Recensie Così fan tutte

Het decor van Così fan tutte is een lust voor het oog en de frisse cast zingt en speelt met veel plezier ★★★★☆

Beeld Hans van den Bogaard

De stemmen van Anett Fritsch en Angela Brower mengen goed. 

‘De ene man is even goed als de ander, want ze zijn allemaal niets waard’, smaalt Despina in Così fan tutte. Mozarts opera heeft terecht de naam vrouwonvriendelijk te zijn, maar de tegenpartij kan er ook wat van.

In de succesvolle Così-enscenering van Jossi Wieler en Sergio Morabito, die De Nationale Opera nu voor de tweede keer in reprise heeft genomen, wordt het allemaal wat onschuldiger gemaakt, doordat de handeling is gesitueerd in een jeugdherberg uit de vroege jaren zestig, nog van voor de hasj en het comazuipen. Wufte rokjes en bloesjes in frisse kleurtjes domineren de aankleding. Er loopt één vroege hippie rond, die met zijn gitaar de recitatieven begeleidt.

Maar de seksuele revolutie dient zich wel degelijk aan. Twee jonge knapen worden door de oudere Don Alfonso uitgedaagd de trouw van hun vriendinnen te bewijzen door volgens zijn instructies in vermomming elkanders geliefde te verleiden. De vrijgevochten Despina helpt Alfonso een handje om zijn weddenschap te winnen en de trouwe, maar naïeve zusjes het hoofd op hol te brengen voor de verkeerde. Met dat al is het niet de entourage die deze regie aantrekkelijk maakt, al is het draaibare opengewerkte gebouw een lust voor het oog, maar vooral de vele gemimede terzijdes, die meer licht werpen op wat de personages beweegt.

Zussen

Het thema van Così fan tutte –minnaars die het aanleggen met de zus van hun geliefde – moet Mozart bekend zijn voorgekomen. Zelf was hij tien jaar eerder verliefd geworden op de zangeres Aloysia Weber, wat op niets was uitgelopen. Later ging hij in de kost bij de familie Weber en legde het toen aan met haar jongere zuster Constanze, met wie hij in 1782 trouwde. Aloysia was twee jaar eerder getrouwd met de acteur Joseph Lange. Mozart componeerde nog diverse werken voor haar, en ze zong onder meer de rol van Donna Anna bij de première van Don Giovanni.

Voor deze herneming heeft De Nationale Opera een fris ogende cast bijeengebracht, die zich met veel plezier door de verwikkelingen en Mozarts altijd weer sprankelende en veelzijdige muziek heenzingt en -speelt. Vanwege de vele ensembles (duetten, sextetten en alles ertussenin) is het belangrijk dat de stemmen goed mengen en dat doen die van Anett Fritsch (Fiordiligi) en Angela Brower (Dorabella) dan ook. Fritsch’ geluid is wat weker dan de pronte klank van Brower, maar uiteindelijk heeft zij de sterkste en veelzijdigste rol, al kan ze Sally Matthews, die Fiordiligi dertien jaar geleden zong, niet doen vergeten. Ook de Despina van Sophia Burgos is minder gedenkwaardig dan die van Danielle de Niese, al blijft het een heerlijke rol, met verkleedpartijen als dokter en notaris.

Voor Guglielmo en Ferrando, de bedrieglijke minnaars, tekenen bariton Davide Luciano en tenor Bastian Kohlhepp. Hoogtepunt van hun optreden is misschien wel hun gezamenlijk optreden bij een feestje in de herberg als crooners (het duet Secondate, aurette amiche). Dat neemt niet weg dat Luciano iets te veel galmt en dat de beide heren zo hun best doen om klank te maken dat ze minder naturel overkomen dan de anderen – zeker vergeleken met Thomas Oliemans, die als pijprokende jeugdherbergvader een wel heel goedmoedige Alfonso neerzet.

Aan vuur en vaart, bekoorlijke fluiten en klarinetten en zilveren strijkers schort het niet bij het Nederlands Kamerorkest, dat onder de krachtdadige leiding van Ivor Bolton de opera behouden, maar met een paar merkbaar lastige hoornnoten naar de eindstreep stuwt.

Die eindstreep, met zijn ietwat geforceerde verzoening, blijft onbevredigend, zoals eigenlijk de hele premisse van het verhaal – vrouwen zijn wispelturige, wankelmoedige wezens – discutabel blijft. Het valt trouwens nog best mee ook. Want het zijn niet de mannen die op de proef worden gesteld. Misschien moet er maar eens een versie van Così worden opgevoerd, zoals ooit met Don Giovanni gebeurde, waarin de vrouwenrollen door mannen gezongen worden en vice versa. Dan zul je zien dat Dorabella en Fiordiligi – voor mannen dan – onwaarschijnlijk lang hun driften beteugelen.

Così fan tutte

Klassiek

★★★★☆

Opera van Mozart, door de Nationale Opera o.l.v. Jossi Wieler, Sergio Morabito en Ivor Bolton.

3/10, Nationale Opera & Ballet, Amsterdam.

Aldaar t/m 21/10.

Gijs Groenteman gaat in onze illustere archiefkast in gesprek met mensen die hem hebben verwonderd. Rapper Pepijn Lanen, schrijver Paulien Cornelisse en kunsthandelaar Jan Six passeerden al de revue.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden