RecensieFestival Oude Muziek

Het Festival Oude Muziek herinnert ons in deze noodeditie aan vaderlandse grandeur

Dit jaar is het Nederland wat de klok slaat, met musici die smachten naar publiek en een honorarium.

Festival Oude Muziek in de Synagoge in Delft. Met Matthijs van der Moolen (trombone), Anne-Linde Visser (cello) en Chloé de Guillebon (orgel). Beeld Pauline Marie Niks

Twintig mensen. Meer zijn niet welkom in de Utrechtse Lutherse Kerk als Bob van Asperen (72) zaterdag achter zijn klavecimbel schuift. Per aspera ad astra staat op het omhooggeklapte groene deksel geschreven. Het is Latijn voor ‘door moeilijkheden naar de sterren’, maar natuurlijk ook een woordspeling op Van Asperens naam. Wie zijn reputatie niet kent denkt misschien: oude man, antiek instrument, gaap. Speelt hij nog Sweelinck ook, een componist die alweer vier eeuwen onder de zoden ligt.

Volgt de overrompelendste klaviersolo uit de 39-jarige historie van het Festival Oude Muziek. Ballo del Granduca heet het Italiaanse deuntje waarover Sweelinck variaties schreef. Het begint statig, maar algauw razen Van Asperens vingers als spinnenpoten over de toetsen. Sluit je ogen en je hoort een jonge god die de tijd als een jazzheld kneedt.

Beeld Pauline Marie Niks

Fijn dat het festival ons in deze noodeditie herinnert aan vaderlandse grandeur. Dit jaar is het Nederland wat de klok slaat, met musici die smachten naar publiek en een honorarium. En laten we wel zijn: misschien viel er ook wat goed te maken. Op ’s werelds belangrijkste viering van muziek uit de Middeleeuwen, Renaissance en Barok vormen Nederlandse artiesten zo langzamerhand een bedreigde soort.

Enerzijds is het festival afgeknepen tot zeven dagen in plaats van tien, anderzijds is het extra opgetuigd. Vanuit standplaats Utrecht waaieren 154 intieme concerten uit naar steden als Almere, Maastricht en Groningen. 21 optredens worden ook gestreamd, helaas niet het orgeltreffen dat plaatsvindt in de Delftse Synagoge.

In die neoclassicistische kubus klinken op dezelfde middag twee gloednieuwe barokorgels. Allebei zijn ze demontabel en te vervoeren in een bestelbus. Het ene komt uit het brein van Krijn Koetsveld, de klavierspelende en dirigerende veteraan. Het andere is gebouwd na speurwerk van Matthijs van der Moolen, student historische trombone te Bazel, die toevallig op hetzelfde idee kwam. Allebei proberen ze de praktijk te vangen die heerste in Italië rond 1600, toen de opera op uitbotten stond en componisten de weg vonden naar emotie. 

Beeld Pauline Marie Niks

Hun instrumenten verschillen als dag en nacht. Koetsveld koos voor houten pijpen, op gezag van de componist Claudio Monteverdi. Inderdaad klinken ze suave e dolce, zacht en zoet. Ze leggen een warme sjaal rond de gave stembanden van sopraan Wendy Roobol. Met dit optreden revancheert het instrument zich voor een timide debuut in de grote zaal van TivoliVredenburg, afgelopen februari.

Trombonist Van der Moolen en zijn Castello Consort hebben hun oog laten vallen op metalen pijpen. Hun orgeltje is een donderstraal. In de registers schuilt bijvoorbeeld een voce umana, een ‘menselijke stem’ die indringend vibreert. Of neem de metalen tongetjes van het regaal, die sinister mekkeren. Met die brutaliteit kan het Castello Consort nog meer z'n voordeel doen.

Voor het openingsconcert in TivoliVredenburg programmeerde het festival toch maar het gerenommeerde Franse Ensemble Correspondances. Het werd een moeizame kwestie. Vanwege quarantaineverplichting konden de Fransen niet komen. Streamen dan maar, vanuit Parijs. Tot het virus ook die onderneming torpedeerde. Uiteindelijk week de club uit naar de abdij van Saintes, 120 kilometer boven Bordeaux.

Beeld Pauline Marie Niks

En zo konden vrijdagavond toch nog pakweg 500 liefhebbers zich digitaal laven aan een 17de-eeuws topstuk: Membra Jesu nostri van Dieterich Buxtehude. Zijn muziek voor koor en instrumenten zwenkt als een camera langs het lichaam van de gekruisigde Christus, van de spijkers in de voeten tot de bloeddruppels aan zijn handen. Dirigent Sébastien Daucé maakte er een geconcentreerde overpeinzing van, voor strelende stemmen en viola da gamba’s.

Intussen discussieerden oudemuziekkenners in het chatvenster van YouTube niet alleen over de zeldzame stem van de geweldige solozangeres Lucile Richardot.

– ‘Is dit nu een bas-dessus?’

– ‘Mezzosopraan.’

– ‘Nee joh, ze zit onder een alt.’

– ‘Kan iemand eens iets zeggen over die decolletés?’

– ‘Het is meer kledij voor een nachtclub dan een kerk.’

– ‘Just listen!’

Ensemble Correspondances

★★★★☆

Buxtehude, 28/8, Saintes, Abbaye aux Dames

Wendy Roobol, Krijn Koetsveld

★★★☆☆

Monteverdi, Strozzi e.a., 29/8, Synagoge, Delft

Castello Consort

★★★☆☆

Frescobaldi, Marini e.a., 29/8, Synagoge, Delft

Bob van Asperen

★★★★★

Sweelinck, Froberger e.a., 29/8, Lutherse Kerk, Utrecht

Trouw publiek

Er zijn meerdere mogelijkheden om ook dit jaar aan uw gerief te komen.
Het Festival Oude Muziek trekt jaarlijks omstreeks 70 duizend bezoekers. Hoe komt dat trouwe publiek aan zijn gerief, nu er per concert gemiddeld maar veertig kaartjes te vergeven zijn? Eerste uitweg: de dagelijkse livestreams van geselecteerde concerten, met bijvoorbeeld dinsdag de jonge blokfluitist Lucie Horsch. Tweede route: een onlinevideocatalogus met ruim 50 hoogtepunten uit de festivalhistorie. Derde optie: afstemmen op NPO Radio 4, dat tot en met zondag elke avond een archiefopname uitzendt. Het oorspronkelijke festivalprogramma van 2020 (thema: Ars Rhetorica, de kunst der welsprekendheid) schuift integraal door naar volgend jaar. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden