InterviewIkarai Ensemble

Het boksgevecht van Muhammad Ali vertaald naar muziek – ensemble Ikarai deed het

Het Amsterdamse muziekensemble Ikarai zette de meest legendarische bokswedstrijd ooit op muziek. Hoe klinken Muhammad Ali’s rake klappen in de concertzaal?

Muziekensemble Ikarai in het Amsterdamse Bimhuis. Beeld Simon Lenskens

We zitten in de achtste ronde van de bokswedstrijd. De stem van de commentator klinkt: nog maar 30 seconden speeltijd. Er klinkt muziek die de nerveuze spanning weergeeft. Verbeten jagen de strijkers hun zestiende nootjes over de snaren; er staat hier iets op het spel. De drummer zit ze op de hielen. De bassist is bezweet. Dan delen de musici vier rake klappen uit: Pam Pam Pa-Dam. We horen de commentator aftellen: ‘One… two… three… four… five… six… seven… eight… That’s it!’ 

Het is afgelopen. Bokser George Foreman is uitgeteld, knock-out geslagen door Muhammad Ali, in de laatste ronde van de legendarische ‘Rumble in the Jungle’-bokswedstrijd. Niet in 1974 in voormalig Zaïre, waar het wereldtitelgevecht plaatsvond, maar in 2018 in Amsterdam, in de repetitieruimte van het muziekensemble Ikarai.

Het ensemble, opgericht in 2015, heeft van het titelgevecht, dat indertijd de wereld aan tv en radio kluisterde, een muzikale compositie gemaakt. Het zeskoppige Amsterdamse collectief, waarin een jazztrio en strijkkwartet in elkaar zijn geschoven, had in 2016 al het verhaal van de val van Icarus met de voorstelling Fly in noten gevangen. Nu verklanken de muzikanten de beroemde wedstrijd met jazz, klassieke muziek, improvisaties en audiosamples. Vrijdag gaat de voorstelling, met de musici in een heuse boksring, in première in het Amsterdamse Bimhuis.

Muziekensemble Ikarai in het Amsterdamse Bimhuis. Beeld Simon Lenskens

Ali versus Foreman is ‘vermuziekt’, zoals componist, ensembleleider en contrabassist Camiel Jansen (28) het noemt. Ja, hij is Ali-fan. Hij heeft twee biografieën van ’s werelds meest legendarische bokser gelezen, alsook het boek The Fight van Norman Mailer, dat handelt over alles voor, tijdens en na het gevecht. De wedstrijd zelf heeft hij tig keer bekeken.

‘Dus toen we met zijn allen aan het brainstormen waren over welk aansprekend verhaal we tot muziekstuk konden bewerken, en dit voorbijkwam, vond ik dat  een schot in de roos.’

Ga maar na: de wedstrijd kent al een prachtig dramaturgisch verloop, dat hem, ook nu nog, spannend maakt, al ken je de uitkomst. Jansen: ‘Ali had de bookmakers tegen. Er werd 12 tegen 1 gewed dat hij zou verliezen.’ De sympathieke underdog Ali kreeg er, geheel volgens de wetten van Hollywood, eerst behoorlijk van langs voordat hij als glorieuze winnaar uit de strijd kwam. Een reallife Rocky.

Dus toen Jansen de wedstrijd nog eens bekeek, hoorde hij er meteen muziek bij. Ali die zeven rondes lang door Foreman in de touwen wordt gebeukt; perfect voor muzikaal drama. Terwijl Jansen zich juist iets speels en lichts voorstelde bij de Ali Shuffle, dat befaamde voetenwerk dat tegenstanders moest verwarren. Eigenlijk was dat niets anders dan een dansje waarbij de muziek nog ontbrak. Nu niet meer.

Verhalen vertellen 

Het Ikarai-ensemble – Camiel Jansen (contrabas), Julian Schneemann (piano), Jeroen Batterink (drums), Tessel Hersbach (viool), Yanna Pelser (altviool) en Bence Huszar (cello) – wil met zijn mix van klassieke compositie en jazzimprovisatie verhalen vertellen. Voor componist Jansen is dat ‘de moderne benadering voor nieuwe instrumentale muziek’. Daarbij is een narratief ook een middel om de aandacht van het publiek vast te houden. ‘Een bekend verhaal geeft het publiek toch meer houvast als het geconfronteerd wordt met muziek die het nog niet kent.’

Maar er loerde gevaar. ‘Bij zoiets fysieks en ritmisch als een bokswedstrijd kan de muziek die daarop is gebaseerd, makkelijk afglijden tot een veredelde soundtrack. De verleiding wordt groot om elke mep om te zetten in een drumslag. Zo’n een-op-eenvertaling maakt een muziekstuk voorspelbaar en saai. Het wordt begeleiding, iets dat niet op eigen benen kan staan.’

Toch wilde Jansen zo’n vertaling één keer uitproberen. Round 2 in Muhammad is een haast letterlijke transcriptie van de slagenregens in de tweede ronde tussen Ali en Foreman. Zat Jansen thuis met een tikkende metronoom terwijl hij uppercuts en linkse en rechtse directen op papier zette en probeerde te vangen in een vloeiend muzikaal verloop.

‘Maar dat houd je niet acht ronden vol. We hebben voor de rest van het stuk meer het commentaar als leidraad gebruikt dan de beelden.’

Tijdens de voorstelling is er dus ook geen filmmateriaal te zien. Er zijn, afgezien van Ali’s (en Foremans) rake klappen, nog tal van aanknopingspunten. Muhammad is geen muzikale suite die alleen uit rondes bestaat. Er zijn stukken die Ali’s gedichten als basis hebben, zoals Dance of The Butterfly, een verwijzing naar Ali’s beroemde uitspraak over zijn unieke combinatie van souplesse en slagkracht: ‘Float like a butterfly, sting like a bee.’ En er zijn de beroemde speeches die uit de (grote) mond van de sportlegende kwamen.

Jansen: ‘De melodie in zijn stem, zijn frasering; ze lenen zich er uitstekend voor om letterlijk op muziek te zetten.’

Die gelegenheid bijvoorbeeld waarbij Ali aan een groep blanken vertelt hoe het begrip zwart bijna altijd een negatieve connotatie heeft. Vervolgens noemt hij een uitzondering en roept: ‘Strong coffee is black coffee!’

Jansen: ‘Dat ene zinnetje repeteren we over 24 maten terwijl we er percussie onder zetten.’

Hij laat het even horen. En het ritmische handgeklap onder de gescandeerde vocalen doet meteen denken aan Afrikaanse tribale zang. ‘We wilden met Muhammad niet alleen het gevecht muzikaal weergeven, maar ook iets laten horen van Ali de activist, de voorvechter van raciale gelijkheid.’

Mogen we het ook sociaal commentaar noemen? Jansen: ‘Absoluut. We proberen je als luisteraar een inkijkje te geven in Ali’s brein, terwijl je met hem meevecht.’

Muhammad is vrijdag 14/9 te zien in het Bimhuis in Amsterdam. Vanaf oktober gaat de voorstelling op tournee door Nederland.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden