Filmrecensie Hereditary

Hereditary voelt als een kussen dat steeds steviger op je gezicht drukt (vijf sterren)

Probeer ze maar eens van je af te schudden, de taferelen die Aster met vaste hand over je uitstort.

Een klakkende tong. Die ene simpele klank blijkt afdoende om je de stuipen op het lijf te jagen. Het zegt genoeg over het meesterschap waarmee Hereditary, ongetwijfeld de engste film in tijden, de wetten van het horrorgenre bespeelt. Geen gemakzuchtige jump scares of andere gemakzuchtige trucjes, en tóch is de spanning om te snijden. Hereditary voelt als een kussen dat steeds steviger op je gezicht drukt. Of, om een van de heftigste beelden uit de film te parafraseren, als een pianosnaar die in je nekvel zaagt. 

Horrorspecial:

Dit zijn de twaalf beste horrorfilms ooit

Geen ingeslagen schedels, geen spook dat plotseling opdoemt in de spiegel: horror is ongekend populair, maar wél horror met een twist.

Horror wordt vaak geassocieerd met misselijkmakend gedoe: veel ingewanden en slurpende zombies, u weet wel. Maar wie goed kijkt, ziet ook schoonheid. Want esthetiek en angst horen bij elkaar. En dat is niet zomaar.

Hereditary wordt nu al vergeleken met horrorklassiekers: hoe deed filmtalent Ari Aster dat?

Dat begint al bij een van de eerste scènes, wanneer Annie Graham, echtgenoot Steve, dochter Charlie (13) en zoon Peter (17) de uitvaart van Annies moeder bijwonen. Een hardvochtige, manipulatieve vrouw was ze, deze Ellen Taper Leigh; luister naar de geforceerde woorden waarin Annie (Toni Collette) haar afscheid giet, kijk naar het kille fotoportret dat naast de doodkist staat. De muziek van avantgarde-saxofonist Colin Stetson spint al direct sinistere noten, zodat je, samen met de behoedzaam ronddwalende camera, op zoek gaat naar de bron van dat vooralsnog alleen hoorbare kwaad.  De engerd die roerloos naar Charlie staat te grijnzen. Misschien ook Ellen zelf, verkrampt opgebaard in haar kist. Of anders het vreemdsoortige amulet, dat zowel Annie als Ellen om hun hals draagt en dat een van de vele vooruitwijzingen is die schrijver-regisseur Ari Aster door zijn film sprenkelt.

Hereditary, horror. Regie Ari Aster. Met Toni Collette, Milly Shapiro, Gabriel Byrne en Ann Dowd. 127 min, in 87 zalen. 

Alleen Charlie, door debutant Milly Shapiro vertolkt met een haast onaardse ernst, lijkt met Ellen een innige band te hebben gehad. Sinds oma’s dood loopt het meisje verweesd rond, of knutselt in haar boomhut macabere poppetjes van afval en dierenresten. Daarmee doet ze haar moeder na, die in haar atelier eindeloos schaaft aan minutieuze poppenhuis-imititaties van haar getroebleerde verleden. Intussen ligt Peter (Alex Wolff) depressief in bed, en doet Steve (Gabriel Byrne) het liefst alsof er niets aan de hand is. Aster, die zich na enkele controversiële kortfilms voor het eerst aan een speelfilm waagde, laat iedereen in zijn eigen verstikkende wereldje leven, in dat landhuis aan de rand van het bos.

Terwijl er duidelijk iets vreselijks staat te gebeuren, maakt Hereditary aanvankelijk vooral indruk als een in stokkende rouw gedompeld gezinsdrama. De close-ups van Charlies getergde gezicht zijn net zo indrukwekkend als het onvermogen waarmee de personages elkaar bejegenen. En wat een intens tragische, van ellende overlopende hoofdrol van Toni Collette, als de moeder en dochter die haar praatgroep over rouwverwerking inruilt voor séances, en zo haar gezin over de rand van de waanzin dreigt te kiepen. Daarmee is zij ook degene die Hereditary definitief richting horror gidst, terwijl je door Collettes magnifieke vertolking nooit zeker weet waar het psychotische precies overgaat in het occulte.

In de finale gaan alle remmen eindelijk los. Probeer ze maar eens van je af te schudden, de taferelen die Aster dan met vaste hand over je uitstort. Maar het is niet alleen die gruwelzolder die na afloop door je hoofd blijft spoken, of dat in maanlicht zwevende, hoofdloze lijk. Het gezin als gevangenis waar iedereen levenslang heeft: dat idee is de ware horror van Hereditary.

Het kalme kwaad

Hereditary wordt nu al vergeleken met horrorklassiekers: hoe deed filmtalent Ari Aster dat?