ACHTERGROND

Het belang van The Basement Tapes van Bob Dylan

Na 47 jaar zijn de opnamen voor iedereen beschikbaar

Kenners hadden de bootlegs allang, maar nu, na 47 jaar, zijn eindelijk alle 139 nummers die Bob Dylan en The Band opnamen in de kelder van een roze geschilderd huis legaal uitgebracht. Gijsbert Kamer legt uit wat het belang is van The Basement Tapes.

Bob Dylan in zijn appartement in New York City rond 1963. Beeld BrunoPress/Polaris Images

De Heilige Graal, of anders op z'n minst een artefact met de cultuurhistorische waarde van de Steen van Rosetta, zo groot is het belang dat door liefhebbers wordt toegekend aan de collectie liedjes die Bob Dylan in 1967 opnam in West Saugerties, upstate New York, niet ver van zijn huis in Woodstock. Een deel van de mythische status van deze opnamen, in de volksmond The Basement Tapes geheten, dankt de collectie aan het feit dat ze nooit eerder officieel zijn uitgegeven. Minstens zo belangrijk is het tijdstip van de opnames. The Basement Tapes kwamen tot stand op een moment dat Bob Dylan, behalve een van de beroemdste rockmuzikanten ter wereld, ook van de meest onzichtbare muzikanten was.

Wat zich in de kelder van het roze geschilderde huis in West Saugerties afspeelde, die zomer van 1967, daarvan had niemand enig idee. Voor de buitenwereld was Dylan nog altijd herstellende van een motorongeluk dat hij op 29 juli in Woodstock vlak bij huis zou hebben gehad. Pas later, toen het debuutalbum van The Band verscheen, Music From Big Pink (1968), begon er iets te dagen. Want hee, zomaar drie onbekende nieuwe Dylan-composities, en nog sterke ook.

Met het verschijnen in 1969 van de bootleg (een niet door de artiest geautoriseerd, illegaal album) The Great White Wonder was de geest uit de fles. Daar stonden zeven onbekende Dylanopnamen uit 1967 op. En, zo werd stilaan bekend, er lag in de archieven van Columbia Records nog veel meer.

Maar Dylan hield de kluizen dicht, vervolgde zijn carrière en kwam eigenlijk nooit op de zomer van 1967 terug. Pas in 1975 bracht hij de dubbel-lp The Basement Tapes uit, met daarop, enigszins bewerkt, vierentwintig 'Big Pink'-liedjes. De honger naar meer werd er alleen maar groter door: nummers als Going To Acapulco, Katie Been Gone en Nothing Was Delivered smaakten naar meer en er wás veel meer, zo wist iedereen.

Maar tot op de dag van vandaag bestonden de complete Basement Tapes alleen illegaal. Nu, pas na 47 jaar, komen alle 139 liedjes of stukken daarvan (de tape ging wel eens te laat lopen of stopte te vroeg) voor iedereen beschikbaar. Zes cd's vol soms krakende, bepaald niet perfect opgenomen liedjes, die de vraag doen rijzen: wat is het belang van The Basement Tapes voor niet alleen de Dylan-fans maar de popgeschiedenis in het algemeen? Hier het antwoord in drie delen.

Beeld -
Beeld -

1975, 2014

De bovenste is de cover van de The Basement Tapes Complete, met 139 nummers van de opnamen uit de zomer van 1967. De onderste is de albumhoes van het album The Basement Tapes uit 1975, met daarop 24 nummers.

1. Bob Dylan herwon er zijn enthousiasme voor muziek mee

Hoe stond Dylan er in 1967 voor? De man die in vijf jaar tijd de popmuziek had veranderd met platen als The Freewheelin' Bob Dylan (1963), Highway 61 Revisited (1965) en Blonde On Blonde (1966) had zich na een ongeluk met zijn motor (juli 1966) in de bossen teruggetrokken en hield zich stil. Officieel om te herstellen van zijn ongeluk. Maar aan de ernst daarvan wordt tot op de dag van vandaag getwijfeld. Dylan was uitgeput, leefde ongezond, wilde vooral rust en zich wijden aan zijn gezin. Popmuziek leek even niet zo belangrijk.

En dat terwijl de popwereld op zijn kop stond. De Beatles kwamen met Sgt. Pepper's Lonely Hearts Club Band (juni 1967) het was de tijd van psychedelische rock, hippies, Monterey Festival, lsd en de Summer of Love. Waar was het antwoord van Bob Dylan, vroeg iedereen zich af.

Dat kwam officieel pas eind van dat jaar, december 1967, met het verschijnen van zijn album John Wesley Harding. Een plaat die klonk alsof het hele afgelopen jaar niet had plaatsgevonden. Geen spoor van psychedelica en de andere experimenteerdrift die in de rock-'n-roll van dat jaar opgeld hadden gedaan.

Het dofgrijze, ingetogen geluid op John Wesley Harding en Dylans ouder klinkende stem waren even wennen, net als de wat cryptische bijbelse connotaties en verwijzingen naar figuren uit oude folkteksten. De overgang van de meeslepende visionaire rock van Blonde On Blonde (1966) was groot.

Maar met de kennis van nu valt alles op z'n plaats: de muziek op John Wesley Harding staat helemaal niet zo ver af van wat Dylan gedurende het voorjaar en de zomermaanden van 1967 samen met Robbie Robertson, Rick Danko, Richard Manuel en Garth Hudson had opgenomen. Het was muziek die sterk was geworteld in oude blues, country en folk. Covers van Hank Snow naast folktraditionals, oude rock-'n-roll naast rhythm and blues van Curtis Mayfield. Eigenlijk ondernam Dylan met zijn begeleiders een soort speurtocht naar de wortels van de popmuziek.

Het leek wel alsof hij met zijn nieuwe liedjes niet zozeer toekomstmuziek wilde maken, maar zocht naar overeenkomsten met oude, vaak vergeten Amerikaanse folk. Waar al zijn tijdgenoten aan het verleden probeerde te ontsnappen, omarmde Dylan dat juist. Op zijn platen na 1967 valt bijvoorbeeld het toegenomen gemak op waarmee hij zich countrymuziek eigen heeft gemaakt (Nashville Skyline, 1969), en is hij ook beter gaan zingen.

Bob Dylan in 1967. Beeld Library of Congress/HH

2. Dylans bandje werd The Band

Dat The Hawks geweldig konden spelen, wist niet alleen Bob Dylan, die ze in 1965 meenam als begeleidingsband. De vier Canadezen en een Amerikaan (drummer Levon Helm, die tijdens een groot deel van The Basement Tapes-tijd in onmin verkeerde met de rest en zich pas aan het einde van de opnameperiode zou melden) hadden het vak geleerd bij bluesrocker Ronnie Hawkins, en in het livecircuit naam gemaakt.

Maar een echt eigen geluid hadden ze niet. Er moet daar in die kelder van het huis dat Danko en Manuel huurden iets bijzonders zijn ontstaan. Dylan had de muzikanten begin 1967 in Woodstock uitgenodigd voor wat extra filmmateriaal voor een documentaire waaraan hij werkte. Ze stonden toch op de loonlijst en er was geen tour in het vooruitzicht, dus waarom niet. Iedere dag verzamelden ze zich in afwachting van hun broodheer. Eerst gewoon bij Dylan thuis, later in de kelder van het roze geschilderde huis.

Dat daar, in de bossen van de Catskill Mountains, bijzondere, tijdloze muziek werd gemaakt, bleef eigenlijk verborgen. De sessies werden weliswaar door Garth Hudson opgenomen, maar niet met de bedoeling daarvan een plaat te maken. Dylan zelf zou later zeggen dat die opnamen gemaakt werden om aan zijn muziekuitgever te sturen, zodat andere artiesten die liedjes konden uitbrengen (wat ook gebeurde), maar er was meer.

De eerste signalen dat zich iets bijzonders had plaatsgevonden kwamen pas in 1968. Toen verscheen het debuutalbum van The Band, Music From Big Pink waarop ineens zomaar drie nieuwe Dylan-liedjes stonden. The Band was de nieuwe naam van The Hawks, Dylans begeleiders tijdens zijn roemruchte elektrische tournee uit 1966. En zij waren het (behalve drummer Levon Helm) die met Dylan al die maanden in afzondering muziek hadden gemaakt. De Dylan-liedjes Tears of Rage, This Wheel's on Fire en I Shall Be Released trokken natuurlijk meteen de aandacht, maar ook de rest van het debuut maakte op de popwereld veel indruk. Een volkomen authentiek klinkend, nieuw rockgeluid, gedragen door orgel, piano en drie uitmuntende zangers. Er klonk en grote hang naar traditie in door en toch leek alles fris en nieuw.

Music from Big Pink was een rechtstreeks gevolg van de maandenlange samenwerking met Dylan. In upstate New York werd de basis voor hun geluid gelegd dat op de volgende plaat The Band (1969) verder werd uitgebouwd. The Band zou een van de belangrijkste rockbands van de jaren zeventig worden.

Bob Dylan op 3 mei 1966, tijdens een persconferentie in Londen. Beeld Getty Images

3. Dylan maakte van oude muziek de bron voor iets nieuws

Teruggrijpen naar de muziek van je voorvaderen was in 1967 allerminst gebruikelijk. The Beatles experimenteerden volop, rock-'n-roll werd (mede dankzij lsd en acid) complexer, liedjes werden langer, de sound grootser. Niks mocht lijken op wat al bestond. Precies op het moment dat de experimenteerdrift in de pop een commerciële en creatieve climax vond met Sgt. Pepper's van The Beatles, was Dylan bezig invloeden van oude country en folk in zijn muziek te verwerken. Er was niks hips aan, dit was muziek waarvan hij hield en die hij wilde implanteren in zijn eigen muziek. Vandaag de dag doen talloze artiesten, van Lucinda Williams tot Wilco, dat en heet dit americana. Destijds was het iets nieuws.

Dylans nieuwe stijl kreeg gaandeweg veel invloed in de rockmuziek. Een band als The Byrds liet de experimenteerdrift die nog kleefde aan een plaat als The Notorious Byrd Brothers (1968) achter zich en kwam eind van dat jaar met een album vol country-invloeden (Sweetheart Of The Rodeo). The Rolling Stones lieten hun flirts met psychedelica (Their Satanic Majesties Request, 1967) al snel achter zich en gingen terug naar de blues op platen als Beggars Banquet en Let It Bleed.

Ook Britse rockbands werd de ogen geopend door Dylan en The Band. Zo raakte Fairport Convention na het verschijnen van Music From Big Pink zo onder de indruk van de muzikale speurtocht op de plaat naar de Amerikaanse wortels van de muziek, dat ze hetzelfde wilden proberen met Engelse folk. En waarom maar blijven kijken naar Amerikaanse voorbeelden; Fairport Convention kon net als The Band ook zoeken naar eigen roots, die van de Britse folkmuziek. Het resultaat was Liege & Lief (1969) een van de beroemdste folkrockplaten uit de popgeschiedenis.

Niet alles is even mooi op The Complete Basement Tapes. De zesde, zogeheten bonus-cd, is egenlijk niet te draaien zo brak als-ie klinkt. Maar los van het historische belang valt er muzikaal veel te genieten. Zo ontspannen hoor je Dylan maar zelden zingen en spelen. Er is daar in de Catskill Mountains in 1967 een belangrijk stuk popgeschiedenis geschreven. De werkelijk zeer fraai uitgevoerde cd-box geeft eindelijk een goed beeld van waarmee Bob Dylan en The Band zich toen bezighielden.

Bob Dylan And The Band: The Bootleg Series Volume 11 - The Complete Basement Tapes. Sony Music.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.