Het Bedrijf 3 Confrontatie

De legendarische declaraties van Joop van Tijn, in guldens

'Hier keer ik nooit meer terug', besefte Hans bij de laatste keer dat hij de deur achter zich dicht trok. 'Hij verwachtte overvallen te worden door verdriet, maar het gebeurde niet'.



Aldus een van de laatste regels uit Het bedrijf, de trilogie van Hans Vervoort (Magelang, Indonesië, 1939) over zijn jaren als uitgever bij de Weekbladpers. Confrontatie, heet het derde deel. 'Roman' staat er steeds op de omslagen van dit Voskuil-achtige kantoor-epos, maar de auteur doet wel erg zijn best de werkelijkheid te beschrijven. Zo worden verreweg de meeste hoofdrolspelers (Joop van Tijn, Cisca Dresselhuys, Rinus Ferdinandusse, Cees van Nijnatten) bij name genoemd.


Slechts van enkelen worden de namen verhaspeld, maar dan weer zo herkenbaar dat je je afvraagt wat er het idee achter is. Zo heet vormgeefster Charlotte Fischer in het boek Charlotte Fisch, Hugo Arlman werd Hugo Anderman. Verteller is uitgever Hans, over wie Vervoort in de derde persoon schrijft.


Misschien is het mede daarom dat Het Bedrijf vooral amusant is voor Raamgracht-watchers. Het ooit zo vermaarde bedrijf (uitgever van onder meer Vrij Nederland, Opzij, Voetbal International) wist de geruchtenstroom decennia lang te voeden, onder meer door de 'anonieme-brievenaffaire' op de redactie van VN.



Daarover komt de lezer weinig meer te weten, maar wel wordt hij getuige van de geboorte van maandblad J/M, en het geworstel met andere bladen, zoals specials van Vrij Nederland.
Het legendarische declaratiegedrag van wijlen Joop van Tijn wordt haarfijn beschreven: doordat hij, met een creditcard van het bedrijf op zak, het onderscheid niet wist te maken tussen zakelijke en privé-uitgaven, ontstond een schuld van een ton in guldens. Ook is in deze 'roman' nog eenmaal en voor eeuwig het (publiek geheime) gesjoemel met de oplagecijfers van VN geboekstaafd.



Die konden met tienduizenden worden opgepompt, doordat (door musea) gesponsorde specials in hoge oplagen werden gedrukt voor verspreiding in musea, hetgeen mocht worden opgeteld bij de reguliere (dalende) oplages van VN.


Hier en daar lijkt Vervoort af te rekenen met zijn voormalige collega's. Met zijn vroegere baas (en latere PCM-directeur) Theo Bouwman bijvoorbeeld, wiens buitenechtelijke affaire met Opzij-redactrice Simone Koudijs zonder scrupules wordt opgediend, en die er op de begrafenis van Joop van Tijn 'flierefluitend en baltsend' bijstond.


Opzij-hoofdredactrice Cisca Dreselhuys figureert veelvuldig. De ene keer als de hoofdredactrice die met het feministisch maandblad zo graag een poezennummer wil maken, iets waarvoor geen adverteerder te vinden was.
De andere keer is ze een praatzieke bazin die haar redactie enkel van het werk houdt - waarna het idee ontstond haar maandelijks op pad te sturen naar invloedrijke mannen, voor de interviewserie 'De feministische meetlat'.



Vervoort beschrijft het in een nuchtere, licht ironische stijl, waarin hij zich zelden hard uitspreekt over de gang van zaken. Het is eerder de tongue in cheek die het hem doet. Redacteur Ronald van Gelder (Psychologie Magazine) heet bij hem 'een wat onbekookte bewegingswetenschapper die oogde als een aardappelboer'.


Het slot omvat het enigszins verbitterde afscheid van de uitgeverij waarin 'Hans' de laatste van zijn 25 dienstjaren doorbrengt in de luwte. Moe en teleurgesteld in collega's en meerderen, zoals uitgevers Lize Alink en WP-directeur Pieter de Jong.



Het mag dan literatuur heten, het lijkt nergens op fictie.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden