Het feest van de eeuw

Frisse stijl, net genoeg inhoud; het debuut van Judith Eiselin

Een goeie eerste zin kan een mens acuut rechtop doen zitten. 'Ik was gestopt met seks, voorgoed, dat wist ik zeker.' Hoe dat zo? En voor je het weet, ben je halverwege de roman van Judith Eiselin (1970), Het feest van de eeuw, haar debuut voor volwassenen. Eerder schreef ze met succes voor jongere lezers. Die moet ze ingepakt hebben met haar fris bruisende verteltrant. Want laat dat meteen gezegd zijn: de stijl van Eiselin sprankelt als een glas prosecco. Haar roman is onbekommerd licht en lenteachtig, terwijl er inhoudelijk net genoeg te verteren valt.

Eiselin vertelt over Elise, een meisjesachtige vrouw van om en nabij de 40. Ze werkt in de hondenopvang, is ongehuwd en kan haar ogen niet afhouden van de stagiair Mustafa, een verrukkelijke jonge Marokkaan, naar we mogen geloven. Toch weet Elise één ding zeker: 'Ik was klaar met seks, en trouwens, seks was ook wel klaar met mij.'

Een antwoord op de vraag hoe dat zo gekomen is, sijpelt door verschillende lagen van de vertelling. In het leven van Elise is de seks in haar adolescentenjaren een spannend tijdverdrijf, maar wanneer haar vriendje met een ander flirt, is ze van slag en flink gepikeerd. Ernstiger is de ervaring met Jacob, een op het oog wat sullige huisgenoot die volgens Elise nog maagd moet zijn.

Hij overlijdt vrijwel direct nadat hij met haar naar bed is gegaan. Jacob heeft 'een fatale bloeding gehad op een slagader', ergens op een zwakke plek in zijn lijf. Er wordt nog meer verklaard: Jacob wist dat hij die zwakte had en dus dat opwinding hem noodlottig zou kunnen worden. Het mysterie wordt op zijn zachtst niet vergroot.

Van een zelfde soort helderheid is de romancompositie. Keurig ingeklemd tussen episoden in het heden waarin Elise zich Jacobs sterfdatum herinnert, bevindt zich een langgerekte terugblik op die periode in het studentenhuis. Zeven studenten bewonen het pand, onder wie Raaf, Elises toenmalige vriendje, en de zurige economiestudente Froukje.

Jacob, die als laatste toetreedt, gedraagt zich tamelijk bleu, wat niet alleen bij Elise de redders-, ontgroenings- en ontknapingsfantasieën aanwakkert. Daar komt ze pas jaren later achter tijdens een reünie van de bewoners van het studentenhuis. Grappige momenten zijn dat; veel blijkt anders te zitten dan Elise had aangenomen.

Zo is Froukje, de voormalig econome, veranderd in een goeroe die zweverige levenslessen verstrekt aan vrouwen van middelbare leeftijd.

Eiselin heeft een beeldend en tragikomisch verteltalent. Haar aandacht voor onvolkomenheden is scherp. Zo ontdekt Elise dat ze eigenlijk de verkeerde jurk heeft aangetrokken: 'Naast haar voelde ik me een Jacob, klunzig en stijf. Ik droeg een kort wit jurkje, het meest sexy dat ik had. Maar het zat strak om me heen, ik was net een tampon. Terwijl zij iets opwindends was, zo'n rondwaaiende struik uit de woestijn, een zigeunerin die het kampvuur had doorgeslikt.'

Verstaanbaarheid is wat Eiselin ook heeft nagestreefd in dit debuut. Haar jeugdboeken, waaronder Floors brieven (2006) en De echte Floor (2005), blonken uit in begrijpelijkheid. Daar waar de jonge lezer het spoor toch zou kunnen kwijtraken, verduidelijkte Eiselin een en ander op haar website.

Het feest van de eeuw heeft net zozeer dat lentebriesachtige als het gros van haar andere werk. Geen doffe zin te bekennen en gelachen hebben we ook. Toch, in dit geval was een vleugje meer mysterie, en een flinter minder uitleg geen bezwaar geweest.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden