Het Amerikaanse liedarchief

Twee Amerikaanse cultuurhistorici gingen op zoek naar de Amerikaanse ziel in de Amerikaanse ballade. De folkballad is stilaan net zo essentieel geworden voor het begrip van de Amerikaanse cultuur als jazz en film....

De vraag was simpel: wat zegt de Amerikaanse ballade over Amerika? Het antwoord wordt gegeven in een dik boek en een cd, beide met de titel The Rose & The Briar. Hoewel, antwoord. Lezen en luisteren roepen vooral vragen op, en dat lijkt ook de bedoeling van de initiatiefnemers, cultuurhistorici Sean Wilentz en Greil Marcus. Zij vroegen tal van door hen bewonderde journalisten, muzikanten, dichters en denkers een ballad uit het grote Amerikaanse liedboek tot onderwerp van een beschouwing te nemen; de keuze was vrij, en het resultaat is min of meer chronologisch te volgen in woord en geluid.

Van het ergens in de zestiende eeuw in Schotland ontstane, naar Amerika overgewaaide Barbara Allen tot Bruce Springsteens Nebraska (1982) trekken de ballads voorbij. En of het nu Jan & Deans Dead Man's Curve betreft, of Mahalia Jacksons met het orkest van Duke Ellington uitgevoerde Come Sunday, of je nu luistert naar Randy Newmans Sail Away of naar Jelly Roll Morton die in 1939 zong over de legendarische cornettist Buddy Bolden: ondanks de enorme veelzijdigheid doemt uiteindelijk wel degelijk een beeld op van wat Greil Marcus zelf ooit 'the old, weird America' noemde.

Het Amerika dus, dat de laatste pakweg tien jaar via tal van schitterende cd-heruitgaven stukje bij beetje gestalte kreeg. De liedkunst zoals die zich door de eeuwen heen heeft ontwikkeld, openbaart keer op keer nieuwe schatten. Het is wel degelijk te danken aan het pionierswerk van muziekhistorici als Greil Marcus dat de Amerikaanse folkballad stilaan net zo essentieel geworden is voor het begrip van de Amerikaanse cultuur als jazz en film.

Zo publiceerde Marcus in 1997 bijvoorbeeld Invisible Republic: Bob Dylan's Basement Tapes waarin hij het belang van de in 1952 door Harry Smith samengestelde Anthology Of American Folk Music voor de folkbeweging van de jaren zestig in het algemeen, en de liedjes van Dylan in het bijzonder aantoonde.

De heruitgave van de drie dubbelalbums tellende compilatie op cd, in datzelfde jaar, werd een ongehoord succes. De box met stokoude liedjes bleek opnieuw een bron van inspiratie. Her en der lieten nieuwe generaties muzikanten zich inspireren door de verzamelde murder ballads. Wereldwijd vinden er regelmatig Harry Smith-avonden plaats waarop muzikanten liedjes uit deze bloemlezing vertolken, zoals op 26 februari in het Amsterdamse Paradiso.

En dan is er natuurlijk de onuitputtelijke catalogus met veldopnamen van Alan Lomax, die met dank aan Moby zelfs hip is geworden. Maar ook het opmerkelijke succes van de meer dan een jaar geleden verschenen box met authentieke Amerikaanse gospel Goodbye, Babylon of de onlangs uitgebrachte hulde aan het werk van de eeuwenoude Amerikaanse liedjessmid Stephen Foster getuigt van een opmerkelijke interesse in het Amerikaanse liedarchief.

Maar niet alle door Wilentz en Marcus voor hun boek en cd aangeschrevenen bleken even gecharmeerd. Robert Crumb zag bij de door hen gesuggereerde ballads The Night They Drove Old Dixie Down van The Band staan, wat hem in toorn deed ontsteken. Hilarisch is zijn in The Rose & The Briar in facsimile afgedrukte antwoord dat neer komt op: hartstikke leuk maar The Band is phony en 'I also loathe and despise Springsteen and Randy Newman. I don't even like Bob Dylan!'

Om maar te zeggen dat niet iedereen dezelfde opvattingen hoeft te hebben. Maar ook zij die bij het zien van de naam Greil Marcus niet ten onrechte vermoeden dat hij zijn stokpaardjes (Dylan, The Band, Randy Newman) gaat berijden, zoals hij dat al doet sinds zijn vermaarde boek Mystery Train (1975), zullen door dit project aangenaam verrast worden.

Wat het idee ervan zo goed maakt is dat je, zoals in de inleiding staat, wellicht beroeps-folkloristen nodig hebt om herkomst en ontwikkeling van een folkliedje te achterhalen. Hoe verandert de betekenis van een in Schotland geschreven liedje in de loop der eeuwen wanneer het in de Amerikaanse Appalachen wordt gezongen? Interessante vragen, waaraan door gezaghebbende journalisten als Dave Marsh, Cecil Brown en Ed Ward hier ook niet voorbij wordt gegaan. Maar wat historici vaak wel laten liggen, en wat hier zo meesterlijk gebeurt, is de beschrijving van hoe je het beluisteren van een oude of minder ouder ballade ervaart.

Het mooist zijn die bijdragen waarin ook wordt gepoogd uit te leggen welke emoties een nummer nog altijd weet op te roepen, en hoe makkelijk de klassieke ballades onderhevig kunnen zijn aan verschillende interpretaties. Interpretaties die allemaal waar zijn, want, zoals Rennie Sparks ergens opmerkt: de magie zit in het mysterie.

Talloze mysteries worden door muzikanten (Pere Ubu's Dave Thomas, Rennie Sparks van de Handsome Family, Jon Langford), romanciers (Joyce Carol Oates) en tekenaars (Robert Crumb) geduid, geïnterpreteerd en ontrafeld. Niet alle bijdragen zijn even leesbaar. Maar het enthousiasme van bijvoorbeeld Stanley Crouch voor Duke Ellingtons Black Brown & Beige, Luc Sante die een van de grondleggers van de Jazz, de mysterieuze Buddy Bolden met hulp van Jelly Roll Morton tot leven roept, en de aanstekelijke bijdrage van Ed Ward over de zo goed als onbekend gebleven soulzanger Bobby Patterson, maken dat je nog meer wilt horen en lezen over al deze wonderlijke figuren.

En dan hoor je bijvoorbeeld het krakende, bijna angstaanjagende geluid van The Coon Creek Girls zoals ze in 1938 Pretty Polly zongen, en je leest er het uitstekend gedocumenteerde verhaal van Rennie Sparks bij en je begrijpt ineens de essentie van al die gruwelijke murder ballads. Het zoeken naar liefde en vrijheid en de onvermijdelijke dood, daar draait het om in alle liedjes. Is daarmee de vraag wat een Amerikaanse ballad over Amerika zegt ook beantwoord? Nee, gelukkig niet. Hoe meer we te horen krijgen van alle in vergetelheid geraakte prachtmuziek, hoe groter de drang om je nog dieper onder te dompelen in the old, weird America.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden