Recensie Film

Het boek waarop The Dirt is gebasserd is helaas een stuk leuker ★★☆☆☆

Een beter moment om met een biopic over een roemruchte rockband te komen is er niet. Het enorme succes (4 Oscars, record aantal bezoekers) van Bohemian Rhapsody laat zien dat een film over rockmuziek, waarin het niet zo nauw genomen wordt met de feiten, op grote bijval kan rekenen.

Mötley Crüe Beeld EPA

The Dirt, in première gegaan op Netflix, gaat over de in Nederland nooit boven de cultstatus uitgekomen glam-metal band Mötley Crüe, die in de jaren tachtig in de Verenigde Staten kon uitgroeien tot een van de best verkopende hardrock bands.

Hairmetal of poedelrock heette hun muziek wat badinerend. Ze maakten wat schreeuwerige gitaarrock, ergens tussen de melodieuze glampop van jaren zeventig bands als Slade en de stevigere vervaarlijker klinkende hardrock van AC/DC.

Ze vielen vooral op door hun uiterlijk. Felgekleurde spandexbroeken en wit of zwart geverfde haren die vooral lang moesten zijn. Waar het echter (behalve Bon Jovi) de meeste hairbands aan ontbrak, is werkelijk memorabele liedjes. Ook Mötley Crüe heeft in Nederland nooit hits gehad.

Het is dan ook niet de muziek die hun status met de jaren vergroot heeft, maar een boek: The Dirt.  Het is de door de vier bandleden vertelde en door journalist Neil Strauss opgetekende geschiedenis van Mötley Crüe. Het verscheen achttien jaar geleden en is wat dichtheid aan haast surrealistische bacchanalen nog altijd onovertroffen. Wie dacht dat in de jaren zeventig met de veelvuldig geboekstaafde orgies van The Who en Led Zeppelin het summum aan seks, drugs en rock-’n-roll was bereikt, moest na lezing van The Dirt zijn mening herzien.

Het boek is helaas een stuk leuker dan de film. Regisseur Jeff Tremaine (Jackass) maakt van de vier bandleden (Tommy Lee, Nikki Sixx, Mick Mars en Vince Neil) een soort stripfiguren, in een al even tweedimensionale omgeving. Had hij dat de hele film volgehouden, dan had dit gewerkt. Het begin, als de bandleden worden geïntroduceerd, werkt: de lastige jeugd van Sixx, de beschermde opvoeding van Tommy Lee worden allemaal niet ongeestig verteld. Het gaat mis als na de snelle weg naar roem, ook de keerzijde van het succes in beeld moet worden gevat. Vince Neil, die een paar mensen doodrijdt, zijn dochtertje aan kanker ziet sterven en een heroïneverslaving moet overwinnen: je neemt het voor kennisgeving aan, zo weinig empatisch als dit wordt verbeeld.

Het lijkt wel alsof Tremaine alleen aardigheid heeft in scabreuze leukdoenerij. De scene met Ozzy Osbourne die bij gebrek aan coke een lijn mieren opsnuift, is zelfs leuker dan zoals in het boek beschreven. Maar voor de film geldt eigenlijk hetzelfde als voor de muziek van Mötley Crüe: een aaneenrijging van cliché’s tot een flinterdun, emotieloos narratief.

Film: The Dirt

Jeff Tremaine (regie)

Netflix

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.