BEELDVORMERSEUTHANASIE

Het fotograferen van de pijn van anderen is een mijnenveld, laat het verhaal van Marieke Vervoort zien

De rubriek Beeldvormers onderzoekt hoe een foto onze kijk op de werkelijkheid bepaalt. Deze week: de reportage over Marieke Vervoorts weg naar euthanasie.

Marieke Vervoort met euthanasiearts Wim Distelmans in het Universitair Ziekenhuis in België.Beeld Lynsey Addario for The New York Times

Het fotograferen van de pijn van anderen is een mijnenveld. Eind vorige week publiceerde The New York Times ‘The Champion Who Picked a Date to Die’, een indrukwekkende productie over de laatste jaren van Marieke Vervoort, een succesvolle paralympische atleet uit België. De tekst werd geschreven door sportjournalist Andrew Keh en voorzien van foto’s door de Amerikaanse fotograaf Lynsey Addario. Tegelijk met dit stuk verscheen van Addario’s hand een persoonlijk artikel over hoe de fotoserie tot stand was gekomen en welke keuzen Addario had gemaakt tijdens de ruim twee jaar dat Keh en zij Vervoort volgden.

Vervoort leed sinds haar tienerjaren aan een progressieve spierziekte, die haar in een rolstoel had doen belanden en voor steeds meer pijn zorgde. Eind 2017 werd die pijn zo ondraaglijk dat Vervoort niet langer wilde lijden. Ze kondigde aan dat ze de papieren had om zelf te kunnen bepalen wanneer ze zou overlijden, en benaderde Keh en Addario om haar laatste levensfase en haar dood vast te leggen. De sporter was een voorstander van euthanasie. Door de reportage hoopte ze meer aandacht voor het onderwerp te genereren.

Addario heeft een indrukwekkend oeuvre opgebouwd. Ze fotografeerde de opkomst en neergang van IS in Syrië en Irak, documenteerde de onrust in Libië in 2011, de ondervoeding in Somalië en Jemen, en volgde de levens van transseksuele prostituees in New York. Maar dit was anders.

Marieke Vervoort leed sinds haar tienerjaren aan een progressieve spierziekte, waardoor ze in een rolstoel terechtkwam.Beeld Lynsey Addario for The New York Times

‘Tot Marieke had ik nog nooit iemand ontmoet die ervoor had gekozen te sterven’, schrijft de fotograaf, waarna ze vertelt hoe fotografie en zorg voor in dit geval hand in hand gingen. Vervoort was veelal aan bed gekluisterd en had soms hulp nodig wanneer ze dreigde te stikken. ‘Ik fotografeerde niet veel’, schrijft Addario. ‘Soms nam ik meteen een foto en probeerde dan te helpen, omdat ik de enige in de kamer was; hoewel ik als jonge fotograaf had geleerd dat ik nooit moest ingrijpen, ben ik ook een mens.’ De twee raakten bevriend.

Addario bracht Vervoorts laatste jaren met gevoel en respect maar soms ook rauw en confronterend in beeld. Ze was erbij wanneer Vervoort het niet meer zag zitten, gesprekken voerde met haar euthanasie-arts, of haar door injecties aangetaste huid ontblootte om wéér een prik te krijgen. Ze legde die momenten vast, evenals de momenten dat er werd gelachen. Vervoort had haar daarvoor toestemming gegeven en had, zo laat Addario per mail vanuit Londen weten, die toestemming zelfs laten filmen. Elke beslissing werd steeds uit en te na besproken.

Een paar uur voor haar dood, op 22 oktober, veranderde er iets. En vanaf dat moment lopen de verhalen uiteen. Vervoort vroeg Addario foto’s te maken tot aan het moment dat ze zou overlijden, en daarna te stoppen. Tegelijkertijd, schrijft Addario, zei ze dat de fotograaf na haar dood toestemming moest vragen aan haar ouders. Dat heeft Addario naar eigen zeggen gedaan. Ruim een maand later staat haar levensverhaal groots in The New York Times.

Vervoorts ouders, die vooraf geen inzage hadden in het artikel, hebben moeite met de intieme beelden die Addario maakte na de dood van hun dochter. Ze gaven toestemming voor het maken van die foto’s, maar volgens hen niet voor de publicatie ervan. ‘Een mokerslag’, noemde vader Jos Vervoort in de Belgische media de foto waarop te zien is hoe zijn vrouw een kus op het hoofd van hun net overleden dochter drukt. Die foto werd gepubliceerd bij het persoonlijke verhaal dat Addario in The New York Times schreef. De krant geeft desgevraagd geen toestemming de betreffende foto, of elke foto van ‘Marieke tijdens of na haar euthanasie’, te herpubliceren.

Een mijnenveld – ik zei het al. Misschien is het onvermijdelijk bij een precair onderwerp als dit, vooral wanneer degene die de initiële opdracht gaf er niet meer is om erover te oordelen. Als buitenstaander die slechts het eindresultaat voor ogen heeft gekregen, kan ik een paar dingen zeggen. Ten eerste ben ik Marieke Vervoort dankbaar dat ze me postuum binnenliet. Addario’s foto’s zijn schrijnend, maar tonen ook het verhaal van een vrouw die heikele onderwerpen niet uit de weg ging. Dat verhaal is meer dan de moeite waard.

Of ik de foto’s van Vervoort ná haar dood daarbij nodig heb? Nee. De beelden van de strijd die ze leverde voorafgaand aan haar euthanasie zijn veel aangrijpender dan de foto’s van de sporter in haar kist. Of ik begrijp dat Addario ze maakte? Ja. Als fotojournalist en als vriendin wilde ze het verhaal afronden. Maar wat mij betreft had ze die foto’s voor zichzelf moeten houden.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden