Heerlijk: op DGTL hoef je je niet schuldig te voelen over je ecologische footprint

DGTL, komend weekeinde in Amsterdam-Noord, heeft zelfs een speciale medewerker duurzaamheid en gedragsverandering.

Door Robert van Gijssel

Bij DGTL zijn ze begonnen eens heel anders naar het begrip afval te kijken.

Hoe feestelijk een pop- of dancefestival ook bedoeld mag zijn, de aanblik van een gemiddeld festivalterrein is vaak behoorlijk deprimerend. Binnen een uur na opening van het zo prachtig aangeklede muziekpark ligt de grond bezaaid met plastic bekers, borden, etensresten en andersoortig afval. Een vuilstortplaats kortom, waarop je dan nog een dag of drie van muziek zou moeten genieten.

Bij het driedaagse dancefestival DGTL, dat komend weekeinde wordt gehouden op het NSDM-terrein in Amsterdam-Noord, is de aanblik compleet anders. Het festival was al zes jaargangen lang vooruitstrevend op het gebied van duurzaamheid, maar schroeft zijn ambities dit jaar nog verder op. Op DGTL belanden in totaal 40 duizend bezoekers in een ‘circulair voedselsysteem’, dat in het geheel geen afval meer moet opleveren. Gegeten wordt straks bijvoorbeeld rond een composteermachine, die zowel voedselresten als afbreekbare borden en bestek onmiddellijk tot voedzame pootaarde verwerkt.

DGTL heeft iemand in dienst die zich fulltime heeft gestort op duurzaamheid, gedragsverandering van het publiek en technologische innovaties. Milan Meyberg is ‘revolution manager’ en van hem komt dus het idee van zo’n ‘circular food-court’. Geen grap of festivalgadget, maar een bloedserieus experiment dat in de toekomst, volgens Meyberg, veel meer dan alleen een festival kan dienen.

‘We zijn begonnen eens heel anders naar het begrip afval te kijken.’ Afval bestaat eigenlijk alleen in je hoofd, bedoelt hij. ‘Als je het puur ziet als een afgedankt gebruiksvoorwerp. Als je afval bekijkt als grondstof, zie je ineens mogelijkheden.’ Meyberg heeft om te beginnen alle materiaalstromen op het festival in kaart gebracht. ‘Een hele klus: al het papier, plastic, kartons, elke liter water, alle bouwmaterialen van de tenten. Als je weet wat er precies binnenkomt, kun je proberen er aan de uitgang wat mee te doen. De decorstukken en materialen voor de tenten kunnen natuurlijk worden hergebruikt. Maar dat kunnen de kleinere materiaalstromen ook: de etensresten die de bezoekers achterlaten, de spullen die ze gebruiken om te eten en zelfs dat wat ze achterlaten in de toiletten.’

DGTL voerde eerder al een ‘hard cup’-systeem in bij de bar: geen wegwerpplastic meer, maar statiegeld op harde bekers. ‘Daarna hebben we hetzelfde statiegeldsysteem ingevoerd bij plastic flesjes water, om minder afval te creëren.’ Nu is de catering aan de beurt. ‘Wat kun je maken van voedselresten als je die ziet als grondstof? Compost. Maar kun je tienduizend maaltijden per dag direct tot compost verwerken? Dat is best moeilijk, maar we gaan het proberen met een nieuwe composteermachine, die resten in 24 uur tot compost kan verwerken. Inclusief borden en bestek, die van composteerbaar materiaal zijn gemaakt.’

Dan zit je na het festival dus met een flinke compostberg. Maar ook die wordt circulair verwerkt. ‘De compost gaat naar een aantal stadsboeren rond Amsterdam. Die gebruiken de meststof voor gewassen die volgend jaar weer worden verwerkt in de maaltijden.’ Het systeem wordt komend weekeinde getest, zegt Meyberg. ‘En als het goed werkt, kan het ook prima worden ingezet bij schoolkantines, bij universiteiten of in winkelstraten.’

DGTL vraagt best veel van de bezoekers, geeft Meyberg toe. Twee jaar geleden al werd besloten geen vlees meer aan te bieden op het festival. ‘Wij vonden het hypocriet op een festival dat graag duurzaam wil zijn toch hamburgers te bakken. Omdat de productie van vlees enorm bijdraagt aan de klimaatverandering, meer nog dan de transportindustrie. Sommige bezoekers zeiden het best jammer te vinden dat er geen hamburgers te krijgen waren, maar inmiddels is die groep wel heel klein geworden.’

Goed voorbeeld doet goed volgen. ‘Omdat je ziet dat een schoon festival eigenlijk veel leuker is, en zelfs veiliger en dus beter voor jou als festivalbezoeker en voor de groep. Als wij op ons festival zo’n gedragsverandering tot stand kunnen brengen en andere festivals volgen, wil de nieuwe generatie straks niets anders meer, daar ben ik van overtuigd.’

Critici en festivalhaters kunnen denken: leuk, zo’n afvalvrij voedselsysteem. Maar wat te denken van het stroomverbruik en de vliegtuigen waarmee al die dj’s moeten worden aan- en afgevoerd? Meyberg: ‘We gebruiken groene stroom, en daarvan ook nog steeds minder. Omdat we her en der op het terrein ook werken met accu’s en een enkele generator die loopt op biodiesel, op basis van papierpulphars.’

Dan de vliegbewegingen en het bijbehorende kerosineverbruik. ‘Als je mij vertelt hoe we op een milieuvriendelijke manier dj’s van de andere kant van de wereld naar Amsterdam kunnen transporteren, luister ik. Soms moet je zeggen: nee, hier kunnen we niets aan doen. Maar hoe ver gaat dan onze verantwoordelijkheid?’

Werken met lokale dj’s? ‘Daar krijg je geen topfestival mee vol. Wat we wel kunnen doen: tegenwicht bieden aan de milieuschade die het transport oplevert. Er iets goeds tegenover zetten. En in de toekomst misschien zelf festivals organiseren die iets opleveren voor het recreatiegebied waar ze zijn gehouden. Wie weet kunnen we festivals houden die de omgeving blijvend beter maken? Bijvoorbeeld door extra stukken bos aan te leggen met het compost van een festival?’

Credit: 

DGTL: 30/3 t/m 1/4, Scheepsbouwloods en NDSM-terrein Amsterdam, met o.a. Maceo Plex, Eats Everything, Laurent Garnier, Cinnaman, Jeff Mills Modeselektor, Tale of Us.

DAM-prijs

Het streven naar duurzaamheid van het festival DGTL wordt serieus genomen, binnen en buiten de festivalwereld. Vanuit het buitenland wordt gekeken naar de innovaties van het festival, en bij de buitenlandse edities van DGTL probeert het festival ook zo klimaatneutraal mogelijk te werken. Vorig jaar won DGTL de DAM-prijs van de gemeente Amsterdam, een onderscheiding voor de duurzaamste ondernemer.