Beschouwing

Helpt Hollywood Hillary winnen?

Een vrouwelijke president van de VS, daarvan zijn er niet veel in films. Blockbuster Independence Day 2 schiet Hillary Clinton straks te hulp, let maar op. Hoe creëer je een goede presidente?

Julia Dietze in de film Iron Sky.

Als het aan Hillary Clinton ligt, kiest Amerika volgend jaar voor een vrouwelijke president. Een vrouw in het Witte Huis: het zou eens tijd worden, na 44 mannelijke presidenten. Clinton is er klaar voor, maar zijn haar landgenoten dat ook? Nog niet, als films en tv-series de maatstaf vormen. Als daarin een Amerikaanse president voorkomt, is dat bijna altijd een man. En dat is slecht nieuws voor Hillary, want een goede fictieve voorganger kan een hoop schelen.

Fictie baant vaak de weg voor de werkelijkheid. Je zou misschien denken dat het andersom is: eerst maar eens een vrouwelijke president, dan passen scenarioschrijvers vanzelf hun verhalen aan. Maar de ervaring leert dat kiezers zich graag laten overtuigen door drama. Toen Barack Obama de presidentsverkiezingen won in 2008, benoemden deskundigen het 'Palmer-effect': Amerikaanse tv-kijkers hadden al een paar jaar kunnen wennen aan een zwarte president in de populaire televisieserie 24. Tachtig afleveringen lang regeerde daarin de sympathieke, crisisbestendige David Palmer (gespeeld door Dennis Haysbert) het land.

Obama had, als eerste zwarte president van de Verenigde Staten, niet alleen Haysbert om te bedanken. Misschien nog wel belangrijker was de voortrekkersrol van Morgan Freeman, de alom geliefde acteur die in de rampenfilm Deep Impact (1998) een alleszins capabele Amerikaanse president speelde. En volgens de auteurs van het onlangs verschenen boek Poitier Revisited haalde de zwarte acteur Sidney Poitier al veel eerder voor Obama de kastanjes uit het vuur. In het Oscarwinnende drama Guess Who's Coming to Dinner (1967) speelde Poitier weliswaar geen president, maar nam hij als intelligente arts wel veel vooroordelen weg.

Geena Davis in de tv-serie Commander in Chief.

Palmer-effect

Clinton kan, kortom, wel een eigen Palmer-effect gebruiken. Maar de vrouwelijke tegenhanger van Haysbert of Freeman is niet zo makkelijk te vinden. De cijfers zijn hopeloos: van de bijna honderdvijftig keer dat er in films een verzonnen Amerikaanse president voorkomt, is dat in slechts zeven gevallen een vrouw. De vele films waarin een acteur een bestaande president speelt (alleen al Abraham Lincoln werd 38 keer vertolkt), tellen daarbij uiteraard niet mee - dat waren nu eenmaal allemaal mannen. Op televisie zijn de verhoudingen marginaal beter: daar was tot nu toe ongeveer elf keer een vrouw als leider van de Verenigde Staten te zien. Nog treuriger wordt het als de kwaliteiten van die schaarse presidentes tegen het licht worden gehouden. Een capabel, vertrouwenwekkend type zit er niet tussen, met uitzondering van de opvolgster van David Palmer in 24. Tussen 2008 en 2010, in de laatste twee seizoenen van de serie, was actrice Cherry Jones te zien als de invoelende president Allison Taylor. Jones won er een Emmy Award mee, maar de impact van haar rol bleef beperkt: 24 was over het hoogtepunt heen en allang niet meer spraakmakend.

Allison Taylor kon in elk geval nog serieus worden genomen. Dat geldt niet voor de meeste filmpresidentes. Stuntelende dames zijn het, in malle komedies als Whoops Apocalypse (Tom Bussmann, 1986), Les Patterson Saves the World (George Miller, 1987) en de Godfather-parodie Mafia! (Jim Abrahams, 1998). Denk aan Christina Applegate als de onwaarschijnlijke president Diane Steen die in deze film een idealistische dromer is die haar plannen voor wereldvrede in de ijskast zet wanneer haar maffiose vriendje haar aandacht opeist.

Interessant, maar net zomin hoopgevend, zijn de eerste twee speelfilms waarin een vrouw als Amerikaanse president te zien was. De oudste is Project Moonbase, een obscure sciencefictionfilm uit 1953. Het verhaal over een maanlanding speelt zich af in de verre toekomst, oftewel 1970, wanneer de Verenigde Staten kennelijk toe zijn aan een president van het type Margaret Thatcher. Ondertussen is de enige vrouwelijke astronaut in de film (met opvallend puntige beha) voortdurend het slachtoffer van seksisme.

(Tekst loopt door onder trailer Independence Day)

Alfre Woodard in de tv-serie State of Affairs.

Kisses for My President

In 1964 volgde Kisses for My President, de eerste en voorlopig enige speelfilm waarin meer dan een bijrol is weggelegd voor een vrouwelijk Amerikaans staatshoofd. De vorig jaar overleden actrice Polly Bergen speelt de kersverse president Leslie McCloud, tot ieders verrassing verkozen omdat de vrouwen van Amerika collectief op haar stemden. Het meest verbaasd is haar echtgenoot Thad, die Leslies kandidaatschap alleen maar steunde omdat hij dacht dat ze toch nooit zou winnen.

Leslie gaat voortvarend aan de slag als wereldleider, maar de film blijkt vooral te draaien om de problemen van Thad (Fred MacMurray), die het als eerste mannelijke first lady zwaar heeft. Zo krijgt hij tot zijn grote ongenoegen een kamer in het Witte Huis toebedeeld die als een bloemrijk boudoir is ingericht. Zijn vrouw heeft geen aandacht voor hem. Hij voelt zich gecastreerd omdat hij niks belangrijks omhanden heeft. Dat leidt ertoe dat hij het op een zuipen zet en bijna vreemdgaat. Bij gebrek aan sturing van hun drukke moeder springen ook de twee kinderen uit de band.

Kisses for My President is, al met al, waarschijnlijk de minst feministische film ooit gemaakt over een vrouw met ambities. Aan het eind raakt Leslie zwanger en besluit af te treden. Op doktersadvies, zegt ze, maar de kijker weet wel beter. Thad constateert tevreden: 'Er waren veertig miljoen vrouwen voor nodig om je in het Witte Huis te krijgen en maar één man om je er weer uit te halen.' Dat, vindt hij, bewijst de superioriteit van mannen.

De recensies van de warrige komedie Kisses for My President waren in 1964 al zuur ('Het is te hopen dat de eerste vrouw die president wordt een amusantere echtgenoot meebrengt', schreef criticus Bosley Crowther in The New York Times), maar wie er vandaag de dag naar kijkt, schrikt zich rot van de vrouwvijandige toon. En toch is Kisses for My President het diepgravendste wat Hollywood tot nu toe bood als het om fictieve Amerikaanse presidentes gaat.

Cherry Jones in de tv-serie 24.

Borgen

Een vrouw als regeringsleider: veel landen zijn de Verenigde Staten op dat gebied voor. Denemarken bijvoorbeeld, waar Helle Thorning-Schmidt in 2011 de eerste vrouwelijke premier werd. Dat gebeurde nadat Deense tv-kijkers al een jaar hadden kunnen zien hoe de bevlogen politica Birgitte Nyborg (Sidse Babett Knudsen) het land regeerde in de uiterst populaire televisieserie Borgen. Misschien was het Thorning-Schmidt ook zonder Birgitte Nyborg gelukt, maar dat het succes van Borgen een rol speelde in de Deense verkiezingen staat vast: onderzoek van de universiteit van Kopenhagen wees uit dat Borgen-kijkers meer politiek betrokken raakten.

Veep

Gelukkig gaat het er op tv iets minder belegen aan toe. Geena Davis speelde een redelijk adequate president in Commander in Chief, maar de serie legde wel erg veel nadruk op haar privéleven: net als Leslie McCloud in Kisses for My President worstelt ze met huwelijksproblemen als gevolg van haar drukke baan. Vanwege tegenvallende kijkcijfers werd Commander in Chief na een seizoen alweer van de buis gehaald, net als de spionageserie State of Affairs, waarin een kleine rol was weggelegd voor Alfre Woodard als de eerste vrouwelijke zwarte president.

Het lijkt erop dat Clinton - of een eventuele Republikeinse vrouwelijke presidentskandidaat - het vooral moet hebben van Veep, een door betaalzender HBO geproduceerde serie die al aardig wat seizoenen meegaat, veel prijzen won en alleen maar populairder wordt. Julia Louis-Dreyfus speelt Selina Meyer, in de eerste jaren van de serie vicepresident, later president van de Verenigde Staten. Ze is bepaald geen rolmodel: Meyer is narcistisch, opportunistisch en ronduit klunzig, net als de stafleden met wie ze zich omringt. Ze is ook geestig en gehaaid. In elk geval ondervindt ze geen hinder van het feit dat ze vrouw is; de makers van Veep lijken bewust haar mannelijke eigenschappen te hebben uitvergroot.

Veep mag dan een hilarische satire zijn, insiders in Washington beoordeelden de serie als behoorlijk waarheidsgetrouw - meer dan de dramaserie House of Cards, waarin Kevin Spacey als de machtswellustige president Frank Underwood de kijker door de duistere krochten van het politieke spel gidst. Overigens lijkt Underwoods vrouw Claire (Robin Wright) in de serie hard op weg zelf een gooi te doen naar het presidentschap.

Voorlopig is het dus behelpen met de voorbeeldvrouwen voor Clinton. Misschien schiet Hollywood Hillary te hulp. Er moet gejuich zijn opgegaan in haar campagneteam toen een paar weken geleden een showbizznieuwtje de ronde deed: actrice Sela Ward gaat de Amerikaanse president spelen in het langverwachte vervolg op Roland Emmerichs kaskraker Independence Day (1996), waarin een buitenaards leger de wereld bedreigt. Ward is daarmee de opvolger van Bill Pullman, nog altijd een van de geliefdste filmpresidenten. Zomer 2016 moet Independence Day 2 in de bioscoop komen, nog net op tijd voor de verkiezingen in september. Een vrouw die koelbloedig aliens van zich afslaat en de wereld redt: daarmee zou je de race kunnen winnen.

(Tekst loopt door onder trailer)

Wat leren films en tv-drama ons?

Een vrouw aan de macht? Dat is toekomstmuziek.
Er zijn bedroevend weinig films of televisieseries gemaakt waarin een vrouw president is van de Verenigde Staten. Veel daarvan spelen zich ook nog eens af in een verre toekomst. In Project Moonbase (1953) stuurt 'Madame President' een ruimteschip naar de maan. In The Woman Every Man Wants (2001) runnen vrouwen de wereld en in de flauwe komedie Iron Sky (2012) dreigen nazi's vanaf de maan de aarde te veroveren terwijl de Amerikaanse president zich vooral druk maakt om haar fitnessregime. Allemaal sciencefiction. Er wonen nog eerder nazi's op de maan dan een vrouw in het Witte Huis, lijken de films te zeggen.

Vicepresident, dat kan nog net.
Een vrouw kan wel een sterke vicepresident zijn, als het aan Hollywood ligt: denk aan Glenn Close in Air Force One of Joan Allen in The Contender. Het vicepresidentschap is dan ook voor een vrouw de geëigende route naar het hoogste ambt. Op het moment dat de (mannelijke) president het loodje legt of aftreedt, volgt zij hem op - in elk geval tijdelijk. Opmerkelijk veel fictieve vrouwelijke presidenten komen via deze sluiproute het Witte Huis binnen; zelfs de hyper-ambitieuze Selina Meyer in de tv-serie Veep. Niet omdat ze de presidentsverkiezingen wonnen. Dat is voor veel scenarioschrijvers nog een brug te ver.

Een mannelijke first lady is een probleem.
De eerste vrouwelijke Amerikaanse president brengt - als ze keurig getrouwd is - ook de eerste first gentleman met zich mee. Hilarisch is dat, volgens veel films en tv-series. Maar ook lastig, want zo'n man gaat zich maar vervelen. Van de ouderwetse komedie Kisses for My President (1964) tot de serie Commander in Chief (2005-2006) moeten vrouwelijke presidenten hun man tevreden zien te houden. Een wereldmacht leiden is leuk, je huwelijk redden nog belangrijker.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden