INTERVIEW

Het bizarre oog voor detail in Del Toro's Crimson Peak

Een hang naar ambachtelijkheid is wat Guillermo del Toro als cineast kenmerkt en zijn films zo bijzonder maakt. Dat geldt ook voor Crimson Peak. Het zuchtende en krakende spookhuis is zo hypnotiserend mooi, dat je er ondanks alle verschrikkingen in zou willen verdwalen.

Jessica Chastain als Lucille Sharpe. Beeld .

'We duwden haar echt. Ze viel daadwerkelijk naar beneden.' Regisseur Guillermo del Toro zegt het met een glinstering in zijn ogen. Alsof hij in zijn nieuwe film Crimson Peak actrice Mia Wasikowska eigenhandig van het balkon van het spookhuis wierp en het nog leuk vond ook.

Toch is de anekdote niet sensationeel bedoeld. Del Toro (Pan's Labyrinth, Pacific Rim) wil een serieus punt maken: wanneer je je gruwelen graag zo tastbaar mogelijk serveert, moet je daar als filmmaker het nodige voor over hebben. 'Een film wint aan overtuigingskracht door zo veel mogelijk effecten fysiek aan te pakken in plaats van digitaal', zegt hij in een Londens hotel tegen een groep filmjournalisten. Neem bijvoorbeeld de geesten die zich in Crimson Peak steeds weer opdringen aan het hoofdpersonage, rijkeluisdochter Edith Cushing (Wasikowska). 'Die geesten zijn gegrimeerde acteurs die we later digitaal verbeterden. Op een gegeven moment komt één zo'n spook uit de vloer gekropen. Voor die scène groeven we een greppel in de grond, waaruit de speler zich omhoog moest wurmen. Achteraf voegden we met de computer nog wat planken toe.'

Mia Wasikowska als de heldin Edith Cushing. Beeld .

Nachtmerrieachtige werelden

Een grandioze hang naar ambachtelijkheid, dat is wat Guillermo del Toro als cineast kenmerkt en zijn beste films zo bijzonder maakt. Ze tonen nachtmerrieachtige werelden die zo hypnotiserend mooi zijn en zo precies zijn gemaakt, dat je er ondanks alle verschrikkingen in zou willen verdwalen. Het door spoken bezochte weeshuis uit The Devil's Backbone (2001). De monsterlijke spiegelwereld uit Pan's Labyrinth (2006). En nu het gigantische, zuchtende en krakende spookhuis uit Crimson Peak, dat alsmaar verder wegzakt in de bloedrode klei.

Dat huis is anno 1901 de eindbestemming voor de Amerikaanse Edith, nadat ze zich door de afgegleden Engelse aristocraat Thomas Sharpe (Tom Hiddleston) tot een huwelijk heeft laten verleiden. Ter plekke duiken overal spoken op die Edith willen duidelijk maken dat Sharpe en zijn gekke zus Lucille (Jessica Chastain) het slecht met haar voor hebben. Dat het goed mis is in Huize Sharpe, besef je als toeschouwer ook dankzij de talloze, haast subliminale accenten die Del Toro en zijn crew hebben aangebracht.

Boekenman

Hoeveel hij ook van film houdt, Guillermo del Toro (links) ziet zichzelf vooral als een boekenman. Hij leest de ene Frank Sinatra-biografie na de andere, heeft altijd een kopie van Andrew Langs 'Fairy Books' bij zich en las als kind complete encyclopedieën over insecten. En als één roman hem voor altijd beïnvloedde, dan is het Mary Shelley's Frankenstein (1818). 'Frankenstein, willoos in de wereld gezet en door iedereen uitgekotst, definieert de essentie van de outsider. Ik identificeer me met hem: als kunstenaar marginaliseer je jezelf, plaats je jezelf buiten de maatschappij. Daarom staat mijn huis vol replica's van het monster.'

Guillermo del Toro. Beeld AFP

'Rottend lijk'

'Het huis is met zijn ingestorte dak net een rottend lijk', zegt Del Toro - bril, baardje, corpulent, zwart gekleed en één en al filmliefde. 'De ramen zijn rond als ogen, zodat het lijkt alsof het huis naar de personages kijkt. De gang heeft de vorm van een mens, compleet met schouders en hoofd. Zelfs als er niemand loopt, is er dus een aanwezigheid. Dat zijn dingen die het publiek waarschijnlijk niet bewust ziet, maar wel voelt.'

Hetzelfde geldt voor het kleurgebruik, waaraan een uitgekiende symboliek ten grondslag ligt. 'Toen ik over het ontwerp van de geesten nadacht, herinnerde ik me de mummies die ze in het noorden van Engeland vonden, die helemaal zwart zijn uitgeslagen omdat ze in zwarte klei werden begraven. Ik dacht: als ik die klei rood maak, worden mijn spoken rood en kan ik ze koppelen aan Lucille's scharlaken jurken en de klei die onder het huis uitloopt.' Heldin Edith werd van haarkleur tot kostuums gehuld in goud en amber; aanvankelijk gaat ze helemaal op in haar sjieke milieu, terwijl ze later fel contrasteert met de koudblauwe tinten van het spookhuis. 'Daar is ze opeens het enige mooie gouden schepsel dat overblijft.'

Del Toro draaide Crimson Peak in een studio in Toronto. Voorafgaand aan de opnamen ging hij driemaal per dag naar de set, om te zien of alle decors de juiste kleuren kregen. De ene keer vroeg hij zijn schilders om wat meer magenta, dan weer een extra laagje cyaan. Al net zo uitgebreid ging hij in conclaaf met de kostuumafdeling en de mensen die de meubels ontwierpen: iedereen kreeg een uitgebreide biografie van de personages en werkte op basis daarvan toe naar het juiste, meest sprekende kleding- of decorstuk. 'Een film moet zich visueel kunnen laten ontcijferen', vindt Del Toro. 'Daarom dien je als regisseur zo weinig mogelijk aan het toeval over te laten.'

Tom Hiddleston als de afgegleden Engelse aristocraat Thomas Sharpe en Jessica Chastain als zijn gekke zus Lucille. Beeld .

Zijn meest persoonlijke werk

Die betrokkenheid op alle niveaus resulteerde in een film die Del Toro na aan het hart ligt: samen met The Devil's Backbone en Pan's Labyrinth rekent hij Crimson Peak tot zijn beste, meest persoonlijke werk. Het kostte hem evenwel negen jaar om de film te realiseren, tussen blockbusters als Hellboy (2004) en Pacific Rim (2013) door. Publiekstrekkers die hem, in tegenstelling tot wat je zou denken, niet direct in staat stelden tot de films die hij echt wil maken. 'Ik heb 23 scenario's geschreven en tot nu toe slechts negen films gedraaid. Dat betekent dat veertien films waarvan ik zielsveel hou nooit zijn verwezenlijkt. Ik heb helaas niet de autonomie of mogelijkheid om zelf te bepalen wat mijn volgende film wordt. Maar ik doe wat ik kan.'

Dat het zo lang duurde voordat Crimson Peak er kwam, lag volgens Del Toro aan meerdere dingen. Aanvankelijk zag niemand heil in de atypische rolverdeling tussen de seksen die hem voor ogen stond. 'Ik wilde een film maken waarin alle mannelijke personages nutteloos zijn, met de vrouw als enige held. Zelfs wanneer Ediths stille aanbidder Alan (Charlie Hunnam) naar Engeland komt om haar te redden, zal ze uiteindelijk zelf de klus moeten klaren.'

Een andere reden voor de vertraging was dat Del Toro met Crimson Peak een genre wilde reanimeren dat hem erg dierbaar is, maar menig toeschouwer weinig zal zeggen. Crimson Peak staat stevig in de eeuwenoude traditie van de zogenoemde gothic romance: verhalen die een zinderend liefdesverhaal koppelen aan een onheilspellend decor vol verval en sluimerende familiegeheimen. Vaak draait het om een jonge, naïeve vrouw die zich nietsvermoedend overgeeft aan haar kwaadgezinde of krankzinnige echtgenoot, en achter de waarheid komt als ze eindelijk die ene, verboden ruimte van het huis durft te betreden. In Crimson Peak is dat de kelder van het huis, waar je beter niet te lang kunt roeren in de putten vol dikke rode smurrie.

Sprookje

'Gothic romance is de combinatie van horror en melodrama, gezien door het filter van een sprookje', zegt Del Toro, die al op jonge leeftijd kennismaakte met de gotische wereld van romans als Ann Radcliffe's The Mysteries of Udolpho (1794) en Emily Brontë's Wuthering Heights (1847). Later ontdekte hij ook de filmklassiekers van het genre: films als Alfred Hitchcocks Rebecca (1940), George Cukors Gaslight (1944) en Joseph L. Mankiewicz' Dragonwyck (1946). 'Dat waren peperdure producties, gemaakt in de hoogtijdagen van het oude Hollywood. Na een tijd gleed het genre af naar mal gedoe met kaarslicht en spinnenwebben en tegenwoordig kent eigenlijk niemand het nog. Crimson Peak moest een ouderwets weelderige gothic romance worden. Een film die 50 miljoen dollar (43,7 miljoen euro) kostte, maar eruitziet als een film met een twee keer zo hoog budget.'

Dat het huis in Crimson Peak een directe expressie is van de gemoedstoestand van de personages, hoort volgens Del Toro ook bij het genre. Talloze vlinders en motten heeft hij door het beeld gestrooid. 'De vlinders staan voor Edith, de motten voor Lucille en we hebben ze overal verstopt: op het behang, in de patronen van de vloerbedekking, de vorm van de meubels, enzovoort. De schoudervulling in Ediths jurken geeft haar vaak iets prachtig vlinder-achtigs, terwijl Lucille een mot is die beetje bij beetje uit haar cocon kruipt. Dat zie je als ze uiteindelijk razend de trap afrent en haar in de wind opbollende jurk tot gigantische mottenvleugels lijkt te transformeren.'

Afdalen in de hel

Del Toro wijst de aanwezige journalisten graag op nog meer onderhuids werkende details. De kussens waarop Edith slaapt, de stoelen waarop ze zit en de kopjes waaruit ze haar vergiftigde thee drinkt: allemaal in verschillende groottes gemaakt. 'Als Edith met Thomas samen is en zich veilig waant, is haar hoofdkussen kleiner dan wanneer ze bang en alleen in bed ligt. En hoe zwakker ze is, hoe groter haar stoel en het theekopje.' Op Lucille's vleugel prijkt geen buste van Beethoven of Mozart, maar die van Dante Alighieri, schrijver van La Divina Commedia. Geen toeval, in Guillermo del Toro's tot in de puntjes uitgedachte universum. 'De film beschrijft een afdaling in de hel, dus natuurlijk moest het Dante zijn.'

Zo kun je als filmmaker natuurlijk bezig blijven. Hoe wist Del Toro dat het genoeg was? 'Het budget stopt je, de tijdsdruk stopt je. Maar je moet ook uitkijken dat het niet al te dol wordt. Het moeilijkste aan Crimson Peak was het vinden van de juiste toon. De acteurs praten in niet-realistische, melodramatische dialogen, dat pik je makkelijker wanneer de visuele stijl, de muziek en de geluiden eveneens melodramatisch en onrealistisch zijn. Iedere toeschouwer zal uiteindelijk zelf moeten oordelen. De een zal in de bioscoop ademloos toekijken terwijl de ander roept: 'Wat is dit in vredesnaam?' Daarop moet ik als regisseur enigszins anticiperen en zeggen: hier houd ik op, wat mijn spookhuis betreft.'

Bovendien: als het visueel ontwerp niet voedzaam blijkt voor het verhaal, de personages en de toeschouwer, dan deugt het volgens Del Toro niet. 'Ik maak hopelijk geen snoep, maar eiwit voor de ogen.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden