder? In Neurenberg is in 2001 een documentatiecentrum gebouwd en er zijn informatieborden geplaatst met uitleg over de geschiedenis van de plek. Dat is wat Kijlstra ook in Lunteren wil: een monument ‘ter lering’. Daartoe heeft hij samen met Van Heijningen, ­Busser, Zoons en anderen eind maart de Stichting Educatiecentrum De Goudsberg opgericht. Het benodigde geld voor het project moet nog bijeengebracht worden, maar de ruimtelijke kwaliteit is er volgens ­Kijlstra.

‘Het mooie van de muur is dat er een gang doorheen loopt. Die route kun je gebruiken om het verhaal van de collaboratie te vertellen. Ik zie hoe vandaag opnieuw rare, racistische denkbeelden naar boven komen drijven. Opnieuw steekt nationalisme de kop op. Daartegen moet gewaarschuwd worden. De muur leent zich daar perfect voor: hij vormt zowel een herinnerings- als een waarschuwingsteken.’ 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.