Het circusschip

Alles wat kleuters willen (liefst zonder tekst)

Lenteren Pjotr

Een boot met vijftien circusdieren loopt op de klippen. De directeur redt alleen zijn eigen hachje en de dieren zwemmen naar een kustplaatsje, waar ze na enige schermutselingen liefdevol worden opgenomen door de bevolking. Dan wil de wrede directeur zijn dieren terug, maar dat gaan de dorpelingen natuurlijk voorkomen.


Kleuters doen graag mee bij het lezen. Het circusschip van de Amerikaan Chris Van Dusen biedt daarvoor zo veel mogelijkheden, dat de voorlezer het beste beentje voor moet zetten om er nog tussen te komen: op elke bladzijden is het dieren zoeken én tellen geblazen. Wat wil je als kleuter nog meer?


Van Dusens kleurrijke gouaches zijn gedetailleerd en vol diepte. De dieren springen bijna uit het boek en je kunt de gorilla haast aaien. Hoogtepunt zijn de twee pagina's waarop alle dieren zichzelf ergens onder of achter hebben verstopt of als iets anders zijn vermomd. Daar toont Van Dusen zich waarlijk heel creatief en duurt het echt wel even voor alle circusdieren zijn.


Een auteur die zijn publiek zo goed begrijpt, had echter ook wel mogen weten dat het niet veel zin heeft in zo'n boek ook nog eens tekstueel uit te pakken. Wat dat betreft is dit prentenboek wat te veel van het goede geworden. De rijmende tekst bestaat uit drie delen die een verhaal op zichzelf hadden kunnen vormen. De directeur, de kapitein en een groot aantal personages hebben bovendien een zorgvuldig gecomponeerde naam, hoewel ze meestal maar één keer optreden en dit dus weinig toevoegt.


Het Nederlands van kinderdichters Erik van Os en Elle van Lieshout, die het boek hebben vertaald, is bovendien soms echt te vergezocht voor kleuters. De dichters proberen zo'n beetje alle dichterstrucjes en rijmvormen in één vers te proppen: 'Verkleumd, doorweekt en zout en ziek, op poten, slap als elastiek, van kop tot staart doodop, sjokten de dieren in een rij naar het dorpje verderop' is op die leeftijd te onnavolgbaar. Zeker als de kleine kijkertjes ondertussen ook nog eens druk zijn met hun onderzoek of alle dieren de zwemtocht hebben overleefd.


Lekker recht door zee en geen woord te veel is dan Ik moet zó nodig van Fiona Rempt en Noëlle Smit (Van Goor, € 12,50, ****). De titel vertelt het hele verhaal eigenlijk al en de afloop laat zich ook wel raden, hoewel de precieze locatie waarin Bram na vele mislukte pogingen uiteindelijk zijn blaas leegt vindingrijk genoemd mag worden.


Voorlezers die het naar aanleiding van dit betoog maar helemaal opgeven met tekst kunnen hun lol op met het zoekboek Huisbeestenboel van Loes Riphagen (De Fontein, € 13,50, ****), waarin als het gezin de woning verlaat de huisdieren het er lekker van nemen. De humor is een tikje vaag soms, maar daar weten kleuters wel raad mee. Net als met de vele losse verhaaldraadjes die aan elkaar geknoopt moeten worden. Succes verzekerd.



Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden