Het experiment is terug bij de Amsterdamse Modeweek

Overdonderende shows van jong Nederlands talent

Tijdens de Amsterdamse Modeweek gaf jong Nederlands talent van Das Leben am Haverkamp een overdonderende presentatie: het experiment is terug.

Poppen van Christa van der Meer, van collectief Das Leben am Haverkamp. Foto Team Peter Stigter

Als je een modeshow geeft waarover de bezoekers na drie dagen nog steeds praten, dan heb je iets goed gedaan. Het overkwam de jonge modeontwerpers van het collectief Das Leben am Haverkamp donderdag, tijdens de openingsavond van de Amsterdam Modeweek (officieel de Mercedes Benz Fashion Week Amsterdam). Op zondag was de show van Dewi Bekker (26), Anouk van Klaveren (25), Gino Anthonisse (28) en Christa van der Meer (28) nog steeds gespreksonderwerp. Het viertal studeerde aan de Koninklijke Academie van Beeldende Kunsten in Den Haag en werkt er nu samen in een atelier aan de Haverkamp.

Hun show begon met de uitgesproken en vrolijke mannenkleding van Bekker. Daarna cirkelden een paar mollige, in goudfolie gewikkelde mannen om een stel in lange gewaden geklede modellen. Deze performance, een idee van Van Klaveren, was bizar en intrigerend. Het was niet gek doen om het gek doen: dit was statementmode die aan het denken zette over schoonheidsidealen. De getoonde kleding zat goed in elkaar. Het werk van Anthonisse was het draagbaarst: een mannencollectie in zwart, wit en grijs. Hij had zijn outfits afgewerkt met fraaie papieren kledingstukken en maskers. Daardoor zagen de modellen er alsnog verre van gewoon uit. Het hoogtepunt van de show waren de metershoge opblaaspoppen die tegen het einde tevoorschijn kwamen: zo'n vrolijke performance is zeldzaam in de mode. Ze waren bedacht en smaakvol uitgevoerd door Van der Meer, die op het snijvlak van mode en kunst opereert.

Smaakmaker

De Volkskrant interviewde Iris Ruisch (41), creatief directeur van Fashionweek Amsterdam. 'Ik draag unieke stukken regelrecht van de catwalk'.

Ook voor de gewone mens

Niet-modeprofessionals kunnen ook de Amsterdam Modeweek bezoeken: voor de meeste shows zijn kaarten te koop. Daarmee begint het evenement op een halfjaarlijks modefestival te lijken: compleet met bezoekers in strakke jurken en op torenhoge hakken. De kaarten waren dit seizoen goedkoper dan voorheen: vanaf 17,50 euro. Volgens zakelijk directeur Aad Boon, waren er dit keer 'veel meer' kaarten verkocht dan afgelopen zomer. Cijfers kon hij nog niet noemen.

Overdonderen

De show van Das Leben am Haverkamp was zo goed omdat de ontwerpers de bezoekers wisten te verrassen, overdonderen zelfs. Dat ontbrak er nogal eens aan tijdens de laatste edities van de Amsterdamse Modeweek, die dertien jaar geleden begon als springplank voor jong talent. Twee jaar geleden helde het programma nog over naar de commerciële kant. Dat was dodelijk. Sinds de aanstelling van Iris Ruisch als creatief directeur, anderhalf jaar geleden, richt de Modeweek zich op experiment en jong talent. Dat is een slimme zet, want daar moet de Amsterdam Modeweek het van hebben. Van de zeven grote Nederlandse modeacademies komt jaarlijks volop talent en daar is wereldwijd belangstelling voor. Zo komen twee van de tien genomineerden van het prestigieuze modefestival Hyères (eind april in Zuid-Frankrijk), uit Nederland: Daniel Aitouganov en Lotte van Dijk.

Voor beginnende ontwerpers is het prettig als ze in eigen land kunnen oefenen voordat ze de stap naar Parijs maken. Ook Iris van Herpen, inmiddels een internationale ster, gaf haar eerste show in Amsterdam. Die was net zo verassend als die van Das Leben am Haverkamp.

Uit Das Leben am Haverkamp. Foto Team Peter Stigter

Een ander hoogtepunt van afgelopen week was de show van Trinhbecx, het label van Tung Trinh (26) en Tim Becx (28). Deze collectie was zowel in kleur (bruin, geel en groen) als in materiaal (corduroy, lakleer) en snit (wijd uitlopende pijpen, korte rokken) behoorlijk retro. Dat zou een valkuil kunnen zijn, want er zijn nogal wat modemerken die momenteel goede sier maken met jarenzeventiginvloeden. Het is geen goed idee om als beginner een voorbeeld te nemen aan de gevestigde orde. Wie het internationaal wil maken, heeft een eigen handschrift nodig en dat hebben de jongens van Trinhbecx: ze blinken uit in een zekere nonchalance en hipheid. Van de lakleren laarzen en korte rokken tot de lange jassen en coole modellen die van straat geplukt leken; het zag er allemaal even ongedwongen en aantrekkelijk uit.

Uit de collectie van Trinhbecx. Foto Team Peter Stigter

Draagbaar en niet saai

Truus (46) en Riet (46) Spijkers zijn als sinds 2001 een vaste waarde tijdens Amsterdam Modeweek. Hun label SiS is internationaal gewild en hangt in Nederland in achttien winkels. Tijdens een drukbezochte show op zaterdagavond introduceerden ze een nieuwe denimcollectie met loeistrakke spijkerbroeken; het soort dat de frêle tweelingzussen zelf graag dragen. Ook de rest van de collectie zag er goed uit: commercieel, draagbaar en niet saai. Wel jammer van die torenhoge hakken waar lang niet alle modellen goed op liepen.

De professioneelste show van de week was die van Liselore Frowijn. Dat de 26-jarige ontwerper hier tot de top behoort, is niet zo gek. Ze doet ook mee aan Paris Fashionweek. Daar geldt ze als een beginner en showt ze op kleine locaties voor een handjevol pers, hier was ze zondagavond een publiekstrekker. Ze had, net als vorig seizoen, samengewerkt met Vlisco, het textielbedrijf uit Helmond dat sinds 1846 stoffen voor de Afrikaanse markt maakt. De show begon met een voorproefje op wat ze in maart in Parijs laat zien.

Dat zag er veelbelovend uit: de ontwerper had de traditionele Vlisco-stoffen gecombineerd met wijde broeken van wit katoen, het resultaat was stoer en eigentijds. De outfits uit het tweede gedeelte van de show waren volledig van Vlisco-stoffen gemaakt én werden na de show te koop aangeboden. 'See-now-buy-now' heet dat in jargon. Er is vraag naar de kleding van Frowijn: een van de broeken uit de nieuwe collectie - een chino met geblokt motief van 149 euro - was maandagochtend al uitverkocht.

Uit de collectie van Frohwein. Foto Team Peter Stigter