INTERVIEW

'Het boek is noodzakelijker dan ooit'

Boeken ontwerpen die in de eerste plaats boek zijn en niet teksten met een kaftje erom. Irma Boom maakt er wereldwijd naam mee. Het leverde haar de Vermeer Prijs op. Door Bob Witman Foto's Stephan van der Linden

Beeld Stephan van der Linden

Irma Boom is net terug uit Engeland, van een bijeenkomst over extinction: uitsterven. Waar de onvermijdelijke vraag opkwam of het boek in deze digitale eeuw nog toekomst heeft. Pfff, haar mimiek snelt haar oordeel vooruit: 'Daar ben ik wel een beetje klaar mee, met die vraag of het boek ten dode is opgeschreven.'


Grafisch ontwerper Irma Boom (Lochem, 1960) krijgt maandag de prestigieuze staatsprijs der kunsten, de Johannes Vermeer Prijs, voor haar werk als boekontwerper. Toen dat feestelijke nieuws haar in april bereikte, vocht ze net tegen een deadline, samen met de vorige Vermeer-laureaat, architect Rem Koolhaas. Ze legde de laatste hand aan Elements, een serie boekjes voor de tentoonstelling Elements of Architecture van Koolhaas in Venetië. 'Ik móést het hem wel vertellen. Ehh, zei ik, ik werd net gebeld. Je gelooft het niet...'


Het is een eervol rijtje,die staatsprijswinnaars, vindt Boom: Pierre Audi, Alex van Warmerdam, Erwin Olaf, Marlene Dumas, Koolhaas dus. 'Maar nog belangrijker is dat in mijn werkveld, de grafische industrie, elke week een drukker of binder failliet gaat. Deze prijs voelt als waardering voor de hele grafische sector in Nederland.'


En nee, om dat nog maar even duidelijk te maken, ondanks die faillissementen is het boek geen bedreigde diersoort. Internet heeft het boek niet overbodig gemaakt. 'Integendeel, ik denk dat het boek noodzakelijker is dan ooit te voren. Juist in de tijd van internet, haast en oppervlakkigheid, is het belangrijk dat het boek vertraging en verdieping brengt.'

Irma Boom Beeld Gabriel Eisenmeier

CV van Irma Boom

Irma Boom werd geboren in 1960 in Lochem en opgeleid als grafisch ontwerper aan AKI kunstacademie in Enschede. In de jaren tachtig werkte ze voor de Staatsdrukkerij en Uitgeverij (SDU). Sinds 1991 heeft ze haar eigen kantoor: Irma Boom Office in Amsterdam. Ze ontwierp postzegels, herdenkingsmunten, jaarverslagen, affiches en logo's. Voor het Rijksmuseum in Amsterdam ontwierp ze een nieuwe huisstijl, die in 2013 bij de heropening van het museum werd geïntroduceerd. Het Museum of Modern Art (MoMA) in New York verzamelt haar werk. De Bijzondere Collectie beheert haar levende archief. Ze krijgt maandag uit handen van minister Bussemaker van OCW de Johannes Vermeer Prijs 2014, een bedrag 100 duizend euro.

Grote liefde

Boeken, het is duidelijk, zijn Irma Booms grote liefde. Ze won eerder talrijke prijzen bij de jaarlijkse toekenning van De Best Verzorgde Boeken. Zoals voor haar jubileumboek bij het eeuwfeest van de Steenkolen Handels-Vereeniging (SHV) in 1996, dat geldt als een klassieker in Dutch design: 3,5 kilo wegend, vijf jaar aan gewerkt, compromisloos samengesteld en ontworpen van pagina 1 tot en met pagina 2.136, hoewel die bladzijden niet genummerd zijn. Dat is dan misschien een typisch Boom-dingetje: alledaags is het nooit.


'Het is interessant dat bij het huidige succes van 'Dutch design' altijd het industrieel ontwerp wordt bedoeld. Maar oorspronkelijk hoorde die term bij het grafisch ontwerp.' Lang voor het collectief Droog wereldfaam kreeg, had Nederland een grote reputatie op gebied van typografie, affiche-, postzegel- en boekontwerp. 'Piet Zwart, Wim Crouwel en Anthon Beeke. Mensen met internationaal aanzien, door hen was het Nederlands design een begrip.'


Boom koestert deze mannen, vooral iemand als Beeke, die zich voor haaruitsprak toen ze bij haar eerste werkgever, de Staatsdrukkerij en Uitgeverij (SDU), een omstreden boek over postzegelontwerp had gemaakt. 'Bagger, riepen collega-ontwerpers in koor. Ik kreeg wat je nu hatemail zou noemen: te experimentele typografie, zei men, en het zou te veel hebben gekost. Ik vond het vreselijk.' Dit boek heeft niets met geld te maken, reageerde Beeke gedecideerd, 'dit gaat over attitude, de houding van een ontwerper. En dat moet worden gewaardeerd en gestimuleerd'.


Ze had zich er scheel aan gewerkt en kreeg later alsnog veel waardering voor het ontwerp. 'Die boeken heb ik onbevangen gemaakt, maar door al die kritiek ben ik mijn naïviteit wel voorgoed kwijtgeraakt. De brieven zitten nog in een doos. Ik durf er niet bij in de buurt te komen.'

Beeld Kaj van Ek

Schilder

Eigenlijk was Boom naar de kunstacademie AKI in Enschede gegaan vanuit de 'innerlijke noodzaak' schilder te worden. 'Maar ik was niet goed genoeg. Dat was een grote teleurstelling.' De omschakeling naar grafisch kwam snel, een band met boeken had ze al. 'Ik herinner me dat ik als jong meisje in de boekwinkel van Lochem stond en tussen al die omslagen Horrible tango van Jan Wolkers zag. Ik was gefascineerd. Die avant-gardeomslagen, felle kleuren en bijzondere typografie, dat verschil met al die andere doorsneeboeken. En verbazing. Dat er sowieso een vak bestond dat grafisch ontwerp heette.'


In 1990, toen ze vertrok bij de SDU, ontmoette ze Paul Fentener van Vlissingen (1941-2006), telg van een van de rijkste families van Nederland en bestuursvoorzitter van de SHV. De klik tussen hen resulteerde in een ongekend genereuze opdracht voor een jubileumboek. 'Zoek naar het ongewone' was alles wat in de opdracht stond. Samen met kunsthistoricus Johan Pijnappel stortte ze zich vijf jaar lang op de geschiedenis van het bedrijf. Het was een waanzinnige investering voor een boek, die haar naam als compromisloos ontwerper definitief vestigde.


'Ik kan niet anders werken dan in volledige vrijheid', zegt Boom, die zeker sinds het SHV-avontuur alleen boeken maakt die ze wil maken: geen middenwegen bewandelen, geen aantasting van het idee. 'Het vertrouwen dat Fentener van Vlissingen gaf, was ongekend. Maar dat was niet het enige. Hij sprak minstens één keer per maand een hele dag met ons; de tijdsinvestering van de opdrachtgever in een project is cruciaal.'


Tijd is zo'n schaars begrip geworden, vindt Boom. 'Dat verwijt ik de computer. Alles kan nu relatief snel, met het gevolg dat we het ook snel willen. Ik maak nu veel in een ongelooflijke haast.' Juist daarom is een boek een geweldige verworvenheid. 'Een boek vertraagt. Het dwingt je een andere snelheid te kiezen. En dat is hard nodig: echt te lezen, niet het fragmentarische browsen op internet.'


Haar nu bekroonde oeuvre lijkt zich te hebben losgezongen van de tijd. Het SHV-boek is nog altijd een monument. Het zonder drukinkt in reliëf gedrukte Chanel no 5 (2013) is een wonderlijk buitenaards wit object. Het boek van de Amerikaanse textielkunstenares Sheila Hicks (2007) heeft een minimalistische omslag en bijzondere snede, waardoor het boek de verzameling kunstwerken ontstijgt.


'Een boek doet iets wat internet niet kan', zegt Boom. 'Dat gaat om keuzen, het samenstellen van tekst en beeld en dat onveranderlijk maken. Ik noem het 'bevroren informatie'. Een boek vormgeven gaat over het leesbaar maken van complexe structuren. De volgorde staat vast. Niet zoals op internet, waar alles door elkaar schiet en je focus mist.' Juist het feit dat een boek een gestold moment is, maakt dat je als lezer erop kunt reflecteren en er betekenis aan kunt ontlenen. 'Daarom geloof ik dat het boek een zonnige toekomst tegemoet gaat. Ik voorspel de renaissance van het boek!'

Beeld Kaj van Ek

Boeken als fysieke objecten

De boeken van Boom zijn altijd fysieke objecten, die aanraking vragen. 'Ik gebruik het fysieke van het boek om de inhoud manifest te maken.' De geblinddrukte pagina's van het Chanelboek eisen bijna te worden betast met je vingertoppen. De snede van het Hicks-boek is gerafeld en voelt als de afwerkrand van een textielstuk. De Elements of Architecture geven alleen al door de stapeling in vijftien losse deeltjes, met simpele titels als Stair of Door, plus eigen kleurstelling een prettig gevoel van overzicht.


Dat fysieke element zit ook in de manier waarop Boom werkt. Ze probeert de computer regelmatig níét te gebruiken. Van bijna elk ontwerp maakt ze een minimodel met prittstift en snijmesje. Het is bijna een maquette van een boek. Om het gevoel van het boek, om de volgorde van de beelden te kunnen beoordelen en om te kijken of haar vormideeën ook in de praktijk werken.


'Ik ben opgeleid in de tijd B.C., Before Computer', citeert Boom designer Massimo Vignelli. 'En prijs me daarvoor gelukkig.' Ze maakte haar meest experimentele boeken vóór de de computer er was. 'Hoewel de computer me natuurlijk ook veel heeft gebracht. Maar je krijgt geen ideeën door de hele dag naar het scherm te turen. Het maken doe je met je hoofd en handen. Ik kan 's nachts wakker worden met een geweldig idee. Maar pas 's ochtend als ik het ga maken, blijkt of het werkt. Een goed gemaakt boek is altijd het resultaat van samenwerking tussen denken en doen.'

Beeld Kaj van Ek

drie exemplarische boekontwerpen van irma boom

1 SHV 100 jaar, 1996

Geen lineair gedenkboek, maar een 'zoektocht naar het ongewone'. Dat was de vraag die de baas van de SHV, Paul Fentener van Vlissingen, in 1991 stelde aan Irma Boom en kunsthistoricus Johan Pijnappel. De SHV is een wereldwijd opererend familiebedrijf met vooral belangen heeft in de energiesector en met 47 duizend man personeel in dienst. Het boek moest reflecteren op de vernieuwingskracht van de honderdjarige Steenkolen Handels-Vereeniging en vooral niet te zeer het verleden vieren.

Het is een uitzonderlijk boek, ook achttien jaar na dato nog. De esthetiek van de videobeeldachtige kleurenafbeeldingen verraadt dat het stamt uit de tijd dat er nog geen internet was, maar al wel videoclips. Het zit vol met vorm- en denklagen. De officiële titel is ook thinkbook, dat niet op de witte omslag leesbaar is, maar als je de acht leeslinten goed insteekt, geven ze de titel prijs. Het wordt soms nog te koop aangeboden, voor bedragen tussen de 2.000 en 4.000 euro.

'Het boek is een zoektocht geweest', zegt Boom, 'naar de mentaliteit van het bedrijf en de ondernemingsdrang.' Ze herinnert zich goed hoe het boek na vijf jaar af was. 'Ik was er onzeker over. Pas na een week durfde we tegen Paul Fentener van Vlissingen te zeggen dat de binder het had afgeleverd. Hij nodigde ons thuis uit en bestudeerde het twee uur. Toen sloeg hij het dicht en zei : 'Zo, zullen we gaan eten?' Verder niets. Nee, dat was niet pijnlijk. Pijnlijk zou het zijn als hij iets had gezegd als: 'Goed gedaan'. Een project dat vijf jaar duurde en zo veel informatie bevat, heeft tijd nodig om erop te reflecteren. Ik heb de rest van zijn leven boeken met hem gemaakt. Dat zei genoeg over zijn waardering.'

SHV 100 jaar, 1996 Beeld Krista van der Niet

2 Elements of Architecture, 2014

Elements of Architecture is een expositie gemaakt door architect Rem Koolhaas voor de Biennale van Venetië. Hij wilde de fundamenten van de bouwkunst onder de loep nemen: de deur, de trap, het raam en het toilet. 'Bij het ontwerp van de boeken was het probleem de grote hoeveelheid informatie te ordenen en leesbaar te maken.'

Er is voor gekozen om vijftien losse boekjes te maken, voor elk bouwelement een. Boom maakte alleen een stramien, andere mensen vulden dat in. 'Daarna heb ik samen met Rem Koolhaas nog een post-edit-laag eroverheen gelegd, door extra beeld, tekst en kleuraccenten toe te voegen.' Daardoor wordt de lezer door een groot volume aan informatie gegidst (in totaal meer dan 2.000 bladzijden). 'Toen het klaar was, had Rem mijn naam op de cover gezet als mede-auteur. Dat is aardig, zei ik. Nee, zei hij, dat is noodzakelijk.'

Elements of Architecture, 2014 Beeld Kaj van Ek

3 No 5 Culture Chanel, 2013

'Voor het Chanel no 5-boek (gemaakt voor de grote tentoonstelling over het mode- en geurmerk Chanel in het Palais de Tokyo in Parijs in 2013, red.) had ik al snel het idee dat ik een boek wilde maken zonder drukinkt, een universum dat op zichzelf staat', zegt Boom. Het is een boek over parfum. 'Geur is onzichtbaar en het boek moest in alle afwezigheid aanwezig zijn.' Een boek dat niet kan bestaan in digitale versie of als pdf, omdat het helemaal wit is. 'Ultiem bewijs dat internet op sommige punten het fysieke object niet kan vervangen.'

Beelden en letters, ze zijn allemaal in blinddruk, reliëfvorm, aangebracht op wit papier. Je moet het juiste strijklicht zoeken om te zien wat er staat. Het idee was nog lastig uit te voeren. 'Alles is nieuw aan dit boek, het productieproces moest worden uitgevonden.' Lang leek het niet te gaan lukken, maar in 2013 lag het er toch in een oplage van duizend exemplaren.

Sheila Hicks: Weaving as metaphor, een uitgave bij een tentoonstelling van kunstenaar Sheila Hicks. Beeld .

Tableau in een fietstunnel

Begin 2015 wordt een honderd meter lange fietstunnel geopend bij Amsterdam CS met een tegeltableau van grafisch ontwerper Irma Boom. Haar was gevraagd een decoratieve strook van 30 centimeter aan te brengen over de volle lengte van de tunnelwand. Maar ze pakte de hele hoogte van de tunnel en bouwde uit 70 duizend tegels een voorstelling op van een zeegezicht van schilder Cornelis Bouwmeester. De eerste twintig meter is een letterlijke reproductie, met tegels uit de fabriek van de Koninklijke Tichelaar uit Makkum. Gaandeweg verandert de tegelschildering in een abstracte afgeleide van de originele afbeelding.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden